zondag 30 september 2018

Anna Karenina, Lev Tolstoj, deel II en III

Ik heb 20 oktober even overgeslagen en daarom bespreek ik hier mijn indrukken van deel II en III samen. Let op, ik heb misschien spoilers voor de mensen die het verhaal niet kennen (zijn die er? Vast wel).

De drie verhaallijnen worden verder uitgewerkt. We leren Anna kennen in het wereldje van Sint Petersburg, en de verschillende coterieën waar ze toe behoort.

Als je de boeken van Louis Couperus kent, is deze wereld van verschillende groepjes waar je visites aflegt en contacten onderhoudt, je niet vreemd. Al is Den Haag natuurlijk een provinciestad vergeleken met Sint Petersburg!

Anna en Vronski
Vronski is ook naar Sint Petersburg gekomen en slaat zelfs promoties af om maar bij Anna in de buurt te kunnen blijven.

In de kringen waar zij verkeren is er met een buitenechtelijke verhouding niks mis, zolang alle betrokkenen beseffen dat het om een pleziertje gaat en er verder niets mee gemoeid is. De verhouding tussen Vronski en Anna gaat echter heel wat verder en er is sprake van een grote passie. En dan wordt het pijnlijk en gênant gevonden door de beau monde.

De vraag komt bij mij boven waarom Anna en Vronski zoveel van elkaar houden, ze lijken weinig gemeenschappelijks te hebben. Is het alleen gebaseerd op uiterlijkheden? Anna is heel mooi en Vronsi is knap en charmant, maar is er nog méér tussen hen? Vronski lijkt vooral vrij oppervlakkig te zijn en heeft weinig innerlijke diepgang. Anna heeft dat misschien meer, maar begrijpen zij elkaar wel en houdt een liefde stand die alleen gestoeld lijkt te zijn op aantrekkingskracht en lust?

Anna’s echtgenoot, Karenin, is een stijve man, die zijn jongere vrouw niet goed begrijpt. Hij weet dat er gesproken wordt over haar en Vronski en keurt dit af, maar zolang er niets in de openbaarheid komt, wil hij haar niets verwijten.

Na de spannende steeplechase waarbij Vronski een ernstige val maakt, is er echter niets meer te verbergen. Anna’s geschokte reactie laat duidelijk merken hoe diep haar gevoelens gaan voor de man die niet haar echtgenoot is, en Karenin kan nu niets anders dan haar de wacht aanzeggen. Maar de verhouding kan niet zomaar worden stop gezet, zoals zal blijken.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik wel begrijp dat Anna niet zo heel dol is op haar echtgenoot die wat stijf en ouwelijk is, maar de grote afkeer die ze lijkt te voelen, is ook overdreven. Ja, Karenin is pedant en heeft afgepaste gewoontes en reacties en is daarmee heel anders dan de flamboyante Vronski met zijn romantische waas van avontuur en militaire uniformen, maar Karenin is geen slechte man en hij heeft Anna nooit slecht behandeld. Op dit moment in het verhaal voel ik begrip voor Karenin.

Kitty en Ljovin
Ondertussen gaat Kitty naar het buitenland om te kuren en te genezen van de teleurstelling die ze heeft moeten verwerken. Ze leert in het Duitse kuuroord andere Russen kennen en leert ook dat het leven misschien om meer draait dan alleen bals en schone schijn. Ze ziet van dichtbij hoe zorgen voor een ander met een opgewekt gemoed veel voldoening kan schenken. Dit is een ervaring die het jonge fladderaartje wat serieuzer kan maken. Dat gedweep tussen de meisjes onderling is dan wel weer heel 19e eeuws!

Ljovin likt zijn wonden op zijn landgoed, waar hij geniet van het werken tussen de boeren. Zijn oudere broer de schrijver komt bij hem logeren en samen voeren ze lange gesprekken over het leven en de Russische maatschappij. Ljovin is heel praktisch en ziet met eigen ogen hoe het leven op het platteland is, terwijl zijn broer verheven idealen koestert en weinig oogt heeft voor de werkelijkheid.

Je ziet steeds weer de tegenstelling tussen stad en platteland, tussen onecht en echt. Als Ljovin op bezoek gaat bij Dolly en ziet hoe zij geforceerd met haar kinderen omgaat en ze verplicht om Frans tegen haar te spreken, bedenkt hij dat dit een goede verhouding tussen ouders en kinderen niet ten goede komt. Hij neemt zich voor om dat zelf anders te doen met zijn eigen kinderen.

Heel menselijk vond ik ook dat Ljovin blij is als hij hoort dat Kitty ziek is geworden nadat Vronski haar heeft laten zitten. Een soort lekker puh, dat we ons allemaal goed kunnen voorstellen. Later beseft Ljovin dat hij zijn verbitterdheid moet laten gaan omdat hij gewoon nog van Kitty houdt, maar het is logisch dat dit niet van het één op het andere moment gaat.

Ik merk dat ik sommige stukken heel mooi vind, zoals de natuurbeschrijvingen, die ik heel Russisch vindt. De meeste Russische schrijvers lijken enorm veel van hun land te houden en bezitten de gave om het zo te beschrijven dat je de berkenbossen vóór je ziet en de zachte lentewind op je gezicht voelt.

Er zijn ook stukken waar ik wat minder geduld mee heb, zoals met het gezever tussen Vronski en zijn vriend die generaal is, en de ontmoetingen die Ljovin heeft met verschillende boeren en ik geef eerlijk toe dat ik die stukken wat sneller lees.

Hoe gaat het verder? Kan Ljovin zijn landgoed hervormen ondanks de stupiditeit van de meeste van zijn boeren? En welke beslissing nemen Vronski en Anna? We lezen verder met deel IV.

Mijn volgende stukje komt op 10 oktober.

Mijn bespreking van deel I HIER

vrijdag 28 september 2018

Vijf op vrijdag: 5x Romeinse trappen

Als je op reis gaat en foto's neemt, zie je thuis als je de foto's bekijkt opeens een thema opduiken. Dan blijkt dat je heel veel deurkloppers hebt gefotografeerd, of wasgoed aan de lijn, of vissersboten. In mijn geval kwam ik terug uit Rome en kwam ik tot de ontdekking dat ik blijkbaar trappen interessant vond.

Daarom vandaag vijf trappen in Rome. (en slechts één is van de Spaanse trappen!)




maandag 24 september 2018

Eva slaapt, Francesca Melandri

De geschiedenis van Zuid-Tirol zal bij de meeste mensen niet zo heel bekend zijn, niet in de laatste plaats bij de Italianen zelf. 

Na de Eerste Wereldoorlog werd Zuid-Tirol van Oostenrijk afgenomen en werd het deel van Italië. Aan de inwoners werd niets gevraagd, zij hadden het maar te accepteren, zoals op dat moment ook in andere gebieden in Europa opeens een andere nationaliteit gold.

Toen Mussolini aan de macht kwam, moest Zuid Tirol verplicht veritaliaansen. Voortaan was Duits spreken verboden en de plaatsnamen werden omgedoopt; de hoofdstad Bozen werd Bolzano en de streek werd voortaan Alto Aldige genoemd.

Na het bondgenootschap met Hitler, kregen de bergbewoners de kans om te vertrekken naar het Duitse rijk, of in Italië te blijven. Sommige vertrokken uit overtuiging, anderen gingen uit angst en voor de achterblijvers waren de motieven ook niet altijd eenduidig. Na de oorlog kwamen de wegtrekkers weer terug en nooit werd er uitgesproken waarom iemand was weggegaan of wat er tijdens de oorlog was gebeurd.

Ondertussen was de verhouding met Italië steeds slechter geworden. Alto Adige had het recht gekregen om weer Duits te spreken en te onderwijzen, maar het gevolg was dat veel inwoners geen woord Italiaans spraken en zich tegenover de overheid niet verstaanbaar konden maken.        

De inwoners van de dalen waren niet in staat om over de rand van de berg heen te kijken en hielden zich krampachtig vast aan oude gewoontes en gebruiken. Ze weigerden in te zien dat de Italiaanse staat iedereen met dezelfde onverschilligheid behandelde en bleven zich achtergesteld en gediscrimineerd voelen.

In de periode van de jaren zestig en vroege jaren zeventig mondde dit zelfs uit in terreur, er werden bommen geplaatst en aanslagen gepleegd. De Italiaanse staat reageerde fel en stuurde soldaten en carabinieri naar Alto Adige om het geweld te onderdrukken, wat alleen maar meer geweld opleverde.

Het is tegen deze achtergrond dat Francesca Melandri haar debuutroman Eva slaapt situeert.

Eva komt uit een familie die flinke wortels in Zuid Tirol heeft. Haar grootvader Herman liep achter de nazi’s aan en haar oom Peter is betrokken bij de terreurgroepen. Haar moeder Gerda is een bijzondere vrouw, die het presteert om zich op te werken als chef-kok in het hotel waar ze als zestienjarige is komen te werken en die het redt ondanks het feit dat ze een ongehuwde moeder is.

Gerda ontmoet Vito, een Carabinieri uit Calabrië, iemand die haar gelukkig maakt en die een vader kan en wil zijn voor de kleine Eva. Maar de situatie op dat moment zorgt ervoor dat ze niet samen verder kunnen. Zijn familie weigert het te accepteren en volgens de regels zou hij niet langer bij de Carabinieri kunnen blijven.

Gerda en Vito gaan uit elkaar, en Eva ziet Vito pas jaren later terug. Dat is namelijk de andere verhaallijn, de treinreis die Eva maakt van Alto Adige naar Calabrië om Vito op te zoeken. Er is een reden dat schrijvers twee verhaallijnen afwisselen, als het goed gedaan wordt, werkt het namelijk uitstekend. En dat is hier ook het geval.

Altijd met nuance, altijd met mededogen en begrip wekt Francesca Melandri haar hoofdpersonen tot leven. En tegelijkertijd weet ze een bijzonder stuk (politieke) geschiedenis in haar verhaal te verwerken en laat ze zien dat beslissingen die door politici aan de schrijftafels worden genomen invloed hebben op de gewone mensen.

Mooi wordt ook duidelijk dat mensen zich nu eenmaal verbonden voelen met hun geschiedenis en hun taal en dat dit heel sterk kan leven in een regio, zoals we overal in Europa zien. Dat gezegd hebbende, heb ik niet zo heel veel sympathie gekregen voor deze bekrompen bergbewoners die net zo afgesloten lijken te zijn als hun dalen.  

Mijn enige bezwaar tegen dit boek is dat het einde wat minder goed uitgewerkt is, ik had hier graag iets meer uitdieping gezien. Maar dat is een klein punt in een verder uitstekend geschreven en zeer interessant boek over een niet zo heel bekend stukje geschiedenis van Italië.

Originele Italiaanse titel: Eva dorme (2009)
Nederlandse uitgave 2011 door uitgeverij Cossee
Nederlandse vertaling A. Habers
Bladzijdes: 373

vrijdag 21 september 2018

Caravaggio in Rome, deel II

Naast de Caravaggio's die in Rome in de kerken hangen, zijn er verschillende werken te bewonderen in een aantal musea in Rome. Ik heb deze keer de Vaticaanse musea en de Galleria Borghese niet gezien, maar wel de vier andere musea waarin in totaal negen schilderijen van Caravaggio te vinden zijn.

Hieronder mijn (verre van volledige) overzicht.

Capitolijnse musea
De Capitolijnse musea hebben een schitterende collectie, maar in dit geval ging ik eigenlijk alleen maar voor deze twee schilderijen. Ook de moeite waard!

De waarzegster (1594)
Dit is een van de vroege schilderijen van Caravaggio, maar hierin laat hij al een paar dingen zien die hem zo anders maakten dan de andere schilders. Hij schilderde echte mensen en gebruikte modellen van de straat, en maakte geen verheven idealistisch tafereel. Hier zie je een jongeman wiens hand wordt gelezen door een zigeunerin. Maar terwijl hij helemaal in haar ban is, rolt zij zijn ring.
Er is nog een tweede versie van dit schilderij in het Louvre.

Johannes de Doper (1602)
Johannes de Doper was een belangrijke figuur in de Bijbel. Hij was degene die in de woestijn zat en zich voedde met sprinkhanen en wilde honing, en hij is degene die Jezus, zijn neef, heeft gedoopt. In de kunst wordt hij meestal afgeschilderd als een baby die met baby Jezus speelt (terwijl Maria en Elizabeth toekijken), of als als volwassene terwijl hij Jezus doopt.

In dit geval heeft Caravaggio ervoor gekozen om Johannes af te beelden als een jongeman, zonder de gebruikelijke parafernalia die Johannes de Doper meestal bij zich heeft.
Het bleek een populair thema te zijn, want er zijn meerdere kopieën gemaakt, door andere schilders, maar ook door Caravaggio zelf. Toch bleek de manier van afbeelden niet helemaal overeen te komen met de ideeen die de kerk had over hoe Johannes de Doper gezien moest worden en het leverde Caravaggio dan ook geen kerkelijke opdrachten op.

Deze versie van Johannes de Doper werd gemaakt in opdracht van een goede vriend van Caravaggio, de edelman Ciriaco Mattei, die bekend stond als een kunstverzamelaar.

Galleria Doria Pamphilj
Dit is een schitterend museum, maar ik zal binnenkort een bespreking geven over het museum zelf.  Nu dus alleen de drie Caravaggio's van de collectie.

Boetvaardige Maria Magdalena (1597)
Maria Magdalena was een geliefd onderwerp in de kunst en ook Caravaggio heeft haar geschilderd, waarschijnlijk in opdracht van Pietro Vittrice, de kamerheer van paus Gregorius XIII. Later is het in de handen gekomen van de familie Doria Pamphilj.

Bijzonder is dat Caravaggio Maria Magdalena hier heeft afgebeeld in moderne kleding, als een hedendaagse Romeinse courtisane. Ze zit in een houding die doet denken aan een Pièta, als Maria haar dode zoon in haar armen houdt en naast haar staat het flesje olie waarmee Jezus is gezalfd en liggen de juwelen neergeworpen alsof ze geen waarde meer hebben.

Caravaggio's Maria Magdalena brengt haar nadrukkelijk naar zijn hedendaagse tijd om de toeschouwer te laten invoelen dat er een directe verbinding is tussen heden en verleden.

Rustpauze op de weg naar Egypte (1597)
Caravaggio gebruikte wel onderwerpen en thema's die bekend en populair waren, maar hij gaf er altijd een eigen draai aan en schilderde ze altijd op een originele manier. Ook bij dit onderwerp kiest hij een nieuwe invalshoek. De vlucht van Maria en Jozef naar Egypte werd vaak afgebeeld, maar in dit geval voegt Caravaggio er een engel aan toe die hen verpoost met vioolspel. De oude Jozef kijkt in stille verwondering naar de Engel, terwijl hij de bladmuziek voor hem ophoudt.

Caravaggio heeft hier geen muziek bedacht, maar heeft hier een bestaand muziekstuk van de Vlaamse componist Noel Bauldeweyn, weergegeven, een motet Quam pulchra es, (hoe mooi ben jij), dat is opgedragen aan Maria. Er worden in het Palazzo Doria Pamphilj soms concerten georganiseerd waarop dit muziekstuk gespeeld wordt.

Waarschijnlijk is dit schilderij gemaakt in opdracht van kardinaal Francesco Maria del Monte, die lange tijd als Caravaggio's beschermheer heeft gefungeerd.
Leuk en pikant is dat het heel waarschijnlijk is, hoewel dus beslist niet zeker, dat het model voor Maria hetzelfde meisje is dat in het vorige schilderij Maria Magdalena uitbeeldde.

Johannes de Doper (1602)
Dit is een kopie, gemaakt door Caravaggio van zijn eerdere schilderij van Johannes de Doper.

Palazzo Barberini
Het Palazzo Barberini is één van mijn favoriete musea en ik verwijs jullie graag naar een bespreking van dit museum en het Palazzo Corsini die ik al eerder eens heb geschreven (HIER te vinden).

In dit artikel dus alleen de Caravaggio's die in deze twee musea hangen. In het Palazzo Barberini hangen er drie, in het Palazzo Corsini hangt er één.

Judith onthooft Holofernus ( 1598)
Het boek Judith maakt deel uit van de Deutercanonieke boeken. Hierin staat het verhaal van het jonge Joodse meisje Judith, die haar volk redde door de Syrische generaal Holofernus te verleiden en daarna te onthoofden. Het is door meerdere kunstenaars gebruikt, want het is een heel dramatisch verhaal en daarmee bij uitstek geschikt om door Caravaggio geschilderd te worden.

Hij heeft waarschijnlijk zijn eigen getuigenis van de onthoofding van Beatrice Cenci enkele jaren eerder gebruikt om het zo realistisch mogelijk te maken.

Het model dat Judith uitbeeldt, is vaker te zien op de schilderijen van Caravaggio, zij was de courtisane Fillide Melandroni en zij moet absoluut beeldschoon geweest zijn.
Je ziet heel goed op haar gezicht de afschuw die Judith gevoeld moet hebben bij haar verschrikkelijke taak, iets dat dit schilderij bijzonder indrukwekkend en huiveringwekkend maakt.

Dit werk is blijkbaar enkele jaren verdwenen geweest, maar maakt sinds 1950 deel uit van de collectie in het Palazzo Barberini.

Narcissus (1599)
Het schijnt dat Caravaggio maar enkele keren een thema gebruikte uit de klassieke oudheid, en dit is er één van. Hij schildert hier Narcissus, die verliefd op zijn eigen spiegelbeeld, zichzelf niet los kan rukken van de vijver waarin hij zichzelf weerspiegeld ziet.

Sint Franciscus in gebed (1602?)
Franciscus was één van de populairste heiligen van de Middeleeuwen en ook in de eeuwen erna bleef hij overminderd in de belangstelling staan. Caravaggio schildert de heilige hier in alle soberheid en armoede. Geen stigmata om de heiligheid aan te geven, wel een gescheurde en kapotte pij.

De exacte datum van dit werk kan bijna niet vastgesteld worden, aangezien er ook andere versies zijn die misschien wel of niet van Caravaggio zijn. In een rechtszaak uit 1603 verklaart de schilder Orazio Gentileschi echter dat hij Caravaggio een pij heeft uitgeleend als accessoire en het lijkt om deze pij te gaan. Daarmee is het schilderij mogelijk iets eerder gemaakt dan 1603.

Het schilderij hing in de San Pietro kerk in Carpineto Romano in Rome, maar hangt nu in het Palazzo Barberini.

Palazzo Corsini
Johannes de Doper (1604)
Opnieuw een versie van Johannes de Doper, opnieuw zonder alle parafernalia die Johannes de Doper altijd bij zich heeft. Bijzonder is dat het geen afbeelding is van een geïdealiseerde jongeman, maar iemand die overduidelijk de bruine handen en armen en de bleke torso heeft van iemand die veel buiten werkt. Een levensecht figuur dus, iemand waarmee de gewone mensen zich konden identificeren, zoals dat bij Caravaggio eigenlijk altijd het geval is.

Ik denk dat deze schilderijen laten zien dat Caravaggio één van de grootste schilders ooit was. Hij gebruikte weliswaar populaire en bekende onderwerpen, maar gaf hier altijd zijn eigen originele draai aan en schilderde op zijn eigen manier die je tot op de dag van vandaag, vierhonderd jaar na dato, nog altijd raakt.

Ikzelf heb een voorkeur voor zijn religieuze onderwerpen en mijn favorieten zijn de schilderijen van Sint Franciscus, Judith die Holofernus onthoofdt en Maria Magdalena. Caravaggio maakt dat ik helemaal stil en ontroerd voor een schilderij kan staan. En in een zaal vol werken, vallen die van hem altijd op door hun kracht.

Heel bijzonder vind ik het om zoveel mooie werken in werkelijkheid gezien te mogen hebben en wat een heerlijk idee dat er nog een aantal musea over zijn waar ik nog niet ben geweest!

maandag 17 september 2018

Archipel van de hond, Philippe Claudel

In de Middellandse zee ligt een archipel van kleine, bijna onherbergzame eilanden. Van bovenaf lijkt het op een hond, vandaar de naam.

Het leven op de eilanden is hard, net zoals het vulkanische gesteente waar ze uit bestaan. De huizen in de vulkanische rots zijn tot werelderfgoed verklaard, waardoor het niet mogelijk is om ze aan te passen en geriefelijker te maken, om van moderne gemakken als antennes voor televisie en computers maar te zwijgen.

Er woont een handjevol vissers, en verder is er een Burgemeester, een Dokter, een Pastoor en een Onderwijzer en daarmee zijn de gezagsdragers vertegenwoordigd.

De Pastoor is grotendeels van zijn geloof gevallen en bekommert zich vooral om zijn bijen. Zijn preek tijdens de Mis is een combinatie van mededelingen, herinneringen aan zijn tijd op het seminarie en verhalen over zijn bijenkasten.

De Dokter heeft ook niet zoveel te doen. De meeste vissers zijn gewend om kleine dingen gewoon zelf op te lossen en voor de grote zaken heeft de Dokter maar heel beperkte behandelmogelijkheden.

De Burgemeester maakt zich vooral druk om een groot bedrijf dat op het eiland een Thermen wil bouwen, voor mensen die baat hebben (of menen te hebben) bij de geneeskrachtige dampen van de vulkaan. Dit project zou werkgelegenheid naar het eiland brengen en een nieuwe toekomst. Want iedereen weet eigenlijk wel dat het een aflopende zaak is op het eiland en dat men zich wanhopig aan de rotsen vastklampt om niet te verdrinken.

En dan is er nog de Onderwijzer, die het handjevol kinderen les geeft. Zijn grote probleem is dat hij niet van het eiland komt, en dus altijd de buitenstaander is. Iemand die je nooit helemaal kunt vertrouwen.

Op een ochtend wordt er een verschrikkelijke ontdekking gedaan. Aan het strand zijn drie lijken aangespoeld. Geen vissers van het eiland, geen bekenden waar je om moet rouwen en waar je medelijden met de familie moet hebben.

Drie onbekenden zijn aangespoeld, drie zwarte mannen uit Afrika, die de overtocht hebben gewaagd in wrakke boten en daarvoor met hun leven hebben betaald.

Om het Consortium dat de Thermen wil bouwen niet af te schrikken en daarmee de toekomst van het eiland in gevaar te brengen, wordt het besluit genomen om de drie lichamen te laten verdwijnen in één van de diepe putten in de bergen. Op die manier weet niemand iets en kan iedere betrokkene doen alsof er niets gebeurd is.

Maar de Onderwijzer kan het niet loslaten. Hij wil weten waar de mannen in het water terecht zijn gekomen en met welke stroming ze daar aan land zijn gekomen. Precies het gedrag dat je van een stomme buitenstaander kunt verwachten. Iemand die geen loyaliteit kent en niet weet wat er nu wel en niet belangrijk is. De andere samenzweerders zien het met lede ogen aan en wachten gespannen af hoe ver de Onderwijzer zal gaan.

De bevindingen van de Onderwijzer en de komst van een Commissaris zetten gebeurtenissen in gang die niemand meer kan stoppen, maar waarbij duidelijk is dat het eiland verdoemd is.

Het is geen wonder dat Philippe Claudel één van mijn favoriete schrijvers is. De manier waarop hij mensen en hun motieven weet neer te zetten is zo ontzettend mooi. Ook in dit boek laat hij de situaties zien en hoe de mensen erop reageren. En hoewel ze zichzelf vertellen dat ze handelen uit nobele motieven, weten wij dat er lafheid en angst onder zit. En dat weten ze natuurlijk zelf ook.

Maar het slechtste weten van de mensen wil nog niet zeggen dat je hen veroordeelt, want ergens begrijp je het ook wel weer. Het is menselijk gedrag. Weliswaar gedrag op zijn slechtst, maar menselijk desalniettemin.

Om in zo'n kleine gemeenschap te kunnen overleven, waar het leven hard en ongewis is, moeten de rangen gesloten zijn en zijn er sociale mores waar je je aan moet houden. Dan is loyaliteit aan de eigen groep het belangrijkste. Het is gemakkelijker iets slechts te geloven van mensen die er toch al niet bij hoorden, dan toe te geven dat iemand uit je eigen gelederen een misdadiger is. Het is beter je af te keren van de vreemde, dan van je naaste die op jou lijkt.

Vreemdelingen die inbreuk maken op het gewone leven spelen een belangrijke rol. Het zijn aangespoelde vreemdelingen waar toch niemand om geeft en waar het dus niet nodig is om ze als mensen te zien.

Maar het is ook de vreemdeling die er niet bij hoort en als enige het aandurft om vragen te stellen en op eigen houtje iets te ondernemen. En dan krijg je de meute die wordt opgehitst en daarna de onvoorziene gevolgen die niet onverwacht waren. Philippe Claudel legt het allemaal bloot en laat zien hoe de gebeurtenissen in elkaar grijpen en hoe het een volgt op het andere.

Archipel van de hond is opnieuw een prachtige roman van Philippe Claudel, die de mens genadeloos weergeeft en je vragen laat stellen bij je eigen motieven. Daarbij legt hij het er niet dicht bovenop, maar blijft er veel onbenoemd. Dat de personen in dit geheel vooral bij hun bijnamen genoemd worden, maakt hen bijna tot archetypen die op ons allemaal kunnen slaan.
Een bijzonder boek.

Originele Franse titel: L'Archipel du Chien (2018)
Nederlandse uitgave 2018 door uitgeverij de Bezige Bij
Nederlandse vertaling door Manik Sarkar
Bladzijdes: 237

vrijdag 14 september 2018

Vooruitblik tentoonstellingen herfst en winter 2018-2019

De herfst en de winter komen er weer aan en daarmee de regen, de wind en de kou. Maar niemand hoeft te treuren want de musea in Nederland hebben hun best gedaan om in de komende maanden een ongelofelijke hoeveelheid diverse tentoonstellingen samen te stellen. Voor elk wat wils en je hoeft geen moment te vervelen!

De laatste Impressionisten in het Singer museum in Laren
Met de laatste Impressionisten wordt in Frankrijk de laatste grote stroming bedoeld die haar inspiratie uit de natuur haalde. Het zijn de zogenaamde Intimisten die een tafereel schilderden met een beetje een roze bril. Mooi, maar met de hint dat er nog iets achter zit.

Een aantal van de kunstenaars die bij deze groep hoorden, kwamen bijeen in de kunstenaarsvereniging Société Nouvelle de Peintres et de Sculpteurs, die van 1900 tot 1915 bestond. Een keer per jaar werd er een tentoonstelling gehouden, die over het algemeen goede kritieken ontving. In Laren zijn de komende maanden de werken te zien van deze laatste Impressionisten, waaronder Gastn la Touche, Emile Claus en Henri Martin.
René-Xavier Pinet
4 september 2018- 2 december 2018
Meer informatie HIER

Pure Rubens in het Boymans van Beuningen museum in Rotterdam
Peter Paul Rubens maakte voorstudies voor zijn schilderijen door het maken van schetsen in olieverf. Dit is een ongebruikelijke keuze, maar de waardering voor deze schetsen werd steeds groter, ze worden beschouwd als kunstwerken op zich. 

Het Prado in Madrid en het Boymans van Beuningen hebben elk een grote en unieke collectie van olieverf schetsen van Rubens en voor deze tentoonstelling zijn die samengebracht, samen met werken uit andere musea uit de wereld. In de tentoonstelling zijn zo’n 65 schetsen te zien, die een schitterend overzicht geven van het oeuvre van Rubens.
Rubens
8 september 2018-13 januari 2019
Meer informatie HIER

Giacometti-Chadwick, facing fear in De fundatie in Zwolle
Alberto Giacometti en Lynn Chadwick zijn twee van de belangrijkste beeldhouwers van de 20e eeuw. Waar Giacometti de mens terugbrengt tot de uiterste essentie, is het kenmerk van Lynn Chadwick’s sculpturen hoekigheid. Beiden geven uiting aan de nieuwe manier van kijken naar de mens en de maatschappij in de jaren ’50, die gekenmerkt werden door de angst voor de atoomoorlog.

In deze tentoonstelling wordt met 150 werken de verbindingen getoond die tussen het werk van deze twee kunstenaars bestaat.
Lynn Chadwick
21 september 2018- 6 januari 2019
Meer informatie HIER

Gaugain en Laval op Martinique in het van Gogh museum in Amsterdam
Gaugain en Laval trokken samen naar Martinique, in de hoop op dit eiland iets te vinden wat ze in Parijs niet konden vinden. In deze tropische omgeving schilderden ze bijzondere schilderijen vol warmte en kleur. In deze tentoonstelling zijn voor het eerst niet alleen hun werken samengebracht, maar zijn ook de voorstudies te zien.
Paul Gaugain
5 oktober 2018-13 januari 2019
Meer informatie

Leonardo da Vinci in het Teylers museum in Haarlem
Het Teylers museum heeft al eerder grote Renaissancekunstenaars in het zonnetje gezet, maar nu komt dan eindelijk de meest veelzijdige aan de beurt: Leonardo da Vinci. Zo’n twee jaar is men bezig geweest om verschillende musea in instellingen in de wereld over te halen om werken in bruikleen te geven en nu is het dan eindelijk gelukt. 

Niet alleen 30 tekeningen van Leonardo da Vinci zelf komen naar Haarlem, maar ook nog 30 van zijn tijdgenoten. Een prachtige tentoonstelling die als eerste aandacht geeft aan het feit dat het in 2019 500 jaar geleden is dat Leonardo da Vinci is overleden.

5 oktober 2018- 6 januari 2019
Meer informatie HIER

Relieken in het Catharijneconvent in Utrecht
Relieken zijn overblijfselen waar bijzondere krachten aan toegekend worden. Relieken kunnen religieus zijn, vooral binnen de Katholieke kerk zijn relieken bekend, maar ook in andere religies zoals de Islam of het Boeddhisme komen relieken voor. Tegelijkertijd kunnen overblijfselen van popidolen of andere grootheden verheven worden tot relieken.

In deze tentoonstelling zijn verschillende relieken te zien, maar wordt ook gekeken naar de mensen die erin geloofden, welke ideeën erachter zitten en wat het belang van relieken is. Kortom, alle aspecten van relieken komen aan bod.

12 oktober 2018-3 februari 2019
Meer informatie HIER

Jan Sluijters de wilde jaren in het Noordbrabants museum in Den Bosch
De in Brabant geboren Jan Sluijters zat in zijn jonge jaren in Parijs (welke kunstenaar niet?), waar hij interesse had voor alle kunststromingen die daar toen ontstonden of bezig waren. Deze invloeden zorgden ervoor dat hij een veelzijdig en invloedrijk kunstenaar werd, die veel heeft betekend voor de kunst in Nederland.

In deze tentoonstelling wordt niet alleen beeld gegeven van Jan Sluijters zelf, maar wordt hij ook geplaatst in de context van zijn tijdgenoten zoals Leo van Gestel of Kees van Dongen.


17 november 2018- 7 april 2019
Meer informatie HIER

Rembrandt en Saskia in het Fries museum in Leeuwarden
Deze tentoonstelling gaat over Rembrandt van Rijn die in 1634 met de Friese Saskia trouwt. Niet alleen wordt er aandacht besteed aan Rembrandt zelf en de tekeningen waarvoor Saskia poseerde, maar het huwelijk wordt ook in het grotere geheel van de Gouden Eeuw gezet. Er is aandacht voor de bezoeken van het echtpaar aan Friesland en het trieste leven dat Saskia had, van haar vier kinderen overleefde er maar één en zelf overleed ze toen ze pas dertig jaar oud was.

24 november 2018-17 maart 2019
Meer informatie HIER

David Lynch in het Bonnefantenmuseum in Maastricht
David Lynch kennen de meesten van ons waarschijnlijk vooral als filmmaker, vooral Twin Peaks is dan het eerste waar je aan denkt. Maar David Lynch is ook een kunstenaar en was zelfs beeldend kunstenaar voor hij aan filmen begon.

In Maastricht is er een zeer diverse overzichtstentoonstelling te zien met zowel schilderijen, sculpturen, installaties en vroege films van deze bijzondere Amerikaanse kunstenaar.
David Lynch aan het werk
30 november 2018-24 april 2019
Meer informatie HIER

En plein air, 100 jaar buiten schilderen in het Singer museum in Laren
Eeuwenlang konden schilders niet buiten schilderen, maar in de 19e eeuw veranderde dit, vooral door de komst van verf in tubes. Schilders trokken massaal naar buiten om de landschappen te schilderen waar ze op dat moment waren.

De  School van Barbizon was de eerste stroming hierin, met schilders als Daubigny en Millet, maar ook de Nederlandse schilders trokken naar buiten, zoals Anton Mauve en Jozef Israels.
De tentoonstelling die al deze prachtige landschappen laat zien is samengesteld met werken uit de eigen collectie van het Singer museum.
Claude Monet
11 december 2018-14 april 2019
Meer informatie: HIER

Nubie, het land van de zwarte farao’s in het Drents museum in Assen
Een bijzondere samenwerking in Drenthe, namelijk met het Museum of Fine arts in Boston dat zo’n 300 objecten van hun Nubische collectie uitleent aan het Drents museum voor deze tentoonstelling. De tentoonstelling gaat over de Nubische heersers die zelfs Egypte hebben geregeerd.

De collectie bestaat uit voorwerpen uit de periode 2400 voor Christus tot 350 na Christus, uit het gebied van Zuid Egypte en het huidige Soedan. Bijzonder vooral zijn de vondsten uit het graf van koning Taharqo en het geeft een mooi beeld van deze niet zo heel bekende beschaving.

16 december 2018-5 mei 2019
Meer informatie HIER

Utrecht, Caravaggio en Europa in het Centraal museum in Utrecht
Het zal niemand verbazen dat dit de tentoonstelling is waar ik het meest naar uitkijk! Niet alleen komen er allerlei tijdgenoten en volgelingen van Caravaggio aan bod, de Vaticaanse musea lenen zelfs een topstuk uit aan het Centraal museum. De graflegging van Caravaggio komt voor de eerste vier weken van de tentoonstelling naar Utrecht, heel bijzonder aangezien dit de eerste keer is dat dit werk in Nederland te zien is.

Verder zullen er werken te zien zijn van de vele schilders die naar Rome gingen om te schilderen in de stijl van Caravaggio, zoals bijvoorbeeld Gerard van Honthorst, zodat we goed kunnen zien in hoeverre Caravaggio hen beinvloedde of hoe ze juist hun eigen achtergrond erin brachten. Zo’n zestig werken uit verschillende musea en kerken uit de hele wereld zijn hier bijeengebracht.
Caravaggio
16 december 2018-24 maart 2019                      
Meer informatie HIER

woensdag 12 september 2018

Zomerse parasols

Niet veel zegt zo duidelijk zomer en ontspannen als deze parasols
aan de Middellandse zee in Nice.
Oktober 2017

maandag 10 september 2018

Anna Karenina, Lev Tolstoi (deel I)


Anna Karenina is één van de grootste klassiekers in de wereldliteratuur, en een onbetwist hoogtepunt van de Russische literatuur.

Ik heb enkele jaren terug het boek gelezen, in de vertaling van Wils Huisman. Op de een of andere manier kon het boek me destijds niet heel erg bekoren en viel het me erg tegen.

Ik denk dat dit een combinatie was van mijn eigen verwachtingen, het moment waarop ik het las en misschien de vertaling. Die van meneer Huisman is keurig, maar de nieuwe, moderne vertaling van Hans Boland leest ontzettend prettig en vloeiend en dat scheelt toch wel.

Ik heb dan ook zonder moeite al een deel gelezen en hier volgen een paar impressies.

Eerste indrukken
Wat meteen opvalt is dat de namen iets anders zijn dan in sommige andere vertalingen, Levin is Ljovin geworden en Leo Tolstoi is Lev Tolstoi. Daarmee is het allemaal net iets Russischer, wat de sfeer ten goede komt (al is het soms even wennen).

Ik zie nog niet de lange monologen zoals je die in Dr Zjivago wel hebt, waarbij iemand iets zegt als: ‘U wilde weten hoe dat zat? Nou, ik kan u vertellen…’ Misschien komen ze nog, maar dat is even afwachten.

Tolstoi schrijft prachtig, vol rijke details die de periode tot leven wekken, zoals het vouwbeen dat Anna bij zich heeft om bladzijdes van een boek open te snijden, maar ook de adel die op reis gaat met tientallen bediendes.

Personen en tegenstellingen
In het eerste deel maken we meteen kennis met de belangrijkste personen en krijgen we de eerste indrukken van hun karakter.

Mooi hoe er meteen een paar tegenstellingen duidelijk worden. De oppervlakkige Prins Stephan Oblonski (Stiva) en zijn vriend Konstantin Ljovin bijvoorbeeld.

Als het boek begint is zijn vrouw Dolly er net achter gekomen dat Stiva een affaire met de gouvernante heeft gehad. Stiva is een zwakke man die het vooral plezierig wil hebben. Hij geniet van mooie dingen en lekker eten en wil zoveel mogelijk plezier hebben. Onrust en twisten verstoren zijn aangename leventje en hij zit er dan ook een beetje mee dat zijn vrouw nu zo boos op hem is. Het is niet de affaire die hem dwars zit, maar het feit dat zijn boze echtgenote zijn rust verstoort.

Waar Stiva opgewekt en oppervlakkig is, is Ljovin zwaar op de hand en serieus. Hij voelt zich niet erg thuis in de mondaine wereld van Moskou, maar zou liever op zijn landgoed zijn. Hij is echter in Moskou omdat hij het meisje op wie hij verliefd is ten huwelijk wil vragen. Het gaat hier om Katharina (Kitty) Sjerbatski, de zus van Dolly.

En dan is er de tegenstelling tussen Anna Karenina (de zuster van Stiva) en Kitty. Anna is getrouwd en heeft een zoontje en wordt in de hoogste kringen bewonderd om haar schoonheid, intelligentie en tact.
Kitty daarentegen is een jong meisje van achttien, nog maar net uit in de grote wereld, die furore maakt op de bals in Moskou en geniet van de aandacht. Ze is verliefd op Graaf Vronski. Ze hoopt dan ook dat hij haar ten huwelijk zal vragen en wijst het aanzoek van Ljovin af.

Alexei Vronski is een aangename jongeman, geliefd bij iedereen. Hij vond Kitty aardig en genoot van de aandacht die ze hem schonk, maar een huwelijk zat er wat hem betreft niet in. Verliefd worden op de bekoorlijke Anna zat ook niet in de planning, maar het overkwam hem als een wervelstorm waar niets tegen bestand was.

Kitty wilde de attenties en de liefde van Vronski en kreeg ze niet, Anna was er niet naar op zoek, maar kreeg ze wel. Tolstoj zet hier dus een paar mensen tegenover elkaar en we krijgen al een paar vooruitwijzingen naar verwikkelingen die nog komen.

Vronski is is knap, intelligent en vriendelijk, rijk en charmant en het gaat hem voor de wind. Maar hij is ook iemand van de conventie, iemand die niet van zijn moeder houdt, maar doet alsof omdat dat nu eenmaal zo hoort.
Het zal dus interessant zijn om te zien wat Vronski doet als de omstandigheden voor hem wat minder fijn en prettig worden. Het is gemakkelijk om aardig en charmant te zijn als het allemaal goed gaat, maar hoe blijft je karakter overeind als het mis gaat?

Moskou en Sint Petersburg, stad en platteland
Het verschil tussen Moskou en Sint Petersburg wordt al een beetje aangestipt, als twee verschillende werelden. De uitgestrektheid van Rusland wordt ook duidelijk, de reis tussen Sint Petersburg en Moskou duurt langer dan een dag en men neemt de slaaptrein.

Mooi ook het verschil tussen stad en platteland. De stad vol vluchtig plezier en klatergoud, terwijl Ljovin op zijn landgoed geniet van een pasgeboren kalfje en de hond die aan zijn voeten slaapt. Het eerlijke platteland tegenover de onechte stad in een paar scenes beschreven en neergezet, om later uitgewerkt te worden.
  
De treinen spelen al vanaf het begin een grote rol, zo leren Anna en de moeder van Vronski elkaar kennen in de trein en op het station van Moskou, komt er een spoorwegwerker om onder de wielen van de trein. Voor wie het verhaal kent, dit is een voorbode voor wat er nog komen gaat.

Kortom, er is al veel om van te genieten. Ik vind de afwisseling in personages en gebeurtenissen prettig en je hebt niet in de gaten dat je nog 900 bladzijdes moet. De vertaling leest vlot en vloeiend zonder al te modern te zijn, want het tijdsbeeld blijft moeiteloos overeind.

Mijn volgende stukje over deel II en III komt op 30 september (dus ik sla 20 september even over)

zondag 9 september 2018

Klassieker op zondag (12/18)

Afgelopen vrijdag had ik een heel vreemde middag op mijn werk, toen bepaalde zaken opeens heel anders bleken te zijn dan voor de vakantie het geval was, met een hoop stress en onduidelijkheid tot gevolg.
Gelukkig had ik een kortingsbon en ik heb mezelf dan ook getrakteerd op Anna Karenina, in de nieuwe vertaling van Hans Boland.

En omdat ik er gewoon zin in had, heb ik besloten deze maand en volgende maand mee te doen met #wijlezenanna, georganiseerd door Barbara van Lalagè leest. Zij leest samen met een aantal andere bloggers en nu dus ook ikzelf, samen Anna Karenina. Meer informatie hierover is HIER te vinden.

Ik ben gisteren begonnen en heb zonder moeite de eerste 150 bladzijdes gelezen. Ik denk dat ik vandaag nog een stuk verder kom. De nieuwe vertaling is geweldig. Ik heb de oudere vertaling van Wils Huisman en die is goed, maar de moderne vertaling van Hans Boland leest ontzettend prettig en ik denk dat zoiets bijdraagt aan het plezier dat je aan een boek kan beleven.

Heerlijk om helemaal onder te duiken in een klassieker!

vrijdag 7 september 2018

L' Avenir (2016)

Nathalie is een docente filosofie op een middelbare school in Parijs, ook haar man is docent filosofie, al is hun benadering volkomen anders. Nathalie wil dat haar leerlingen zelf leren nadenken, haar man Heinz bullebakt zijn leerlingen in de hoek. Nathalie heeft twee bijna volwassen kinderen en schrijft verder filosofiemethodes voor het onderwijs. Ze heeft een vol en rijk leven. 

Maar er zijn ook problemen, zo heeft ze een veeleisende moeder die haar tientallen keren per dag belt en als ze niet snel genoeg opneemt, belt haar moeder de brandweer. Op die manier heeft ze weer even aandacht en hulp. Die situatie is dus bijna onhoudbaar en Nathalie heeft weinig keuze dan haar moeder op te laten nemen in een tehuis. Het gevolg is wel dat Nathalie de zorg krijgt over haar moeders  zwarte kat Pandora.

Ondertussen heeft haar echtgenoot aangekondigd dat hij haar verlaat voor zijn jongere vriendin en wil de uitgeverij haar boeken alleen nog in een nieuwe spetterende editie uitgeven en uiteindelijk zelfs helemaal niet meer omdat filosofie toch niet genoeg verkoopt. En dan overlijdt haar moeder.

Ik vond het heel mooi hoe in deze film duidelijk wordt dat het leven nooit stil staat, de tijd gaat door, mensen veranderen en dat is maar goed ook. En ondertussen moeten we kijken wat de beste manier is om het leven zin te geven. Wat ook weer de kernvraag is van filosofie.
Nathalie (Isabelle Huppert) geeft les 
Zo heeft Nathalie haar communistische en radicale fase gehad in 1968, maar heeft daar nu geen behoefte meer aan, daartegenover staat haar man die stil is blijven staan en nog altijd dezelfde reactionair is als hij destijds was. 

Ondertussen staken sommige van haar leerlingen om de pensioenmaatregelen die de regering neemt en haar oud-student Fabien probeert om een soort anarchistisch collectief op te zetten op zijn boerderij in de bergen. Iedereen probeert grip te krijgen op de tijd en vooral op het leven, voor sommigen gaat dat gemakkelijker dan voor anderen.

De kat Pandora speelt ook een belangrijke rol. Ze wordt steeds meegenomen in haar mandje (bijna een variantie op de doos van Pandora!), als een zware, ongewilde last. Nathalie is niet erg dol op het beest, is er nog allergisch voor ook, maar het is de erfenis van haar moeder, de laatste steun en toeverlaat. Tot Nathalie in staat is om Pandora los te laten en haar een nieuw thuis kan bezorgen.
Nathalie zoekt troost bij Pandora 
Het einde is mooi, Nathalie heeft haar plek gevonden en heeft haar leven op orde en kan verder, ze is niet afhankelijk van anderen, maar natuurlijk wel verbonden met haar familie. Ik vond haar een sterke vrouw en ik had bewondering voor haar. Nathalie heeft weinig keuze dan opnieuw te kijken naar haar leven en te bepalen wat belangrijk is en wat niet. 

En dat doet ze zonder te zwelgen in zelfmedelijden of er aan onderdoor te gaan. Ze accepteert dat dingen veranderen en dat ze daarin mee moet.
Als haar man weggaat, wordt ze eigenlijk alleen pissig als blijkt dat hij een deel van haar boeken heeft meegenomen, dat gaat te ver!

Nathalie wordt gespeeld door Isabelle Huppert, een uitstekende actrice. Maar ook de anderen, zoals Roman Kolinka als Fabien, André Marcon als Heinz en Edith Scob als Nathalie’s moeder Yvette zijn geweldig in hun rollen.

Nog een speciale vermelding voor de prachtige soundtrack, die voegt heel veel toe aan de sfeer en de diepte van het verhaal.

Geen film vol actie, geen plot vol spanning, maar een mooi en uitstekend geacteerd verhaal dat de aandacht van begin tot einde weet vast te houden. Kortom, ik vond L’avenir (de toekomst) is een prachtige film, echt een aanrader.

maandag 3 september 2018

De liefde dus, Joke J. Hermsen

Liefde of verstand? Kun je alles opgeven en in de wind gooien in de naam van de hartstocht, of heb je een verplichting naar de mores van de maatschappij of in ieder geval naar de mensen in je nabijheid
die de gevolgen van jouw keuzes moeten dragen? Die vraag is van alle tijden en ook in de 18e eeuw worstelde men hiermee. 

Madame Isabella Tuyll de Charrière is hier in Nederland vooral bekend onder de naam Belle van Zuylen. Ze was een schrijfster in de 18e eeuw, die verschillende Verlichte filosofen kende en met verscheidene mensen in Europa uitgebreide correspondenties onderhield.

Isabella werd in 1740 geboren op het slot Zuylen, waar haar familie, Tuyll van Serooskerken, al eeuwenlang woonde. Als jonge vrouw werd ze hartstochtelijk verliefd op een getrouwde man, maar van een verbintenis kon natuurlijk geen sprake zijn. Ze trouwde uiteindelijk in 1771 met Charles de Charrière en ging met hem naar Zwitserland. En hoewel haar man heel aardig was, was er geen sprake van een grote passie tussen hen beiden.

Van de periode 1785-1786 weten we heel weinig van het leven van Belle van Zuylen, er zijn namelijk weinig tot geen brieven of papieren uit die tijd bewaard gebleven. We weten dat ze grote problemen met haar gezondheid had en dat ze op een gegeven moment op reis ging zonder iemand haar reisdoel te vertellen. Zelfs haar man wist in de eerste instantie niet waar ze was.

Een biograaf kan met zo’n periode weinig anders dan aangeven wat er misschien of eventueel gebeurd zou kunnen zijn, een romanschrijver heeft meer mogelijkheden om het gat te vullen. Het scheelt als zo’n romanschrijver het historische personage goed kent, om dit geloofwaardig te kunnen doen.

Dat zit bij Joke Hermsen wel goed, zij kent Belle van Zuylen en haar werk op haar duimpje weet daardoor niet alleen moeiteloos de toon en de sfeer van de 18e eeuw te treffen, maar ook de gebeurtenissen zo te beschrijven dat je bijna denkt dat het inderdaad zó gelopen moet zijn en niet anders.

Belle van Zuylen had in Zwitserland een verhouding gekregen met iemand, maar er is speculatie over wie dat geweest is. De jonge Zwitserse bankier Charles d’Apples komt hier het meest voor in aanmerking en dat is dan ook het uitgangspunt in dit boek.  

Het probleem bij deze verhouding was niet alleen dat Belle van Zuylen getrouwd was, maar ook dat zij ouder was dan hij. Bovendien was Charles verloofd met een geschikte partij en zijn vader maakte duidelijk dat hij een verbintenis tussen Charles en Belle nooit zou accepteren.

In De liefde dus vertrekt Belle in 1785 naar Parijs, om over haar verdriet heen te komen. Ze verblijft bij de arts graaf Cagliostro, ook een werkelijk bestaand historisch figuur. Hij is niet alleen arts, maar ook een ‘Egyptische vrijmetselaar’ en nog wat andere zaken, die de nuchtere en Verlichte Belle niet echt kan waarderen. 

De manier waarop graaf Cagliostro haar echter behandeld en met haar praat, staat haar wel aan. Het is een soort combinatie van medicijnen, therapeutische praatsessies en handoplegging die wel heel effectief is. 

De briefroman is bij uitstek de vorm van romans in de 18e eeuw, en in De liefde dus staan ook een aantal brieven. Gelukkig worden deze afgewisseld met delen uit een dagboek en gewoon proza, anders zou het misschien te gekunsteld zijn geweest. Op deze manier is er een prettige afwisseling die de aandacht goed vasthoudt.

We lezen de dagboekaantekeningen van Belle, de brieven die zij aan verschillende mensen schrijft en de situaties die Charles d’Apples meemaakt. 

Naast het verhaal van Belle en Charles komen en passant ook de strijd tussen de Patriotten en de Orangisten in de Nederlanden aan de orde, maar ook de onrust in Parijs, de zaak van het halssnoer van de koningin (schandaal rondom Marie-Antoinette) en de situatie in Amerika.

Ik vind dat Joke Hermsen prachtig schrijft, met mooie zinnen en prachtige overwegingen. De gesprekken tussen Belle van Zuylen en graaf Cagliostro zetten je aan het denken en je begrijpt de worsteling die Belle doormaakt. Maar ook de hele achtergrond van de 18e eeuw wordt goed neergezet, zonder dat het de draad van het verhaal onderbreekt. 

De liefde dus is wat mij betreft een prachtige historische roman, waarin de hoofdpersoon, de historische achtergrond én de opzet van de roman perfect samenvallen.

Uitgegeven in 2008 door uitgeverij De arbeiderspers
Bladzijdes: 325
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...