Vijf op vrijdag, het eindexamen geschiedenis 2013

Het eindexamen vorig jaar,
maar eigenlijk zag mijn eettafel er dit jaar net zo uit.
Alleen geen zon deze keer.
Vorige week dinsdag 21 mei was het eindexamen geschiedenis voor vwo, havo en mavo. Dit jaar had ik zowel een havo als een mavo eindexamenklas en ik ben heel wat uren bezig geweest met nakijken. Afgelopen woensdag was ik eindelijk klaar met mijn eigen werk en is het opgestuurd naar de 2e corrector.
Bij de mavo ging het eindexamen over staatsinrichting en om het historisch overzicht van de 20e eeuw, bij de havo ging het eindexamen over de Nederlandse Republiek en over de Verenigde Staten tussen 1865-1965.
Het lastige van geschiedenis examens is dat het open vragen zijn en dat geen enkele leerling antwoord geeft in de taal van het correctievoorschrift. Dat geeft heel wat ruimte voor gesteggel en gedoe en dat maakt het nakijken zo lastig, maar soms ook erg grappig.

Vaak zie je dat je de antwoorden van de leerlingen in verschillende categorieën kunt plaatsen en hier geef ik voor deze Vijf op Vrijdag 5 voorbeelden van antwoorden van leerlingen op het geschiedenis eindexamen van dit jaar.

1/ Te ver doordenken
Bij de havo was er een bron waarin verslag werd gedaan van de Glorious Revolution in 1688, toen stadhouder Willem III in Engeland aankwam en daar koning werd. In de bron wordt verteld door een secretaris van de stadhouder hoe de Engelsen langs de kant van de weg Willem toejuichten en hoe de mensen allerlei oranje versieringen bij zich hadden.

De vraag was welke vraag over betrouwbaarheid een historicus bij deze bron zou kunnen stellen. Hierbij zou je bijvoorbeeld kunnen bedenken dat deze bron geschreven is door de secretaris van Willem en dat die er belang bij heeft de steun aan Willem te overdrijven. Dit is een punt waar we behoorlijk veel aandacht aan besteden en ik zou verwachten dat elke leerling bijna meteen bij een bron kijkt wie de bron geschreven heeft en welk doel de maker daarmee kan hebben. Dit zou een gemakkelijk te scoren punt moeten zijn.

Een leerling antwoordde hier echter op; Deze bron is niet betrouwbaar want we weten niet zeker of die Engelsen wel wisten dat Oranje de kleur van Willem was.

2/ Erom heen kletsen
Bij de havo ging er een vraag over de buitenlandse politiek van de Verenigde Staten voor 1940 (vooral gericht op isolationisme), wat er na 1940 gebeurde (VS geven materiële steun aan Engeland in de eerste oorlogsjaren) en hoe je dit zowel als verandering en als voortzetting van het buitenlandse beleid kan zien. (verandering is dat ze nu wel een kant kozen, continuïteit is dat de VS nog altijd niet zelf meevecht, dus niet echt meedoet)

Een leerling antwoordde hierop: De Verenigde Staten deden eerst niet zoveel, maar toen deden ze wel wat, en omdat ze toen iets anders gingen doen kun je zeggen dat het anders is, maar aan de andere kant is het wel hetzelfde, want er veranderde niet zoveel.
(en sommige leerlingen snappen dan nog niet dat ze hier geen punten voor krijgen)

3/ Het echt fout hebben
Koning-Stadhouder Willem III
In het havo examen werd er gevraagd naar de betekenis van het jaar 1702 en waarom dit voor de Staatsgezinden een overwinning betekende. Het juiste antwoord zou zijn dat toen stadhouder Willem III overleed zonder erfgenaam en dat toen het 2e Stadhouderloze tijdperk begon. Dit was een overwinning van de Staatsgezinden, die tegen de macht van de stadhouder waren.

Een leerling antwoordde dat in dat jaar Maurits Johan van Oldebarnevelt liet onthoofden.

Helaas, niet alleen zit ze daarmee in een ander jaar (1621) ze haalt ook de staats- en prinsgezinden door elkaar. Johan en Maurits hadden wel een conflict, maar in dit geval wonnen de Staatsgezinden juist niet door de dood van Van Oldebarnevelt.

4/ Dingen door elkaar halen
Bij de Havo ging er een vraag over de manier waarop de buitenlandse politiek van de Verenigde Staten na 1880 veranderde.

Een leerling antwoordde daarop dat de VS zich vanaf toen vooral druk ging maken om de uitbreiding van het communisme, en dat ze dat wilde beperken en ze daarom alle landen die bedreigd werden door het communisme zouden helpen.

Hier zie je keurig de containment politiek en de Trumandoctrine uitgelegd, alleen is de leerling er zo’n vijfenzestig jaar te vroeg mee.  

5/ De situatie kort en krachtig samenvatten.
Bij de mavo is er speciale aandacht voor het Midden Oosten en er kwam een spotprent in voor die ging over het Joods/Palestijns conflict. Op de prent zie je een Israëlier en een Palestijn samen praten en zeggen ‘Hoe kunnen we dit conflict nou oplossen? De Palestijn zegt dan ‘Wij zouden Israel gewoon kunnen erkennen’ en de Israëliër  zegt ‘Wij zouden de bezette gebieden gewoon kunnen teruggeven’. Daaronder staat dan ‘Nee, dit is véél te gemakkelijk’. 

De vraag bij deze prent was wat de mening van de maker van de tekening was over het conflict.

Een leerling gaf hierbij als antwoord; ‘Dat beide partijen gewoon zitten te sufkutten’. 

Tsja, en daar hoef ik weinig meer aan toe te voegen.

Reacties