vrijdag 26 mei 2017

Inspirerende kunst: Giorgio Morandi

De Italiaanse schilder Giorgio Morandi (1890-1964) is vooral bekend door zijn stillevens. Hij reisde niet veel en was voornamelijk te vinden in zijn geboortestad Bologna, waar hij in een huis woonde met zijn drie zusters. Hij schilderde de flessen en de potjes die je in huis kunt vinden, en hij heeft ze vele malen, in ontelbare kleine variaties, geschilderd, met een beperkt kleurenpalet, dat dus ook heel herkenbaar is.
Af en toe maakte hij ook landschappen, vooral het uitzicht vanuit zijn kamer heeft hij meerdere malen vastgelegd.

Giorgio Morandi's werk is te bewonderen in het Museo Morandi dat nu in het MOMBa (museum voor moderne kunst) in Bologna gevestigd is.

Ik heb dit museum bezocht en ik was meteen getroffen door de schilderijen van Morandi. De kleuren en de onderwerpen zijn zo mooi, dat ze heel verstillend werken.
Zo op het eerste oog is het misschien niets bijzonders, maar naarmate je langer kijkt, maken ze meer indruk.


woensdag 24 mei 2017

maandag 22 mei 2017

Het purperen land, Edna Ferber

Selina heeft een ongebruikelijke opvoeding gehad. Haar vader verdiende zijn geld als gokker en nam zijn dochtertje overal mee naar toe. Soms gingen de zaken goed en leefden ze in luxe, soms gingen de zaken slecht en aten ze koolsoep in een slecht pension.

Als haar vader overlijdt, moet Selina een baan vinden en ze kan aan de slag als dorpsonderwijzeres in High Prairie net buiten Chicago, waar voornamelijk Hollandse immigranten wonen. Mensen die stug doorwerken en weinig poëtisch zijn en voor wie een veld kolen een veld kolen is, geen verzameling purperen juwelen.

De stadse Selina die graag boeken leest, lijkt hier misschien niet zo goed thuis, maar binnen het jaar trouwt ze met Pervus Dejong. Ze heeft grote ambities voor de boerderij, ze wil nieuwe technieken gebruiken, de boel schilderen en er een succes van maken. 

Jammer genoeg kan ze haar ideeën niet waarmaken. Haar man heeft weinig doorzettingsvermogen en het dagelijkse ploeteren is zo zwaar dat er geen enkele ruimte of energie meer overblijft voor extra’s.

Gelukkig is er haar zoontje Dirk, en voor hem wil Selina een ander leven. Dirk moet zijn dromen kunnen waarmaken, met allerlei soorten mensen omgaan en het leven proeven. Maar vooral wil ze dat Dirk schoonheid leert waarderen en altijd zal blijven zoeken.

Maar dan blijkt dat je iemands leven niet kan uitstippelen, want Dirk gaat een heel andere kant op. Hij stopt als architect als blijkt dat hij als effectenmakelaar in Chicago heel wat meer kan verdienen en past zich helemaal aan aan het wereldje van de rijke en oppervlakkige jeugd in de roaring twenties. Hij is charmant en ziet er goed uit en weet zich het nieuwe leven helemaal eigen te maken.

En pas als hij iemand ontmoet die hem niet naar de ogen ziet en hem maar matig interessant vindt, juist omdat hij alleen maar aan geld denkt, beseft Dirk wat hij verloren heeft door zijn manier van leven.

Vergeten klassieker
Edna Ferber (1885-1968) is een Amerikaanse schrijfster waar ik nog nooit van gehoord had. Toch heeft ze een flink aantal boeken geschreven en was ze in Amerika zeker geen onbekende. Voor dit boek heeft ze in 1924 de Pulitzer Prize gewonnen en ze was lid van de Alonquin rond table, waar Dorothy Parker ook bij hoorde.

Het purperen land is uitgegeven in een samenwerking van tien uitgeverijen en honderd boekwinkels en de organisatie Schwob, die als doel heeft om vergeten klassiekers opnieuw onder de aandacht te brengen. Ze brengen dit jaar tien boeken uit, van bekende en minder bekende schrijvers en uit alle streken van de wereld.

Ik ben blij dat Het purperen land op hun lijstje stond, want ik vond het een bijzonder mooi boek.

Wat maakt het zo mooi?
Er is veel om van te genieten in dit boek. Ten eerste is er de hoofdpersoon, Selina, die bijzonder sympathiek is. Ze kan geen wonderen verrichten, maar ondanks alle moeilijkheden en tegenslagen blijft ze zichzelf. Ze is een authentiek mens en zeer levensecht beschreven, je zou haar graag in het echt willen leren kennen. 

Ik vond het vooral fijn dat ze geen wondervrouw was die alles klaarde wat ze in haar hoofd had. De omstandigheden waren haar soms ook gewoon te veel. Dat haar leven uiteindelijk een positieve wending neemt, is omdat ze hulp krijgt om uit de moeilijkheden te komen. 

Haar vader heeft haar geleerd dat alles in het leven erbij hoort, zoals een gokker weet dat winst en verlies onderdeel van het spel zijn. Selina is geen gokker, maar wel iemand die het leven ten volle weet te waarderen, met alle goede en slechte dingen.

De andere personages vond ik ook goed uit de verf komen. Edna Ferber was denk ik iemand die goed kon observeren, gezien haar beschrijvingen van mensen. Soms wordt slechts in een paar zinnen een beeld geschetst van iemand, maar altijd met humor en mededogen. Niemand wordt belachelijk gemaakt, terwijl het maar al te gemakkelijk was geweest om van bijvoorbeeld die stijve Hollanders karikaturen te maken.

En vooral Dallas O’Mara vond ik bijzonder, een jonge vrouw die volstrekt haar eigen gang gaat en haar eigen waarde kent. Ergens zijn er veel overeenkomsten tussen Selina en Dallas en ik mocht ze beiden erg graag. Gek is het dat je soms wenst dat je romanpersonages in het echte leven kent, ik zou graag bij Dallas in het atelier zitten of met Selina over het erf van de boerderij lopen.

Als lezer zie je natuurlijk al welke kant Dirk op gaat en het is triest te zien dat hij als succesvol man een minder rijk en voldoening schenkend leven heeft dan zijn moeder zelfs in armoede op de boerderij wist te hebben. Hij laat zich leiden door zijn wens om erbij te horen en heeft eigenlijk geen sterk karakter. Hij is iemand die moeilijkheden uit de weg gaat en niet voor zijn principes blijft staan.  

Bovendien weten wij nu, wat Dirk nog niet weet en Edna Ferber ook niet omdat het boek in 1924 uitkwam, dat een paar jaar later de bubbel van de roaring twenties helemaal zou barsten. Hoe Selina daarop reageerde weet ik wel, maar ik vroeg me af hoe Dirk op dat verlies zal hebben gereageerd en of hij iets van zijn eerdere verlies heeft geleerd. 
Op de een of andere manier denk ik het niet.

Originele titel: So big
Uitgegeven in 1924
Nederlandse uitgave 2016 door uitgeverij Nieuw Amsterdam
Nederlandse vertaling: Lisette Graswinckel
Bladzijdes: 318

vrijdag 19 mei 2017

Hortus Botanicus

Een paar weken geleden heb ik met vriendin M. de Hortus in Amsterdam bezocht. Ik houd ervan om op vakantie Botanische tuinen te bezoeken, zo ook de laatste keer in Bologna.

Grappig genoeg was het zeker 20 jaar en waarschijnlijk al bijna 30 jaar geleden dat ik de Hortus Botanicus in Amsterdam had bezocht. Het werd dus hoog tijd om naar deze oase midden in het centrum van onze eigen hoofdstad te gaan.

De Hortus in Amsterdam is niet een van de oudste van Europa, maar het is wel een van de mooiste denk ik.

Na een van de vele pestepidemieen die er steeds rondwaarden, vond de stad Amsterdam het in 1638 tijd worden dat de stad een eigen voorraad geneeskrachtige planten en kruiden zou krijgen waar medicijnen van gemaakt konden worden.

De banden met Indië zorgden ervoor dat er ook allerlei exotische planten en specerijen door de VOC naar de Hortus gebracht werden.

De huidige hortus is aangelegd in 1863 en is in de jaren erna verfraaid met verschillende plantenkassen. Maar doordat midden in de stad er een microklimaat is, kunnen er ook in de tuin zelf tropische bomen en struiken gekweekt worden.
De 19e eeuwse Palmenkas
De kassen geven een overzicht van de planten in verschillende klimaten van de wereld, en er is zelfs een vlinderkas.
Vlinders die net ontpopt zijn hangen te drogen, zo schattig!!
De wortels van de Hortus worden ook nog geëerd met de 17e eeuwse kruidentuin waarin de kruiden en planten staan die beschreven worden in de eerste catalogus van de Hortus, die stamt uit 1646.


En bezoekje aan de Hortus in Amsterdam is eigenlijk een bezoek aan een klein stukje Paradijs.

woensdag 17 mei 2017

Verborgen kanaal

In Bologna zijn er wel een paar waterwegen, maar ze zijn goed verborgen, zoals dit kanaal Navile.



maandag 15 mei 2017

Commonwealth, Ann Patchett

Iedereen die bij een gebeurtenis is betrokken, ziet die gebeurtenis op een andere manier. Iedereen herinnert zich het voorval anders, of interpreteert het vanuit een andere hoek.

Hetzelfde geldt voor het verleden dat je met je familie deelt.

Maar van wie zijn de herinneringen en wie vertelt de waarheid?

En als een schrijver jouw geschiedenis gebruikt om er een nieuw verhaal van te maken, mag dat dan zomaar? Want jij bent niet de enige die in het verhaal betrokken is.

Ook de anderen die erbij waren zien opeens hun herinneringen en ervaringen terug op een manier die ze niet hadden gewild en vooral: waar ze niet om hebben gevraagd. 

Commonwealth begint in de jaren ’60 als Beverly en Fix een doopfeestje houden voor hun dochter Frances. Albert Cousins is niet echt uitgenodigd, maar grijpt het feestje aan om bij zijn eigen vrouw Teresa en drie (bijna vier) kinderen weg te kunnen. Op het feestje kust hij Beverly en dit zet een reeks gebeurtenissen in gang die zich als een olievlek over de tijd zullen uitspreiden.

Want korte tijd daarna zijn Beverly en Bert Cousins getrouwd en wonen ze niet langer in Californië, maar in Virginia. De kinderen van Bert wonen bij hun moeder, maar zouden in Virginia willen wonen, de kinderen van Beverly wonen bij hun moeder en zouden bij hun vader willen zijn die ze maar één week per jaar zien. 

Tijdens de grote vakantie zijn ze allemaal bij elkaar, en moeten de zes kinderen het maar met elkaar zien te rooien, met alle gevolgen van dien.

Het is dochter Frannie die deze geschiedenissen aan een schrijver vertelt met wie ze een verhouding krijgt. De schrijver maakt er een boek van, zijn laatste succesvolle boek en daarmee is het volgende stuk in gang gezet, of liever, de volgende laag in het verhaal wordt aangeboord.

Ik heb eerder Staat van verwondering van Ann Patchett gelezen en dat liet helaas om verschillende redenen een nare smaak bij me achter. Ik had echter goede verhalen gehoord over haar andere boeken en wilde haar daarom niet helemaal afschrijven. 

Bel Canto staat hier nog in de kast en een paar weken geleden stond ik in Bologna in de Feltrinelli boekwinkel toen mijn oog op dit boek viel. Ik kon me herinneren dat Hella een lovende bespreking had geschreven, dus daar heb ik op vertrouwd en ik heb dit boek meegenomen. Daar heb ik zeker geen spijt van gekregen.

Ik vond Commonwealth namelijk een bijzonder mooi en goed boek. Het verhaal is boeiend en mooi geschreven, in een bijna moeiteloze stijl. De overgangen in de tijd zijn vloeiend en heel knap krijg je steeds stukjes van het verhaal mee, als er gedeeltes vanuit de verschillende personages worden verteld. 

Het is geen lineair verhaal omdat er steeds fragmenten bij komen, maar nergens doet dit geforceerd aan alsof de schrijfster een trucje uithaalt en wil laten zien hoe slim ze is. Nee, het loopt juist heel natuurlijk alsof je steeds iemand anders spreekt en via via het gesprek ergens op komt.

Fijn vind ik ook dat de personages niet eendimensionaal zijn, maar ze zich ontwikkelen. En hoewel je de pubers nog wel herkent in de volwassenen, zijn ze gegroeid en veranderd. Hun inzichten zijn ook veranderd, ze kijken nu anders naar de gebeurtenissen dan toen ze jonger waren.

Het grote drama bleek uiteindelijk heel anders in elkaar te zitten dan ik had gedacht, maar daarmee werd het juist indringender en menselijker. Geen grote gebeurtenis, maar een kleine die grote gevolgen had. Het was iets dat iedereen had kunnen overkomen en daarom was het des te pijnlijker.

Heel mooi ook laat dit verhaal zien dat elke handeling niet op zichzelf staat, maar gevolgen heeft voor een heleboel mensen en dat alles met elkaar samenhangt.

Commonwealth is een bijzonder boek dat denk ik zeer hoog zal eindigen in mijn topboeken van dit jaar.

Lees ook wat Hella er HIER over schreef. 

Uitgegeven in 2016
Bladzijdes 322
Nu in het Nederlands vertaald als: Gemeengoed

vrijdag 12 mei 2017

In het hart van de Renaissance in Enschede

Giovanni Bellini 1470/1475
Maria in adoratie voor het Christuskind
Titiaan, Tintoretto, Bellini en Rafael zijn grote namen uit de kunstgeschiedenis. Ik ken hun werken van de kerken en de musea in Florence en Venetië, maar nu hoef je even niet helemaal naar Italië om hun schilderijen te bewonderen, ze hangen gewoon in het Rijksmuseum Twenthe in Enschede. 

Misschien niet de eerste plaats waar je een collectie werken uit de Renaissance zou verwachten, maar omdat het museum Pinacoteca Tosio Martinengo in Brescia door een verbouwing enkele jaren dicht gaat, hebben ze van de nood een deugd gemaakt en delen van hun collectie uitgeleend aan andere musea in Europa.

De Renaissance, de wedergeboorte van de belangstelling voor de klassieke oudheid, ontstond in Florence in Italië. Maar deze nieuwe manier van kijken naar de wereld verspreidde zich snel over Italië en in andere steden zag je schilders de nieuwe manier van schilderen ontdekken en omarmen.

Perspectief, nieuw helder kleurgebruik, klassieke manieren om een compositie op te bouwen en een realistische portrettering vormen de kern van de Renaissance manier van schilderen. In Noord Italië werkten de schilders die grote invloed zouden uitoefenen op hun tijdgenoten in heel Italië, en ook op schilders na hen zoals Caravaggio die hier zijn inspiratie opdeed voor zijn donker-licht effecten.
Anoniem, De heilige Hieronymus 1500/1510
In de tentoonstelling In het hart van de Renaissance zijn prachtige schilderijen te zien uit het noorden van Italië. Bijzonder is het dat sommige schilders niet in Nederlandse collecties aanwezig zijn en hier nog niet vaak te zien zijn geweest, zoals Rafael en Bellini. Maar ook de portretten van Moroni en Lotto zijn heel mooi om te zien.
Sofonisba Angiossola 1556
Portret van Lateraanse kannunik
Het Rijkmuseum Twenthe is beslist niet naast de deur (als ik eerlijk ben vind ik het een enorm eind uit de route), maar ik vond deze tentoonstelling de reis wel heel erg waard. Het is geen bijzonder grote, maar wel een heel gevarieerde tentoonstelling en bijna elk schilderij dat er hing vond ik adembenemend mooi.

Ik vind het heel bijzonder en mooi dat het steeds meer is dat niet alleen de grote stedelijke musea grote en bijzondere tentoonstellingen weten te organiseren, maar ook de musea in de andere gebieden van Nederland. Dit is daar een goed voorbeeld van.

Giovan Battista Moroni 1560
Portret van Gian Gerolamo Grumelli
In het hart van de Renaissance is nog tot 17 juni in Enschede te zien. 
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...