maandag 29 mei 2017

Dag van vuur, Beppe Fenoglio

Van de Italiaanse schrijver Beppe Fenoglio heb ik eerder twee andere boeken gelezen, De laatste dag en Een privekwestie, waar ik bijzonder enthousiast over was. Helaas waren zijn andere boeken nog niet in het Nederlands vertaald en ik hoopte dat dat wel zou gebeuren.

Gelukkig is nu Dag van vuur uitgekomen, met zes korte verhalen. Het is boek is in 1963 postuum uitgegeven en de verhalen spelen zich af in de streek rond Alba, de streek waar Beppe Fenoglio geboren was.

Dag van vuur is het titelverhaal en dat begint meteen vol actie;
Eind juni gaf Pietro Gallesio het woord aan zijn dubbelloops. Hij vermoordde zijn broer in de keuken, maakte op het erf zijn neef koud die op de knal kwam aangehold, zijn schoonzus stond op zijn lijst maar ze verscheen achter een traliehek met haar jongste kind op de arm en dus vuurde hij niet op haar maar stormde naar de pastorie van Gorzegno.

Hierna gaat het helemaal mis, Pietro verschanst zich terwijl de Carabinieri eraan komt om hem te stoppen en de mensen uit de dorpen eromheen vol sensatie komen kijken.

In de andere verhalen zijn de situaties soms heel grappig, maar ook triest en schrijnend. Knap is dat hij dit weliswaar beschrijft, maar er geen oordeel over geeft. Dit is zoals het is en daar moet men het mee doen.

Dit is vooral duidelijk in het verhaal Het kindbruidje waarin we de heel jonge Catinina leren kennen die weliswaar en kind heeft, maar liever knikkert. Ze is dan ook nog maar veertien jaar oud.

Maar in geen van de verhalen hebben de mensen het gemakkelijk, in die tijd waren de mensen arm en was het leven hard.

De charmante vrouwenversierder Paco speelt de hoofdrol in Maar ik houd van Paco , waar hij alles verliest in een spel kaarten, terwijl hij daarna terug gaat naar zijn vrouw die de brokken bij elkaar mag rapen.

In Superino sluit de verteller vriendschap met Superino, die als hij bijna volwassen is de waarheid over zijn afkomst te weten komt.

In Regen en de bruid dwingt een heerszuchtige moeder haar zoon die priester is om in de regen mee te gaan naar een bruiloftsmaal, maar de jongeman neemt wraak als hij onder het juk van zijn moeder uit is.

En in De novelle van de leerlingontvanger horen we hoe er een jonge belastinginner ontvangen wordt door iemand die helemaal geen belastingen wil betalen.

De verhalen worden onopgesmukt verteld, in een stijl die rechtstreeks en levendig is, zonder overbodigheden. De personages zijn vaak mensen die teleurgesteld zijn, of ze weten in ieder geval dat het leven ze weinig te bieden heeft. De vrouwen dragen daarin de zwaarste lasten, terwijl de mannen af en toe naar hun karabijn grijpen om een probleem op te lossen.

Het is jammer dat het maar zes verhalen zijn, want ik had het idee dat hij zijn eigen jeugdherinneringen hier in verwerkte en ik had graag meer willen lezen.

Ik heb het gevoel dat Beppe Fenoglio misschien wel meer had willen schrijven, maar door zijn slechte gezondheid hier geen kans voor heeft gehad, ook omdat dit boek postuum is gepubliceerd. Ik vond het in ieder geval heel mooie verhalen die opnieuw laten zien dat Beppe Fenoglio een schrijver is die het verdient om door meer mensen te worden gelezen.

Ik ben ook heel blij dat, als het goed is, volgende maand een ander boek van hem in vertaling uitkomt. Het wachten is dan op het hele ouvre van Beppe Fenoglio in het Nederlands (uitgevers, ik reken op jullie!).

Originele Italiaanse titel: Un giorno di fuoco
Uitgegeven in 1963
Nederlandse uitgave 2017 door uitgeverij Serena Libri
Nederlandse vertaling: Frans Denissen, Karin van Ingen Schenau en Emilia Menkveld
Bladzijdes: 167

vrijdag 26 mei 2017

Inspirerende kunst: Giorgio Morandi

De Italiaanse schilder Giorgio Morandi (1890-1964) is vooral bekend door zijn stillevens. Hij reisde niet veel en was voornamelijk te vinden in zijn geboortestad Bologna, waar hij in een huis woonde met zijn drie zusters. Hij schilderde de flessen en de potjes die je in huis kunt vinden, en hij heeft ze vele malen, in ontelbare kleine variaties, geschilderd, met een beperkt kleurenpalet, dat dus ook heel herkenbaar is.
Af en toe maakte hij ook landschappen, vooral het uitzicht vanuit zijn kamer heeft hij meerdere malen vastgelegd.

Giorgio Morandi's werk is te bewonderen in het Museo Morandi dat nu in het MOMBa (museum voor moderne kunst) in Bologna gevestigd is.

Ik heb dit museum bezocht en ik was meteen getroffen door de schilderijen van Morandi. De kleuren en de onderwerpen zijn zo mooi, dat ze heel verstillend werken.
Zo op het eerste oog is het misschien niets bijzonders, maar naarmate je langer kijkt, maken ze meer indruk.


woensdag 24 mei 2017

maandag 22 mei 2017

Het purperen land, Edna Ferber

Selina heeft een ongebruikelijke opvoeding gehad. Haar vader verdiende zijn geld als gokker en nam zijn dochtertje overal mee naar toe. Soms gingen de zaken goed en leefden ze in luxe, soms gingen de zaken slecht en aten ze koolsoep in een slecht pension.

Als haar vader overlijdt, moet Selina een baan vinden en ze kan aan de slag als dorpsonderwijzeres in High Prairie net buiten Chicago, waar voornamelijk Hollandse immigranten wonen. Mensen die stug doorwerken en weinig poëtisch zijn en voor wie een veld kolen een veld kolen is, geen verzameling purperen juwelen.

De stadse Selina die graag boeken leest, lijkt hier misschien niet zo goed thuis, maar binnen het jaar trouwt ze met Pervus Dejong. Ze heeft grote ambities voor de boerderij, ze wil nieuwe technieken gebruiken, de boel schilderen en er een succes van maken. 

Jammer genoeg kan ze haar ideeën niet waarmaken. Haar man heeft weinig doorzettingsvermogen en het dagelijkse ploeteren is zo zwaar dat er geen enkele ruimte of energie meer overblijft voor extra’s.

Gelukkig is er haar zoontje Dirk, en voor hem wil Selina een ander leven. Dirk moet zijn dromen kunnen waarmaken, met allerlei soorten mensen omgaan en het leven proeven. Maar vooral wil ze dat Dirk schoonheid leert waarderen en altijd zal blijven zoeken.

Maar dan blijkt dat je iemands leven niet kan uitstippelen, want Dirk gaat een heel andere kant op. Hij stopt als architect als blijkt dat hij als effectenmakelaar in Chicago heel wat meer kan verdienen en past zich helemaal aan aan het wereldje van de rijke en oppervlakkige jeugd in de roaring twenties. Hij is charmant en ziet er goed uit en weet zich het nieuwe leven helemaal eigen te maken.

En pas als hij iemand ontmoet die hem niet naar de ogen ziet en hem maar matig interessant vindt, juist omdat hij alleen maar aan geld denkt, beseft Dirk wat hij verloren heeft door zijn manier van leven.

Vergeten klassieker
Edna Ferber (1885-1968) is een Amerikaanse schrijfster waar ik nog nooit van gehoord had. Toch heeft ze een flink aantal boeken geschreven en was ze in Amerika zeker geen onbekende. Voor dit boek heeft ze in 1924 de Pulitzer Prize gewonnen en ze was lid van de Alonquin rond table, waar Dorothy Parker ook bij hoorde.

Het purperen land is uitgegeven in een samenwerking van tien uitgeverijen en honderd boekwinkels en de organisatie Schwob, die als doel heeft om vergeten klassiekers opnieuw onder de aandacht te brengen. Ze brengen dit jaar tien boeken uit, van bekende en minder bekende schrijvers en uit alle streken van de wereld.

Ik ben blij dat Het purperen land op hun lijstje stond, want ik vond het een bijzonder mooi boek.

Wat maakt het zo mooi?
Er is veel om van te genieten in dit boek. Ten eerste is er de hoofdpersoon, Selina, die bijzonder sympathiek is. Ze kan geen wonderen verrichten, maar ondanks alle moeilijkheden en tegenslagen blijft ze zichzelf. Ze is een authentiek mens en zeer levensecht beschreven, je zou haar graag in het echt willen leren kennen. 

Ik vond het vooral fijn dat ze geen wondervrouw was die alles klaarde wat ze in haar hoofd had. De omstandigheden waren haar soms ook gewoon te veel. Dat haar leven uiteindelijk een positieve wending neemt, is omdat ze hulp krijgt om uit de moeilijkheden te komen. 

Haar vader heeft haar geleerd dat alles in het leven erbij hoort, zoals een gokker weet dat winst en verlies onderdeel van het spel zijn. Selina is geen gokker, maar wel iemand die het leven ten volle weet te waarderen, met alle goede en slechte dingen.

De andere personages vond ik ook goed uit de verf komen. Edna Ferber was denk ik iemand die goed kon observeren, gezien haar beschrijvingen van mensen. Soms wordt slechts in een paar zinnen een beeld geschetst van iemand, maar altijd met humor en mededogen. Niemand wordt belachelijk gemaakt, terwijl het maar al te gemakkelijk was geweest om van bijvoorbeeld die stijve Hollanders karikaturen te maken.

En vooral Dallas O’Mara vond ik bijzonder, een jonge vrouw die volstrekt haar eigen gang gaat en haar eigen waarde kent. Ergens zijn er veel overeenkomsten tussen Selina en Dallas en ik mocht ze beiden erg graag. Gek is het dat je soms wenst dat je romanpersonages in het echte leven kent, ik zou graag bij Dallas in het atelier zitten of met Selina over het erf van de boerderij lopen.

Als lezer zie je natuurlijk al welke kant Dirk op gaat en het is triest te zien dat hij als succesvol man een minder rijk en voldoening schenkend leven heeft dan zijn moeder zelfs in armoede op de boerderij wist te hebben. Hij laat zich leiden door zijn wens om erbij te horen en heeft eigenlijk geen sterk karakter. Hij is iemand die moeilijkheden uit de weg gaat en niet voor zijn principes blijft staan.  

Bovendien weten wij nu, wat Dirk nog niet weet en Edna Ferber ook niet omdat het boek in 1924 uitkwam, dat een paar jaar later de bubbel van de roaring twenties helemaal zou barsten. Hoe Selina daarop reageerde weet ik wel, maar ik vroeg me af hoe Dirk op dat verlies zal hebben gereageerd en of hij iets van zijn eerdere verlies heeft geleerd. 
Op de een of andere manier denk ik het niet.

Originele titel: So big
Uitgegeven in 1924
Nederlandse uitgave 2016 door uitgeverij Nieuw Amsterdam
Nederlandse vertaling: Lisette Graswinckel
Bladzijdes: 318

vrijdag 19 mei 2017

Hortus Botanicus

Een paar weken geleden heb ik met vriendin M. de Hortus in Amsterdam bezocht. Ik houd ervan om op vakantie Botanische tuinen te bezoeken, zo ook de laatste keer in Bologna.

Grappig genoeg was het zeker 20 jaar en waarschijnlijk al bijna 30 jaar geleden dat ik de Hortus Botanicus in Amsterdam had bezocht. Het werd dus hoog tijd om naar deze oase midden in het centrum van onze eigen hoofdstad te gaan.

De Hortus in Amsterdam is niet een van de oudste van Europa, maar het is wel een van de mooiste denk ik.

Na een van de vele pestepidemieen die er steeds rondwaarden, vond de stad Amsterdam het in 1638 tijd worden dat de stad een eigen voorraad geneeskrachtige planten en kruiden zou krijgen waar medicijnen van gemaakt konden worden.

De banden met Indië zorgden ervoor dat er ook allerlei exotische planten en specerijen door de VOC naar de Hortus gebracht werden.

De huidige hortus is aangelegd in 1863 en is in de jaren erna verfraaid met verschillende plantenkassen. Maar doordat midden in de stad er een microklimaat is, kunnen er ook in de tuin zelf tropische bomen en struiken gekweekt worden.
De 19e eeuwse Palmenkas
De kassen geven een overzicht van de planten in verschillende klimaten van de wereld, en er is zelfs een vlinderkas.
Vlinders die net ontpopt zijn hangen te drogen, zo schattig!!
De wortels van de Hortus worden ook nog geëerd met de 17e eeuwse kruidentuin waarin de kruiden en planten staan die beschreven worden in de eerste catalogus van de Hortus, die stamt uit 1646.


En bezoekje aan de Hortus in Amsterdam is eigenlijk een bezoek aan een klein stukje Paradijs.

woensdag 17 mei 2017

Verborgen kanaal

In Bologna zijn er wel een paar waterwegen, maar ze zijn goed verborgen, zoals dit kanaal Navile.



maandag 15 mei 2017

Commonwealth, Ann Patchett

Iedereen die bij een gebeurtenis is betrokken, ziet die gebeurtenis op een andere manier. Iedereen herinnert zich het voorval anders, of interpreteert het vanuit een andere hoek.

Hetzelfde geldt voor het verleden dat je met je familie deelt.

Maar van wie zijn de herinneringen en wie vertelt de waarheid?

En als een schrijver jouw geschiedenis gebruikt om er een nieuw verhaal van te maken, mag dat dan zomaar? Want jij bent niet de enige die in het verhaal betrokken is.

Ook de anderen die erbij waren zien opeens hun herinneringen en ervaringen terug op een manier die ze niet hadden gewild en vooral: waar ze niet om hebben gevraagd. 

Commonwealth begint in de jaren ’60 als Beverly en Fix een doopfeestje houden voor hun dochter Frances. Albert Cousins is niet echt uitgenodigd, maar grijpt het feestje aan om bij zijn eigen vrouw Teresa en drie (bijna vier) kinderen weg te kunnen. Op het feestje kust hij Beverly en dit zet een reeks gebeurtenissen in gang die zich als een olievlek over de tijd zullen uitspreiden.

Want korte tijd daarna zijn Beverly en Bert Cousins getrouwd en wonen ze niet langer in Californië, maar in Virginia. De kinderen van Bert wonen bij hun moeder, maar zouden in Virginia willen wonen, de kinderen van Beverly wonen bij hun moeder en zouden bij hun vader willen zijn die ze maar één week per jaar zien. 

Tijdens de grote vakantie zijn ze allemaal bij elkaar, en moeten de zes kinderen het maar met elkaar zien te rooien, met alle gevolgen van dien.

Het is dochter Frannie die deze geschiedenissen aan een schrijver vertelt met wie ze een verhouding krijgt. De schrijver maakt er een boek van, zijn laatste succesvolle boek en daarmee is het volgende stuk in gang gezet, of liever, de volgende laag in het verhaal wordt aangeboord.

Ik heb eerder Staat van verwondering van Ann Patchett gelezen en dat liet helaas om verschillende redenen een nare smaak bij me achter. Ik had echter goede verhalen gehoord over haar andere boeken en wilde haar daarom niet helemaal afschrijven. 

Bel Canto staat hier nog in de kast en een paar weken geleden stond ik in Bologna in de Feltrinelli boekwinkel toen mijn oog op dit boek viel. Ik kon me herinneren dat Hella een lovende bespreking had geschreven, dus daar heb ik op vertrouwd en ik heb dit boek meegenomen. Daar heb ik zeker geen spijt van gekregen.

Ik vond Commonwealth namelijk een bijzonder mooi en goed boek. Het verhaal is boeiend en mooi geschreven, in een bijna moeiteloze stijl. De overgangen in de tijd zijn vloeiend en heel knap krijg je steeds stukjes van het verhaal mee, als er gedeeltes vanuit de verschillende personages worden verteld. 

Het is geen lineair verhaal omdat er steeds fragmenten bij komen, maar nergens doet dit geforceerd aan alsof de schrijfster een trucje uithaalt en wil laten zien hoe slim ze is. Nee, het loopt juist heel natuurlijk alsof je steeds iemand anders spreekt en via via het gesprek ergens op komt.

Fijn vind ik ook dat de personages niet eendimensionaal zijn, maar ze zich ontwikkelen. En hoewel je de pubers nog wel herkent in de volwassenen, zijn ze gegroeid en veranderd. Hun inzichten zijn ook veranderd, ze kijken nu anders naar de gebeurtenissen dan toen ze jonger waren.

Het grote drama bleek uiteindelijk heel anders in elkaar te zitten dan ik had gedacht, maar daarmee werd het juist indringender en menselijker. Geen grote gebeurtenis, maar een kleine die grote gevolgen had. Het was iets dat iedereen had kunnen overkomen en daarom was het des te pijnlijker.

Heel mooi ook laat dit verhaal zien dat elke handeling niet op zichzelf staat, maar gevolgen heeft voor een heleboel mensen en dat alles met elkaar samenhangt.

Commonwealth is een bijzonder boek dat denk ik zeer hoog zal eindigen in mijn topboeken van dit jaar.

Lees ook wat Hella er HIER over schreef. 

Uitgegeven in 2016
Bladzijdes 322
Nu in het Nederlands vertaald als: Gemeengoed

vrijdag 12 mei 2017

In het hart van de Renaissance in Enschede

Giovanni Bellini 1470/1475
Maria in adoratie voor het Christuskind
Titiaan, Tintoretto, Bellini en Rafael zijn grote namen uit de kunstgeschiedenis. Ik ken hun werken van de kerken en de musea in Florence en Venetië, maar nu hoef je even niet helemaal naar Italië om hun schilderijen te bewonderen, ze hangen gewoon in het Rijksmuseum Twenthe in Enschede. 

Misschien niet de eerste plaats waar je een collectie werken uit de Renaissance zou verwachten, maar omdat het museum Pinacoteca Tosio Martinengo in Brescia door een verbouwing enkele jaren dicht gaat, hebben ze van de nood een deugd gemaakt en delen van hun collectie uitgeleend aan andere musea in Europa.

De Renaissance, de wedergeboorte van de belangstelling voor de klassieke oudheid, ontstond in Florence in Italië. Maar deze nieuwe manier van kijken naar de wereld verspreidde zich snel over Italië en in andere steden zag je schilders de nieuwe manier van schilderen ontdekken en omarmen.

Perspectief, nieuw helder kleurgebruik, klassieke manieren om een compositie op te bouwen en een realistische portrettering vormen de kern van de Renaissance manier van schilderen. In Noord Italië werkten de schilders die grote invloed zouden uitoefenen op hun tijdgenoten in heel Italië, en ook op schilders na hen zoals Caravaggio die hier zijn inspiratie opdeed voor zijn donker-licht effecten.
Anoniem, De heilige Hieronymus 1500/1510
In de tentoonstelling In het hart van de Renaissance zijn prachtige schilderijen te zien uit het noorden van Italië. Bijzonder is het dat sommige schilders niet in Nederlandse collecties aanwezig zijn en hier nog niet vaak te zien zijn geweest, zoals Rafael en Bellini. Maar ook de portretten van Moroni en Lotto zijn heel mooi om te zien.
Sofonisba Angiossola 1556
Portret van Lateraanse kannunik
Het Rijkmuseum Twenthe is beslist niet naast de deur (als ik eerlijk ben vind ik het een enorm eind uit de route), maar ik vond deze tentoonstelling de reis wel heel erg waard. Het is geen bijzonder grote, maar wel een heel gevarieerde tentoonstelling en bijna elk schilderij dat er hing vond ik adembenemend mooi.

Ik vind het heel bijzonder en mooi dat het steeds meer is dat niet alleen de grote stedelijke musea grote en bijzondere tentoonstellingen weten te organiseren, maar ook de musea in de andere gebieden van Nederland. Dit is daar een goed voorbeeld van.

Giovan Battista Moroni 1560
Portret van Gian Gerolamo Grumelli
In het hart van de Renaissance is nog tot 17 juni in Enschede te zien. 

maandag 8 mei 2017

Lara, Anna Pasternak

Het verhaal achter een literair meesterwerk is soms nog vreemder of romantischer dan het verhaal zelf. 

Een van de grootste boeken van de 20e eeuw is Dokter Zjivago van de Russische schrijver Boris Pasternak. Het is het verhaal van de jonge dokter en dichter Joeri Zjivago die een verhouding krijgt met Lara, terwijl ondertussen om hen heen de wereld verandert door de Russische revolutie en de gebeurtenissen daarna.

Toen Pasternak de roman schreef, was hij al een zeer beroemd en geëerd dichter in Rusland. Het schijnt dat zelfs Stalin het werk van Pasternak zo kon waarderen dat dit de reden is dat Pasternak nooit is opgepakt of gearresteerd en dat terwijl de schrijver beslist niet altijd in de pas liep.

Zijn ouders waren ook kunstenaar, zijn vader de impressionistische schilder Leonid Pasternak en zijn moeder Anna was een begenadigd pianiste. Na de Russische Revolutie zouden de Pasternaks Rusland verlaten, behalve Boris. Voor hem was er geen leven denkbaar buiten de berkenbossen van Rusland, de plek waar zijn hart en ziel thuishoorden.

Boris Pasternak was een vat vol tegenstrijdigheden. Aan de ene kant een gul man die opkwam voor zijn vrienden, aan de andere kant was hij ijdel en vond hij zichzelf ook een heel belangrijk en groot kunstenaar.

Zijn liefdesleven was niet zo heel gelukkig. Hij trouwde eerst met Jevgenia, maar hun temperamenten pasten niet bij elkaar. Hij verliet haar voor Zinaida, die een stuk praktischer en rustiger was. 

Helaas bracht ook dit huwelijk hem niet wat hij ervan had gehoopt en in 1946 werd hij verliefd op Olga Irvinskaja. Zij werkte bij het literaire tijdschrift Novy Mir. Zij was vierendertig, hij was zesenvijftig. Tot zijn dood in 1960 zouden ze geliefden en vrienden zijn.
Boris Pasternak
Een groot deel van Dokter Zjivago zou geschreven worden tijdens hun verhouding en de rol die Olga speelde in de totstandkoming kan niet onderschat worden. Ze gaf niet alleen praktische hulp door manuscripten te typen en als zijn secretaresse te fungeren, maar zij was de inspiratie voor Lara.

De verhouding tussen Joeri Zjivago en Lara is grotendeels gebaseerd op die van Boris en Olga en veel van de gedichten die in het boek waren opgenomen, waren oorspronkelijk gedichten die Boris voor Olga had geschreven.

Zijn weigering met Olga te trouwen en hun verhouding officieel te maken, maakte haar echter kwetsbaar. Het bewind kreeg door dat de nieuwe grote roman waar Pasternak aan werkte niet heel vleiend was voor het regime en de revolutie, en probeerde druk op hem uit te oefenen door Olga te arresteren. Zij werd veroordeeld tot vijf jaar strafkamp en werd na drie jaar vrijgelaten.
Olga Irvinskaja
Die ervaring tekende en veranderde hun verhouding, maar ondanks zijn grote liefde voor Olga, zou Boris Pasternak altijd weigeren om van Zinaida te scheiden en met Olga te trouwen. 

In de jaren die volgden leefden Boris en Olga bijna samen en brachten ze veel tijd samen door, terwijl toen de strijd begon om Dokter Zjivago uit te geven. De Russische uitgevers weigerden het boek en veel van zijn collega schrijvers werden gedwongen om afstand van Boris te nemen.

Pas na tussenkomst van de Italiaanse uitgever Feltrinelli zou er een buitenlandse, vertaalde uitgave komen, maar in Rusland bleef het boek verboden. 

Het boek sloeg in als een bom en overal was de lof groot. Boris Pasternak kreeg zelfs de Nobelprijs voor de literatuur in 1958, hoewel hij die uiteindelijk onder druk zou weigeren.

De Russische regering was ernstig in verlegenheid gebracht door de situatie, maar hoewel Pasternak het leven zuur werd gemaakt, werd hij niet gearresteerd. Wel werd de roep groot om hem te verbannen uit Rusland. Als hij toch zoveel kritiek had, kon hij wel oprotten ook.

Verbanning zou waarschijnlijk een grotere straf voor Pasternak hebben betekend dan welke arrestatie dan ook, maar zover kwam het uiteindelijk niet. Buitenlandse schrijvers als Ernest Hemingway en Albert Camus, maar ook politieke leiders als Nehru namen het voor Boris Pasternak op.

In 1960 kwam het einde voor Boris Pasternak. Hij had al eerder hartaanvallen gehad, maar nu werd hij ernstig ziek en in mei overleed hij. Hoewel er aan zijn begrafenis geen enkele officiele ruchtbaarheid was gegeven, was de opkomst enorm. Toen een van de gedichten uit Dokter Zjivago werd voorgelezen, fluisterden alle aanwezigen het mee, hoewel officieel niemand het zou moeten kennen.
Olga en Boris
Opnieuw was Olga kwetsbaar, het regime moest Pasternak in ere herstellen, maar dat kon alleen als de schuld van die verderfelijke roman bij iemand anders kwam te liggen. Olga en haar dochter werden enkele maanden later opnieuw opgepakt en veroordeeld. Ze zou uiteindelijk in 1995 sterven, de brieven en de papieren van Boris die van haar waren afgenomen heeft ze nooit teruggekregen.

De familie Pasternak deed er ondertussen alles aan om de invloed van Olga Irvinskaja op het leven van Boris Pasternak en het boek Dokter Zjivago te verkleinen en zelfs te ontkennen.

Maar nu is er Lara, het boek dat Anna Pasternak (een kleindochter van een zuster van Boris) heeft geschreven. Ze vertelt hierin niet alleen het verhaal van Olga en Boris, maar probeert ook te doorgronden wie Boris was en waarom hij tot zijn keuzes kwam.

Het is bijzonder boeiend en prettig geschreven en zakte wat mij betreft geen moment in. Een aantal dingen wist ik wel, zoals de situatie voor schrijvers in Rusland en de moeilijkheden rond het uitgeven van Dokter Zjivago, maar dit boek geeft toch ook weer nieuwe informatie en inzichten.

Het verhaal van Olga is ongelofelijk triest en ik hoop voor haar dat de jaren met Boris en het geluk dat hun liefde haar bracht heeft opgewogen tegen de ellende die ze er ook bij kreeg. Ik vond het in ieder geval heel bijzonder om deze achtergrond te leren kennen bij één van de mooiste verhalen die ik in de kast heb staan en het zorgt ervoor dat ik met nieuwe ogen Dokter Zjivago zal lezen.

Oorspronkelijke titel; Lara
Uitgegeven in 2016
Nederlandse uitgave 2016 door uitgeverij Nieuw Amsterdam
Nederlandse vertaling: Aad Jansen en Pon Ruiter
Bladzijdes: 337

Voor wie meer wil weten over de moeilijkheden bij het uitgeven van Dokter Zjivago heb ik eerder heb boek De zaak Zjivago besproken.

Er is trouwens een nieuwe vertaling uitgekomen van Dokter Zjivago, in de Russische bibliotheek van uitgeverij Van Oorschot. Een dure uitgave, maar wel de moeite waard (ik heb me niet kunnen inhouden en heb mezelf op deze nieuwe vertaling getrakteerd.)

vrijdag 5 mei 2017

Vijf op vrijdag: Bologna

Vorige week had ik het geluk om een paar dagen in de mooie stad Bologna te zijn. Ik heb ervan genoten, en ik heb zoveel moois gezien. De ideale vakantie is voor mij altijd een mengeling van cultuur, kunst, lekker op bankjes zitten en mensen kijken, beetje shoppen en lekker eten. En aan al die voorwaarden heeft Bologna zeker voldaan.
Hier in vijf foto's  een kleine impressie van Bologna.
Overdekte straten, met zogenaamde Portico's.
Heerlijke bescherming tegen de zon of de regen!

Heel veel binnenplentjes, deze is te vinden in het klooster van Santo Stefano. 

Indrukwekkend monument voor de partizanen die zijn omgekomen in de Tweede Wereldoorlog. 
Een Botanische tuin die uit de 16e eeuw stamt

In de middeleeuwen waren er meer dan 100 van deze torens, nu zijn alleen deze twee nog over.
De linker is al voor een deel afgebroken omdat die zo overhelde dat het gevaarlijk werd. 

woensdag 3 mei 2017

Tentoonstelling: Construire il Novecento in Bologna

Giorgio Morandi, Natura Morta 1960
Augusto Giovanardi was geboren in 1904 en ging medicijnen studeren in Bologna. Hij ontmoette Francesca en ze trouwden in 1931. Augusto was verbonden aan de universiteit van Milaan en hier begon hun carriere als kunstverzamelaar. Ze waren allebei geïnteresseerd in kunst, maar dat was vooral die van de 19e eeuw. 

Nu maakten ze kennis met 20e eeuwse contemporaine Italiaanse schilders, vooral van de Milanese kuststroming die Novecento werd genoemd en begonnen daar werken van aan te kopen.

De Giovanardi’s hadden niet eens een bijzonder grote verzameling, maar wel een heel diverse met werken van schilders als Morandi, Carrà, Tosi, Mafai, Campigli, Sironi en nog vele anderen. Ze kochten vooral wat ze zelf mooi vonden en dat is waarschijnlijk het beste criterium om een kunstverzameling aan te leggen.

Novecento Italiano
Novecento was in 1923 officieel begonnen tijdens een tentoonstelling waar Mussolini een van de sprekers was. De kunstenaars, die bij elkaar waren gebracht door een galerie-eigenaar en een kunstjournaliste, wilden een bezem halen door de stoffige kunst van de 19e eeuw en iets geheel nieuws opzetten. 

Ze gebruikten de naam Novecento om te refereren aan de andere twee periodes van grootste Italiaanse kunst zoals het Quattrocento en het Cinquecento (de 15e en de 16e eeuw).

De stroming, zoals zoveel Italiaanse kunststromingen in die tijd, was gelieerd aan het fascisme. Veel van de kunstenaars die meededen aan het Novecento waren zelf veteranen uit de Eerste Wereldoorlog en een aantal steunden het fascisme actief. De naam werd ook veranderd in Novecento Italiano om het groeiende nationalisme aan te geven.

Toch was het niet zo dat dit de officiële kunst van de staat was, en sommige schilders kwamen ook ernstig in de problemen met het regime. Langzamerhand namen sommige oprichters afstand van Mussolini en in 1943 stopte de groep. 
Carlo Carrà, Marina 1940 (detail)
Tentoonstelling
In het Palazzo Fava in Bologna is een tentoonstelling te bewonderen met een deel van de collectie van de Giovanardi’s: Construire il Novecento Italiano.
Het is geen heel grote tentoonstelling, maar wel een bijzonder mooie. Ik vond bijna alle werken die er te zien waren om stil van te worden en heb zelfs de catalogus gekocht omdat ik er vaker naar wil kijken.

De tentoonstelling is verdeeld in drie delen. In de eerste zalen staat het contrast tussen Giorgio Morandi en Osvaldo Licini centraal. Deze twee twee kunstenaars waren eerst vrienden, maar naarmate hun ideeen over kunst uiteen begonnen te lopen, kwam hier een einde aan. Morandi bleef in Bolgona wonen en leefde een rustig leven en schilderde vooral stillevens en landschappen geïnspireerd door Cezanne, terwijl Licini zich mengde in de internationale kunststromingen en steeds abstracter ging werken.

In het tweede gedeelte is er aandacht voor de verbanden tussen architectuur en schilderen, die vooral in het interbellum te zien is. De fascistische regering wilde grote gebouwen neerzetten en de kunst liet zich inspireren door het verleden zoals fresco’s en Etruskische muurschilderingen.
Mario Maffai, Il foro Romano (1930)
In het laatste gedeelte zijn er werken te zien die te verdelen zijn in twee groepen, de Aarde en de Droom. De schilders die tot de Aarde groep behoorden schilderden met stevige penseelstreken en sterke kleuren. Hun vormen zijn aards en duidelijk. De schilders die tot de andere groep behoorden wilden juist zo etherisch mogelijk schilderen, in zachte, bijna transparante kleuren die soms bijna leken op te lossen op het doek.

Als je deze drie delen van de tentoonstelling doorloopt, zie je langzaam de schilderkunst veranderen. De technieken worden verkend en de vormen worden langzamerhand losgelaten tot er een zuivere abstractie ontstaat, een mooie lijn door de ontwikkeling van de schilderkunst.

De tentoonstelling Construire il Novecento Italiano is nog te zien tot 25 juni 2017 in Palazzo Fava , Via Manzoni 2, Bologna. (dus als je toevallig nog die kant op gaat kan ik deze tentoonstelling zeker aanraden!) 

maandag 1 mei 2017

De groene eend, Manu Causse

Eric zoekt elke woensdag zijn zoontje Isaac op in de inrichting waarin hij woont. Isaac is ernstig autistisch en er lijkt niets tot hem door te dringen, op geen enkele manier kan er contact met hem gemaakt worden. 

Alleen de karpers in de parkvijver lijken hem te boeien, maar als de vader hem hier mee naar toe neemt, loopt het mis en krijgt hij van de artsen te horen dat het niet langer is toegestaan om zijn zoon mee te nemen.

Eric erft van zijn oom een oude, groene eend. Een auto die door zijn geschiedenis is verbonden met Eric. Isaac vindt de nieuwe auto prachtig en weer is er een moment dat de vader denkt dat er toch contact mogelijk is, een manier om tot hem door te dringen. In een opwelling besluit hij Isaac mee te nemen in de auto en wel te zien waar ze uitkomen.

Op de voorkant van het boek staat: ‘een autistische jongen en zijn vader maken een onvergetelijke roadtrip’.

Deze zin roept een beeld op zoals in een Amerikaanse feel-good movie, waar de mensen het soms een beetje moeilijk hebben, maar alles uiteindelijk goed komt. Een paar mooie zonsondergangen, een paar indringende momenten en ernstige gesprekken en klaar is men. Opgewekt en licht, misschien zelfs sentimenteel en niet al te diepgaand.

En dat beeld is eigenlijk jammer, want dit boek is zoveel meer dan een sentimenteel oppervlakkig verhaaltje, en het is ook geen feel good roadmovie.

De ‘roadtrip’ is niet goed voorbereid en eigenlijk is het meer geluk dan wijsheid dat er niets ernstigs gebeurt met vader of zoon. Gelukkig ontmoet Eric mensen die hem goed gezind zijn, mensen die ook zo hun defecten hebben, maar die hem helpen.

Wat De groene eend zo’n mooi boek maakt is dat het geen standaard verhaal is waarvan je al precies weet hoe het af zal lopen. Het is een verhaal met meerdere lagen, dat bijzonder is opgebouwd.

De prachtige schrijfstijl valt op. Manu Causse heeft de vaardigheid, zoals zoveel van zijn Franse collega’s, om heel poëtisch en beeldend te schrijven. In dat opzicht is het al een genot om te lezen, ik heb sommige gedeeltes zelfs twee keer gelezen omdat ik ze zo mooi vond.

Mooi vond ik ook hoe de nadruk niet ligt op Eric en Isaac, ook anderen spelen een rol zoals de Gendarme die de zoektocht in gang zet, Marion die zo haar eigen problemen met de wereld heeft en de oude oom die een reden had om de auto aan Eric te vermaken. Elk van hen heeft zo zijn of haar eigen redenen voor wat ze doen, en samen maken ze het verhaal en geven het diepgang.

Van Isaac komen we weinig te weten, maar dat is denk ik ook logisch. Hij heeft een bepaalde functie in het verhaal en dat is meer middel dan doel. In het verhaal over Abraham en Isaac komen we ook meer te weten over Abraham en zijn gevoelens dan hoe Isaac over die tocht naar de offersteen denkt.

Een speciale rol is weggelegd voor het katje Enigma, dat samen met de geesten op de achterbank commentaar levert op de gebeurtenissen. Of is het katje misschien wel een katalysator van de tijd en situaties? Helemaal onschuldig is het diertje in ieder geval niet, maar ik heb van zijn rol genoten. Je begint je op een gegeven moment zelfs af te vragen of het niet Isaac is die het katje aanstuurt, of misschien zelfs Eric zelf.

En zo komen ze in de buurt van de offerplaats. Net als wij nu. Snap je het, jongen? Snap je het, zoon? Ik heb geen keus. We hebben geen keus meer, die hebben we nooit gehad. Ik moet er een eind aan maken.
Met die woorden zwijgt de vader.
‘Nu is hij echt vertrokken’, zegt Enigma achterin.
De oude man en de andere schimmen blijven doodsbang zwijgen.
‘Ik hoor je wel’, zegt de Vader, ‘Ik hoor je al vanaf het begin.’
‘Weet ik toch’, antwoordt de kat. ‘Voor wie denk je dat ik praat?’
De Vader accelereert.

Niet alles is wat het lijkt en hoewel de roadtrip geen wondermiddel is en Isaac niet genezen is (zoals in een Amerikaanse film waarschijnlijk wel was gebeurd), zijn er toch dingen veranderd. Eric is van zijn demonen verlost en misschien is er ook een klein lichtpuntje wat Isaac betreft. 

Manu Causse (1972) is vertaler en De groene eend is zijn debuut. Ik kan alleen maar zeggen dat als dit zijn debuut is, ik met grote belangstelling uitkijk naar zijn volgende boeken.

Originele Franse titel La 2 CV verte
Uitgegeven in 2016
Nederlandse uitgave 2016 door uitgeverij Signatuur
Nederlandse vertaling: Manik Sarkar
Bladzijdes 237
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...