zaterdag 31 december 2011

Oudjaar en nieuwjaar

Het jaar is bijna voorbij, 2011 heeft nog maar een aantal uren over. Zonder in details te treden was dit voor mij geen goed jaar. Ondanks wat lichtpuntjes (want helemaal kommer en kwel was het natuurlijk ook niet) komt 2011 toch in mijn rijtje ‘ontiegelijke rotjaren’ te staan.

Maar de laatste dag is aangebroken, vandaag is het 31 december. Een vreemde dag altijd. Opeens heb je het idee dat je lang op moet blijven, terwijl ik regelmatig in het weekend tot na twaalf uur opblijf, is het nu opeens een lange avond die voor me ligt. Vanwege het vuurwerk en de poezen ben ik lekker thuis. Ik heb geen zin in conferences van deze of gene, ik hoef het gezeur van anderen niet aan te horen. Ik ga me vermaken met ‘Dr Zhivago’,  niet de film maar de serie met Hans Matheson als Joeri Zhivago en Kyra Knightly als Lara. Het is voor mij een traditie om deze te zien in de kerstvakantie. Op de een of andere manier kan ik deze alleen bekijken in de winter. Ik heb het eens geprobeerd in de zomervakantie, maar dat past gewoon niet.  
Morgen is het 1 januari 2012. Goede voornemens? Niet echt. Ik heb een algemene:  ‘goed op mezelf passen’ en daar past eigenlijk alles wat ik van plan ben wel onder. Wordt dit een beter jaar? Ik hoop het van harte.
Voor iedereen: Gelukkig Nieuwjaar alvast en moge 2012 jullie alles brengen wat je ervan verwacht.

vrijdag 30 december 2011

A discovery of witches, Deborah Harkness

Dit boek, in het Nederlands vertaald als ‘Allerzielen’ is het eerste deel van wat een trilogie moet worden.

Diana Bishop is een Amerikaanse historica die een jaar aan de universiteit van Oxford onderzoek doet naar haar specialiteit, de alchemisten van de 17e eeuw. Op een dag komt er een manuscript mee in de stapel die ze had besteld, waar iets meer mee aan de hand blijkt te zijn. De tekst is magisch en Diana heeft geen keus, ze kan haar afkomst niet meer ontkennen. Diana stamt af van een lange lijn heksen maar door allerlei gebeurtenissen heeft ze haar hele leven geprobeerd om zonder magie te leven.

Maar nu is dit bijzondere boek opgedoken en allerlei andere heksen, maar ook vampiers en daemonen komen naar Oxford om te zien wat er in het boek staat. Het blijkt dat elke groep denkt dat in dit boek het geheim van hun afkomst staat en elke groep wil het boek hebben, desnoods met geweld. Gelukkig ontmoet Diana Matthew, een vampier die haar te hulp schiet. Samen proberen ze achter het geheim van het manuscript te komen, maar als ze verliefd worden blijkt dat daar ook nog een gevaar aan vast zit.

A discovery of witches is een lekker boek. De hoofdpersoon Diana is een pittige tante, maar niet zo dat ze er onaangenaam of onsympathiek van wordt, integendeel. Het boek is origineel en dat vind ik wel een prestatie, probeer nog maar iets origineels over heksen en vampiers te schrijven. Verder is het romantisch, bij vlagen grappig in de beschrijvingen, zonder dat het een soort slapstick wordt.

Het enige minpunt is dat Diana natuurlijk weer de meest machtige heks in de geschiedenis van de wereld moet zijn, met allerlei bijzondere krachten. Is het al niet bijzonder genoeg dat er een wereld bedacht is met mensen, vampieren, daemonen en heksen? Waarom moet het dan nog bijzonderder gemaakt worden? Ik vind dat altijd zo overdreven. Maar goed, dat is dan ook het enige minpunt. Ik heb me er erg met dit boek vermaakt en ik kijk uit naar het tweede deel dat als het goed is komend jaar uitkomt.

dinsdag 27 december 2011

De schim, Jo Nesbo

In november is het nieuwste boek van Jo Nesbo uitgekomen. In ‘De schim’ komt Harry Hole na 3 jaar terug uit Hongkong. Hij is clean en nuchter en heeft in Hongkong een soort leven opgebouwd. 

De reden dat hij terug komt is Oleg, de zoon van Rakel. De jongen is betrokken geraakt in het drugmilieu van Oslo en wordt beschuldigd van de moord op Gusto, een van zijn drugsmaatjes. 

Harry wil de zaak onderzoeken, al is hij geen politieman meer. Hij kan en wil niet geloven dat de jongen die hij ook een beetje als zijn eigen zoon beschouwde een moordenaar kan zijn.  

Al snel blijkt dat er in Oslo een nieuw soort drugs op de markt is en er een nieuwe organisatie is die de drugshandel in handen heeft. Deze organisatie wordt geleid door iemand die door niemand wordt gekend, iemand die door niemand gevonden wil worden. Harry gaat achter deze schim aan om erachter te komen wat er nu werkelijk is gebeurd, maar de Schim zit ook al achter hem aan.

Jo Nesbo is er opnieuw in geslaagd een heel spannend deel in de Harry Hole serie te schrijven. Het is fijn te zien dat Harry zichzelf weer een beetje op de rails heeft, al zorgen de waanzinnige risico’s die hij neemt ervoor dat dat ook weer in gevaar wordt gebracht. 

Het boek neemt je in grote vaart mee in de zaak die steeds verder ontrafeld wordt door Harry. En het net dat zich steeds verder sluit, om de Schim, maar ook om Harry. 

Ik raad aan dat als je aan dit boek begint, je ervoor zorgt dat je genoeg tijd hebt om het in één ruk uit te lezen, dit is geen boek dat je regelmatig weg wil leggen, je wilt weten hoe het afloopt. 

Het boek eindigt met een cliffhanger waar ik alleen maar van kan zeggen dat als Jo Nesbo dit niet oplost met het volgende boek, meneer Nesbo een probleem met mij zal krijgen.

zondag 25 december 2011

Zalig Kerstfeest

Als je de afgelopen weken hebt rondgekeken in de winkels, en dan vooral gisteren, de dag voor Kerst in de supermarkt, dan krijg je de indruk dat met Kerst het belangrijk is om zoveel mogelijk geld uit te geven.

Je moet volgens een heleboel mensen je huis vol zetten met kerstspullen (want dat is gezellig). Je boom moet elk jaar met de nieuwste ballen worden opgetuigd, het liefst ook elk jaar met een ander thema en allemaal bijpassende kleuren.
En tijdens Kerst zelf moet je ten eerste jezelf helemaal in het nieuw steken, ten tweede dure cadeaus geven en ten derde jezelf helemaal vol stoppen.

Ik zag in de supermarkt mensen met hoogopgestapelde karren vol gerookte zalm, hertenbiefstukken, rundercarpaccio, geitenkaassoesjes, pommes duchesses, zoute prieters en prutters en vele flessen vol sap, wijn en drank zich naar de kassa worstelen. Toen ik gisteren om acht uur in de ochtend naar de winkel ging om mijn boodschappen te doen zag ik al rijen mensen bij de slagers staan om van die enorme  schalen met  delicatessen op te halen. Ik zag één meneer met vier van die  schalen de deur uitlopen, hij kon  niet eens meer zien waar hij naar toe ging. En ik heb de indruk dat dat in deze tijd voor veel mensen geldt.

Veel mensen nemen in deze weken niet de tijd om de rust in zichzelf te zoeken, om aandacht te geven aan de dingen die echt belangrijk zijn. En omdat niemand erbij stil staat, denkt men al heel snel dat het gaat om dat geld uitgeven en dat het belangrijk is om die nieuwe kerstboom te hebben en die schaal met dure hapjes.

De vier weken voor Kerst worden de Advent genoemd. Vier weken die draaien om het wachten op de komst van het Kerstkindje. Vier weken die draaien om geduld, om stil staan bij je naaste. Het Kerstkindje is nu geboren, de Advent, de tijd van wachten is voorbij. Maar de noodzaak om stil te staan bij de basis en te zien wat echt belangrijk is, blijft.
Ik wens iedereen heel fijne dagen, vol rust en aandacht.
Zalig Kerstfeest!

vrijdag 23 december 2011

A year of living your yoga, Judith Lasatar

Van Judith Lasatar had ik al eerder eens ‘Living your yoga’ gekocht, een heerlijk boek vol wijze woorden over hoe je de lessen van yoga niet alleen beperkt tot die tijd dat je op de mat staat, maar ook gebruikt in je dagelijks leven. Daarop voortbordurend is er nu ‘A year of living your yoga’ een allerschattigst boekje vol yoga inspiratie.
Voor elke dag in het jaar heeft ze een aforisme en een oefening die erbij past. Soms is het een asana die je kunt doen op de mat die dag, vaker is het een oefening die dieper ingaat op het gezegde of een uitleg daarvan. Natuurlijk zijn het vaak dingen die je zelf ook kunt bedenken, maar helaas doe je dat niet, dit boekje is daarin net even een leuke herinnering ‘he, denk eraan dat..’ en wat dat ‘dat’ is, is voor iedereen (en voor elke dag) anders.
Om een voorbeeld te geven, voor vandaag (23 december) staat er (in erg losse vertaling van mij) ‘Wat zetten ze op jouw grafsteen, we missen haar zo veel, haar spieren waren zo los?’ Dat je een gevorderde asana kunt doen betekent alleen maar dat je een gevorderde asana kunt doen. Doe het vandaag eens rustig aan en bedenk dat asanas alleen maar een onderdeel van yoga zijn’.
Natuurlijk staan er ook wel heel erge open deuren in, en sommige dingen zijn gewoon niet zo relevant, maar al met al staat er wel veel waardevols in.
Het boekje is een mooi klein formaat, gebonden met mooi papier en een leeslint, dat werkt ook al inspirerend.

woensdag 21 december 2011

Willen en nodig hebben

Als je thuis je yoga oefent, dan heeft dat een aantal voordelen. Zo kun je oefenen wanneer en hoe lang je maar wilt. En je kunt de asanas doen waar je maar zin in hebt. En daarin zit ook een beetje het probleem. Niet alle oefeningen zijn even gemakkelijk en er zitten leuke en minder leuke bij.
Je kunt bij zelf oefenen natuurlijk goed voelen en kijken waar je lijf behoefte aan heeft, en je oefeningen daarop aanpassen,  maar klopt dat wel altijd? Je kunt jezelf vrij snel voor de gek houden en de moeilijke of minder leuke asanas gewoon skippen, onder het mom van; ‘Die zijn nu niet zo goed voor me, hier heb ik geen behoefte aan’. Zoals mijn yogaleraar uit Rotterdam die ik laatst sprak het zo mooi verwoordde: ‘Waar heb ik zin in en wat heb ik nodig?’
Ik heb een paar weken enorme last gehad van stijve spieren in rug, nek en schouders en heb mijn oefeningen daar op aangepast en dat is natuurlijk alleen maar verstandig. Maar nu dat een groot deel beter is geworden (dank zij de yoga) kan ik weer andere oefeningen doen. Om dan te blijven hangen in het bekende rijtje dat ik redelijk beheers is niet helemaal de bedoeling. Ik probeer dus bewust elke keer als ik de mat uitrol ook ten minste een oefening te proberen die ik moeilijk vind, en een nieuwe oefening. En elke keer kom ik daarin weer een stukje verder.

maandag 19 december 2011

De leesdip

Erg leuke nieuw ontdekte serie
Als iemand die veel leest, en ik denk dat ik meer lees dan de gemiddelde mens, overkomt me soms iets verschrikkelijks. Soms heb ik  namelijk een leesdip, een periode waarin ik weinig concentratie op kan brengen om te lezen en met een boek in mijn handen kan staan om het dan weer weg te zetten met het idee ‘Geen zin in’. 

Leesdips zijn altijd een beetje eng omdat je geen idee hebt hoe lang het kan duren, en wat als je leesdip maanden duurt? Ik neem al een boek mee als ik heen en weer naar de tandarts ga of bloed moet laten prikken, zodat ik in de wachtkamer tenminste kan lezen. Het vooruitzicht om niet te kunnen/willen lezen is niet fijn.

Gelukkig heb ik voor mezelf een goede oplossing waardoor ik meestal zo snel mogelijk weer van de leesdip afkom (of ‘er uit kom’ is misschien een betere manier om het te zeggen)

De oplossing is namelijk voor mij niet om minder te gaan lezen, ik moet de frequentie hetzelfde houden. De oplossing is de moeilijkheidsgraad van de boeken naar beneden halen.
Zo heb ik toen mijn opa overleed een maand lang alleen maar Agatha Christies gelezen en nu ik door omstandighden het concentratievermogen van een parkiet heb, ben ik al een week bezig met allerlei kinder- en jeugdboeken te herlezen.

Een klassieker die ik nog
herlees als ik 80 ben.
Ik heb oa. ‘Ronja de Roversdochter’, ‘De zevensprong’ en ‘Koning van Katoren’ gelezen en ik had twee nieuwe deeltjes van de serie ‘De grijze jager’ (boek 3 en 4) gekocht en gelezen.

Goede kinder- en jeugdboeken zijn voor een volwassene als gezellig tussendoortje te lezen, je hoeft er niet heel erg je hoofd bij te gebruiken, maar als het goed is dan geniet je er wel ontzettend van. ‘De negen levens’ van Diana Wynn Jones is nog altijd een van mijn favoriete boeken en ik herlees het regelmatig.

Dit weekend heb ik een boek van Stephen King gelezen en ga zo meteen aan ‘De citadel’ van A.J. Cronin beginnen, dus langzaamaan maak ik de overgang weer naar boeken voor volwassenen en hopelijk is de leesdip dan weer over. Maar voor ik aan John Irving begin zal ik voor de zekerheid toch eerst nog ‘Het geheime dagboek van Adrian Mole’ lezen, hoewel ik daar eigenlijk geen excuus voor nodig heb!

zondag 18 december 2011

Seneca

Wanneer je verstandig bent, vermeng je het ene met het andere: Hoop niet zonder twijfel, en twijfel niet zonder hoop.


Foto gemaakt door Ben Grissen
Seneca (Romeins schrijver en filosoof, 4 v. Chr- 65)

maandag 12 december 2011

Van seizoen tot seizoen, Sophie Dahl

Sophie Dahl heeft een nieuw kookboek, dat in september is uitgekomen; ‘Van seizoen tot seizoen, een jaar in recepten’.

Sophie is geen professionele kok, zoals de kritiek na haar vorige boek ‘Miss Dahls heerlijkheden’ luidde, maar die kritiek was niet helemaal eerlijk. Ze pretendeert dit ook helemaal niet te zijn. Zoals ze zelf in de inleiding van dit boek zegt; ‘ik ben een gulzige schrijfster die van koken houdt en daar verhaaltjes over op papier zet’.

Van seizoen tot seizoen’ is ingedeeld per seizoen en daartussen staan stukken waarin Sophie Dahl vertelt over de herinneringen die zij heeft aan dit jaargetijde of aan een bepaald soort gerecht dat hier heel goed bij past.

De hoofdstukken zijn verder ingedeeld met recepten voor ontbijt, lunch en diner, met achterin een apart hoofdstuk voor toetjes. De recepten zijn over het algemeen gemakkelijk te maken, hoewel er soms wat onbekende ingrediënten in voor komen, zoals arganolie, hoewel ze daarvan uitlegt wat het is en waar je het koopt.

Leuk vind ik het dat ze de recepten echt persoonlijk maakt door er allerlei herinneringen bij te vertellen. Zoals bij het recept voor Spaghetti Carbonara, het eerste recept dat ze ooit voor een jongen klaarmaakte, die daarna haar hart brak en waar op het einde bij staat: ‘hartezeer niet noodzakelijk’. 

Het boek is mooi gebonden (al zal er waarschijnlijk over een tijdje ook een paperback versie van uitkomen) en er staan prachtige foto’s in. Niet alleen van de meeste gerechten, maar ook van Sophie Dahl zelf die iets mengt, of prachtige keukenstillevens van mooie schalen, eieren, fruit en noem het maar op. 

Dit is geen kookboek voor iemand die ingewikkelde recepten wil met allerlei technieken, maar wel een goed kookboek voor iemand die ook wil proeven van een bepaalde sfeer en die geïnspireerd wil worden door simpele recepten die uitnodigen om te gaan koken. Een betere aanbeveling kun je een kookboek niet meegeven.

zondag 11 december 2011

Sint Anselmus van Canterbury

Nor do I seek to understand that I may believe, but I believe that I may understand. For this too I believe, that unless I first believe, I shall not understand.
Sint Anselmus van Canterbury, ca 1030-1109

zaterdag 10 december 2011

Opgeven

Het woord opgeven heeft meestal, voor de meeste mensen een negatieve betekenis. Opgeven betekent dat je ermee stopt omdat je iets niet wilde volhouden, daar te zwak of te lui voor was. Het is in ieder geval een fout in je karakter. Een echte vent/stoere meid zet door. Wie A zegt, moet B zeggen, dat soort zaken. (ik heb bijna de neiging om de VOC mentaliteit er weer even bij te halen)

Ik ben in de afgelopen tijd een aantal keren met iets gestopt, heb een aantal dingen dus ‘opgegeven’.  En ik vroeg me opeens af of dat wel zo erg is, is dat een teken dat ik dingen niet doorzet? En ik kwam tot de conclusie dat dat niet het geval is.
Waarom zou je energie besteden aan iets waar totaal geen toekomst in zit? Waarom zou je ergens mee doorgaan als je ergens doodongelukkig van wordt? Of het nu gaat om je werk, je relatie of om andere zaken. En als je iets doet voor je plezier en je merkt dat het je geen plezier oplevert, waarom zou je er dan in hemelsnaam mee door moeten gaan?

Om niet als ‘opgever’ door mensen gezien te worden? Wat een onzin! Ik probeer iets en als ik merk dat het niet werkt, stop ik daarmee en zoek ik iets dat wél werkt.

Ik ga ervoor pleiten dat mensen die opgeven niet worden gezien als zwak, of lui, of types die de gemakkelijke uitweg zien, maar juist als de verstandige mensen. De mensen die weten wanneer iets vergeefse moeite is, wanneer iets geen haalbare kaart is en je moet stoppen. Ergens mee door gaan alleen omdat het ‘zo hoort’ heeft ook zo weinig zin en B zeggen heeft alleen nut als A een goede stap was.

Dus stop af en toe om te zien of het nog werkt, en als het niet goed is, heb de moed te stoppen.
Durf op te geven.

vrijdag 9 december 2011

The scarlet and the black (1983)

Het is 1943 in Rome. De Duitsers hebben de stad ingenomen en het Vaticaan zit in de moeilijke positie dat ze neutraal wil blijven, ondanks de bezetting van de stad.
Hugh O’Flaherty, gespeeld door Gregory Peck, is een van de priesters die veel contacten heeft met de mensen buiten het Vaticaan en hij raakt betrokken bij de ontsnapte krijgsgevangenen, die hopen in het neutrale Vaticaan een schuilplaats te vinden. Hij schakelt de mensen die hij kent in om die schuilplaatsen te vinden door heel Rome heen, onder het oog van de Duitsers.
Maar het stopt niet bij de krijgsgevangenen. Als de Gestapo de Joodse gemeenschap in Rome opdraagt om met zoveel kilo goud op de proppen te komen om hun veiligheid te garanderen, is het Vader O’Flaherty die begint met de inzameling, waar uiteindelijk alle parochies aan meedoen. Er vormt zich een verzetsgroep bestaande uit geestelijken en burgers, die op allerlei manieren de Duitsers proberen te omzeilen.

Kolonel Kappler van de Gestapo, gespeeld door Christopher Plummer, wordt gek van monsignieur O’Flaherty, want door zijn officiële functie in het Vaticaan heeft hij diplomatieke status. Tot het uiterste getergd laat kolonel Kappler weten dat als de priester buiten het Vaticaan wordt gezien, hij zal worden neergeschoten. Dan begint een kat en muis spel, waarin O’Flaherty al zijn inventiviteit nodig heeft om Kappler te slim af te zijn, terwijl de geallieerden steeds dichterbij komen.

Ik heb deze film ooit gezien toen ik nog heel jong was, en kwam deze bij toeval weer op Amazon tegen. Het grappige was dat ik me sommige scènes nog precies herinnerde. Bijvoorbeeld de scene waarin kolonel Kappler scherpschutters rond het St. Pietersplein heeft geplaatst en wacht tot O’Flaherty over de witte lijn stapt die de grens van het Vaticaan aangeeft, terwijl de priester langs de lijn loopt en alleen maar glimlacht naar de kolonel die steeds woester wordt. Blijkbaar heeft deze film toen behoorlijk veel indruk gemaakt. En gelukkig viel de film bij opnieuw zien niet tegen. Natuurlijk merk je dat de film uit 1983 komt, maar het is zeker geen saaie of langdradige film, integendeel. Ik vond het spannend om te zien en opnieuw heel indrukwekkend. Het einde is mooi en ontroerend en hoopgevend.
De film is gebaseerd op het boek dat geschreven is over de echte Hugh O’Flaherty en wetend dat deze film gaat over echt gebeurde situaties maakt het nog mooier. Voeg daarbij prachtige rollen van Gregory Peck, Christopher Plummer en sir John Gielgud als paus Pius XII en dan heb je een perfecte film, zeker voor stormachtige dagen zoals deze.

woensdag 7 december 2011

Geen Italiaanse les meer...

Ik was in september begonnen met de Italiaanse les bij de volksuniversiteit. Een paar jaar geleden heb ik al een schriftelijke cursus gedaan, maar ik dacht dat ik het prettiger zou vinden met een docent erbij. De volksuniversiteit leek een fijne oplossing. Helaas bleek de werkelijkheid voor mij een beetje anders.

Ik zal eerlijk zijn, zelf docent zijn helpt niet als je de les bij iemand anders volgt. Je ziet van alles en denkt ‘gut, dit zou ik anders doen.’ Nu kon ik daar nog overheen stappen, als er maar een beetje tempo gemaakt zou worden. Helaas is zo’n les een gemiddelde en voor mij lag dit gemiddelde erg laag. Zes hoofdstukken doen in 24 lessen is natuurlijk niet veel en misschien had ik dit van tevoren kunnen bedenken, maar ik merkte het pas tijdens de lessen. 

Als je tien minuten krijgt voor een oefening waar ik er één voor nodig heb, als ik dan de volgende drie oefeningen ook maar vast maak en dan nog om me heen mensen met de eerste oefening bezig zie, ja, dan verveel ik me. En dat had ik nooit verwacht, dat ik me zo ontzettend zou vervelen in de les Italiaans. Zo erg dat ik volkomen chagrijnig de les uitkwam de laatste twee keren en toen besloot dat ik mijn tijd beter kan besteden. Het boek bevalt me goed en daar kan ik heel goed zelf mee aan de slag. Het is jammer van het betaalde lesgeld, maar goed, ik ben wel weer een ervaring rijker.

maandag 5 december 2011

Vladimir Poetin, Peter d'Hamecourt

Gisteren waren er parlementsverkiezingen in Rusland en in maart zullen er verkiezingen zijn voor het presidentschap. De partij van Poetin heeft na de verkiezingen van gisteren flink verloren en heeft weliswaar nog een meerderheid, maar geen handige tweederde meerderheid meer. De kans is groot dat de partij een nieuwe naam krijgt of dat er een nieuwe partij komt, waarschijnlijk met dezelfde mensen. De kans dat dit het einde van Medvedev’s carrière is, is wel groot.
 
In de verkiezingen van 2012 zal Vladimir Vladimirovitsj Poetin hoogstwaarschijnlijk opnieuw president worden. De wet is ondertussen aangepast, en een termijn voor een president is nu zes jaar, waarmee Poetin tot 2024 aan de macht kan blijven. We zullen de naam Vladimir Poetin dus nog heel vaak tegenkomen.
 
Daarom nu de bespreking van het boek van Peter d’Hamecourt dat vorige maand is verschenen. In ‘Vladimir Poetin, het koningsdrama’ geeft Peter d’Hamecourt inzicht in wie Vladimir Poetin is en waar hij voor staat. Dat is nog niet zo heel gemakkelijk. Want heel duidelijk is de politiek van Poetin niet. Stabiliteit, daar staat zijn partij voor, maar hoe willen ze dat bereiken? Dat weet niemand, zelfs niet nadat ze al jaren aan de macht zijn. Mensen die op Poetin stemmen zeggen zelf ook vaak dat het is omdat hij hen het beste leek, of omdat ze geen idee hebben op wie ze anders moeten stemmen. De president (en dan bedoel ik Poetin) is niet zo heel erg voor transparantie, of duidelijkheid en teveel kritische vragen vindt hij ook vervelend. Veel zaken worden door hem bestempeld als ‘bred’, wartaal. En als de president dat zegt, dan heeft niemand het er nog over.
 
Crisissen zijn er genoeg geweest in Rusland in de afgelopen jaren, oa. het zinken van de onderzeeër de Koersk, de gijzelingen door terroristen van het theater in Moskou en de school in Breslan. Geen van deze zijn tot een erg goed einde gekomen. Maar ook hier is het in geen geval duidelijk hoe de situatie precies is geweest. De officiële media geven duidelijke en overzichtelijke verslagen die vooral heel positief zijn. Bij de parlementsverkiezingen in december 2003 ging het vooral over de lievelingslabrador van Vladimir die puppies had gekregen. Tegenstanders en kritische geluiden krijgen weinig kans.
 
Vladimir Poetin is geboren in St. Petersburg in 1952, toen het nog Leningrad heette. Hij is een redelijk goede student en meldt zich al snel aan bij de KGB om daar te werken, iets waar hij altijd van heeft gedroomd. Hij krijgt een buitenlandse post, in Oost- Duitsland en is gestationeerd in Dresden. Als de Sovjet Unie uiteen valt, is het even zoeken welke richting hij op wil, maar al snel kan hij gevonden worden in de entourage van Boris Jeltsin, waar hij een steeds grotere rol speelt. In 2000 wordt hij president en in 2004 wordt hij herkozen. In 2008 heeft hij twee termijnen gehad, en doet hij een stapje terug om premier te worden.

Poetin wordt door veel Russen gezien als de ideale man, hij drinkt niet en is heel sportief en wordt op allerlei manieren als heroïsch (branden blussend, helikopters besturend etc) voorgesteld. Mensen die Vladimir Poetin voor het eerst spreken zijn onder de indruk van zijn vriendelijkheid, hij weet mensen voor zich te winnen. Wereldleiders prijzen hem en roemen hem. Die gloedvolle lof is in de loop van de jaren een beetje minder geworden. Het is duidelijk dat Poetin de beloftes van democratie niet helemaal waar kan maken. Corruptie zou worden aangepakt, en de levensstandaard zou stijgen. De lonen zijn gestegen, maar de inflatie is harder gestegen, dus veel schieten de Russen er niet mee op. Een van de rijkste zakenmannen is aangepakt, maar waarschijnlijk meer omdat hij erg kritisch kwam te staan tegenover de regering dan om de corruptie te bestrijden.

Peter d’Hamecourt staat erg kritisch tegenover Poetin en dat is goed te merken. Ondanks dat vond ik het een heel leesbaar boek en interessant. Vladimir Poetin vind ik vrij fascinerend en elk boek dat inzicht geeft (probeert te geven) in deze complexe man is er één.

zondag 4 december 2011

Thomas van Aquino (1225-1274)

Als de kennis niet toereikend is, neemt de liefde het over.

Vensterbank in Venetie, foto door mij gemaakt in 2011

zaterdag 3 december 2011

Weblog, de laatste stand van zaken

Sinds 23 augustus jl. is weblog (met of zonder streepje) uit de lucht. Een migratie die 24 uur zou duren, maar nu al 3 ½ maand duurt. Want nog altijd is het daar niet in orde. Ik heb met enige moeite een nieuwe inlogcode kunnen krijgen en heb ten eerste mijn oude berichten daar gewist en ten tweede alleen een verhuisbericht laten staan.
Dit weblog, op deze plek bij blogspot, bestaat nu 3 maanden. En ik ben erg, erg tevreden. Ik vind de lijstjes die je aan beide zijkanten kunt maken leuk en de mogelijkheden die ik hiermee heb.
Ik merk op Google dat verschillende van mijn berichten alweer in de eerste pagina’s te vinden zijn bij verschillende zoekopdrachten. Ik heb in deze drie maanden 2110 bezoekers gehad, dat zijn er gemiddeld 22 per dag. Iets waar ik erg trots op ben, want dat zijn heus niet alleen familie en vrienden.
Kortom, ik ga hier door, en hoewel ik het jammer vind dat ik sommige reacties van mensen niet mee heb kunnen nemen bij het overzetten van mijn berichten, merk ik dat mijn blog toch weer gevonden wordt en dat ook de reacties komen, ook van mensen die ik niet ken, maar die bij toeval op mijn blog zijn terecht gekomen. Erg leuk.
Ik blog fijn verder.
(afbeelding heb ik gehaald van http://www.uitwijkpost.nl/ Als ik het weg moet halen, laat het me maar weten)

vrijdag 2 december 2011

Romanzo criminale, Giancarlo de Cataldo

In ‘Romanzo Criminale’ van Giancarlo de Cataldo speelt het verhaal zich af eind jaren 70 en begin jaren tachtig. Toen kwam er een nieuwe bende op in Rome, een bende die als doel had om voor het eerst heel Rome onder de duim te krijgen. De drugs, het gokken en andere criminele activiteiten. 

De Libanees, de Kille en Dandy komen elkaar tegen en besluiten het plan van de Libanees om baron Rosellini te kidnappen uit te voeren. Hiermee krijgen ze een startkapitaal om op die manier een voet tussen de deur te krijgen in Rome. 

De Libanees heeft het charisma, de Kille de hersens en de het koelste hart en Dandy heeft de ambitie. Samen met Arendsoog, de Buffel, de Buffoni broertjes, Dertig Zilverlingen, de Rat en vele, vele anderen krijgen ze Rome eronder. 

Maar als je groter wordt, wordt je opgemerkt en voor ze het weten komen de Maffia en de Camorra langs en zelfs de geheime dienst kan ze ergens voor gebruiken en vraagt zelfs hun hulp als de politicus Aldo Moro wordt ontvoerd. De ‘bende van Magliana’ staat aan de top en waant zich ontastbaar.

Maar langzamerhand gaat het mis. De Libanees krijgt het steeds hoger in de bol en ziet overal complotten. De Kille heeft er genoeg van en wil een nieuw leven beginnen met zijn Roberta, en Dandy wil zijn Patrizia en eigenlijk verder alles wat hij maar kan bedenken. Achterdocht en verschillende ideeën zorgen ervoor dat ze steeds verder uit elkaar drijven.

Ondertussen ziet commissaris Nicola Scialoja de patronen van de verschillende misdaden en hij beseft in welke richtingen de bende zich allemaal vertakt. Helaas krijgt hij bij zijn superieuren weinig gehoor, omdat de bende de bescherming geniet van de geheime dienst, en allerlei corrupte personen binnen het justitiële apparaat. Dat Scialoja ondertussen verliefd is geworden op Patrizia, helpt ook niet mee.

Toch geeft hij niet op en op het einde is de bende nog maar een schim van zichzelf en heeft Scialoja een stap genomen die hem in het centrum van de macht plaatst.

Het is boek is al eerder uitgebracht onder de titel ‘De bende van Magliana’, maar is nu opnieuw uitgebracht voor 15 euro. Het is een heerlijk boek, waar je even in moet komen door de vele personages die erin voorkomen. Maar je leert ze heel goed kennen. Het boek verveelt ook geen moment.

Het boek is ook verfilmd, met de regie van de geweldige Michele Placido, die velen van ons zullen kennen als commissario Corrado Cattani uit de serie La Piovra, (De octopus). De film gaat ongelofelijk snel en je blijft op het puntje van je stoel zitten omdat je niets kunt missen.

En na de film kwam de serie, die nog spannender was. In seizoen 1 gaat het tot aan de dood van de Libanees (ongeveer de helft van het boek), seizoen 2 vertelt de rest van het verhaal. Was de film al heel goed, de serie is nog beter, maar dat is logisch, in de serie hebben ze 2x12 afleveringen om het verhaal te vertellen. Het enige dat lastig was dat de vertalers van de serie sommige bijnamen anders hadden vertaald dan in het boek of zelfs onvertaald hadden gelaten, waardoor het voor mij soms even lastig was om in het begin te weten wie wie was.

De acteurs die Freddo (de Kille)  en de Libanees speelden waren absoluut subliem, je ziet de Libanees langzaam de afgrond ingaan en je voelt voor Freddo, die toch niet zo heel kil blijkt te zijn, maar vooral een ander leven wil. En je weet ook bij beiden dat het nooit goed zal gaan.

Er zit een enorme vaart in, maar ook humor, ik heb bij sommige stukken, zowel in het boek als in de serie, hardop gelachen.
Voor iedereen de van Italiaanse misdaadromans houdt, en spannende Italiaanse films en series!  

maandag 28 november 2011

Stille zaterdag, Désanne van Brederode

Van Désanne van Brederode had ik nog nooit iets gelezen, maar ik werd aangetrokken door de titel. Stille zaterdag is namelijk de zaterdag voor Pasen. Het is dan ook een roman waarin geloof een grote rol speelt.
Maurice Benders, katholiek, ontmoet Sara Mijland, protestant. Zij, afkomstig uit een streng gereformeerd gezin en getrouwd met een Lutheraanse dominee,  is nu  burgermeester van Amsterdam en Maurice is kunstenaar. Hij komt op haar kantoor om over kunst te adviseren en ze raken aan de praat. Sara moet een toespraak houden bij een stille tocht voor een jongen die aan drugs is overleden en Maurice kende deze jongen. Dat was namelijk jarenlang een vriendje van zijn zoon.

Maurice en Sara worden vrienden, bellen, sms’en, mailen en ontmoeten elkaar regelmatig. Beiden moeten toegeven dat ze meer voor elkaar voelen dan alleen vriendschap, maar dat komt er nooit uit. Beiden zijn getrouwd, en hoewel Sara niet echt gelukkig getrouwd is, is Maurice dat wel.

Dat het niet goed gaat komen met hun verhouding, als je wat zij samen hebben al zo noemen kunt, weten we vanaf het begin. Vanaf het eerste hoofdstuk, de eerste bladzijde weten we namelijk dat Sara op Stille Zaterdag verongelukt. De vriendschap was al maanden voor deze dag verbroken en toevallig is dit de dag waarop zij beiden hun relatie overdenken. Maurice is alleen thuis want zijn vrouw en zoon zitten voor de paasdagen lekker in Rome en Sara is bezig met de paasmaaltijd, omdat haar kinderen met aanhang komen eten. Maar dan gaat het mis, Sara komt onder een auto zij het paasbrood op gaat halen.

In de rest van het boek komen we erachter wat er tussen hen gebeurd is en wat de band tussen hen beiden was. Daarnaast loopt het verhaal van Marlon, het vriendje van de zoon van Maurice, die enorm opkeek tegen Maurice, terwijl Maurice stiekem een enorme hekel aan die jongen had.

Kleuren spelen een belangrijke rol in dit boek. Er komen allerlei beschrijvingen van kleuren in voor, en het is verdeeld in gedeeltes die de namen van kleuren hebben. En nu weet ik eerlijk gezegd niet helemaal wat daar de betekenis van is. Desanne van Brederode is filosofe en ik heb daardoor het gevoel dat er een betekenis in moet zitten, maar ik zie die niet zo goed.

Het deel purper&oranje is wel duidelijk, oranje is de protestantse kleur bij uitstek en purper/paars is een kleur die in de Katholieke liturgie een grote rol speelt, dit is dan ook het gedeelte waarin Sara en Maurice elkaar tegenkomen en leren kennen. 

Het stuk dat wit&zwart heet gaat misschien over tegenstellingen. Tegenstellingen tussen katholiek en protestant, tussen Sara’s huwelijk en dat van Maurice, tussen de opvattingen van Sara en die van haar man, tussen de aanhankelijkheid van Marlon en de gevoelens van Maurice naar die jongen toe. En als je zwart en wit mengt krijgt je grijs. Misschien is alles wel niet zo duidelijk en zo afgebakend. Zo neigt Sara in haar geloof richting het katholicisme.

Maar dan het stuk dat rood&groen heet. Ik dacht zelf uiteindelijk aan de liturgische kleuren. Groen is de kleur in de kerk als er niets bijzonders aan de hand is, rood is de kleur van de bijzondere dagen van Heiligen en de Heilige Geest. 

Het is ook het gedeelte waarin Maurice en Sara worstelen met hun gevoelens voor elkaar en met hun eigen huwelijken. Er lijkt even een moment te komen dat ze een stap verder gaan zetten in hun relatie, maar dan blijkt dat Sara Maurice alleen had uitgenodigd in haar tweede huisje om hem om raad te vragen. Worstelen met gevoelens en in gedachten opgeven, en uiteindelijk blijkt het allemaal veel gewoner te zijn dan aarzelend gehoopt en bedacht.

Ik heb ’Stille Zaterdag’ met plezier uitgelezen en ik wilde ook weten hoe het afliep. De verschillende (kunstzinnige) referenties aan de het katholicisme vond ik soms een beetje ver gezocht, maar soms ook heel mooi.

Maar mijn probleem met dit boek is niet zozeer dat gedoe met die kleuren (waar ik misschien teveel achter zoek, dat kan best) mijn probleem is dat ik na afloop eigenlijk nog niet zoveel weet van Sara en Maurice, en ze er ook niet echt sympathieker op vond worden. Het is niet een groots liefdesverhaal, daardoor gebeurt er te weinig tussen hen. Het is ook geen prachtig verhaal over de verdieping van het geloof, daardoor komt dat gedeelte te weinig uit de verf. Eigenlijk was het verhaal van beiden nét niet genoeg.

Ik vond het een mooi boek, maar ik had er uiteindelijk meer van verwacht.

zondag 27 november 2011

Een nieuw gezichtspunt

Soms zit je vast en moet je een zaak even van een andere kant bekijken. Dat is niet altijd gemakkelijk, maar het volgende verhaal helpt mij daar bij.
Er was eens een man die woonde in een klein huisje in het dorp met zijn vrouw, zes kinderen, schoonmoeder, een koe en een stuk of wat kippen. Het was een enorme herrie, iedereen had wat te zeggen of wilde iets kwijt en de man werd er gek van. Hij ging naar de pastoor en vroeg wat hij kon doen en de oplossing van de pastoor was heel simpel: ‘Koop een geit.’ De man was opgelucht en ging meteen naar de markt om een geit te kopen.
Nu had hij in huis zijn vrouw, zes kinderen, zijn schoonmoeder, een koe, een stel kippen en een geit. Er was nog meer herrie dan daarvoor en de man werd er gek van. In wanhoop ging hij opnieuw naar de pastoor en beschreef de chaos bij hem thuis. De pastoor hoorde het aan en zei ‘De oplossing is simpel; verkoop de geit.’ De man ging naar de markt en verkocht de geit. En toen hij thuis kwam, merkte hij hoe heerlijk rustig het thuis was, met alleen maar zijn vrouw, zes kinderen, schoonmoeder, de koe en de kippen, maar in ieder geval zónder het gemekker van die geit.
Af en toe moet je jezelf eraan herinneren dat je de geit moet verkopen.

Dit verhaal, met een kleine aanpassing van mij, komt uit Judith Lasater, ‘Living your yoga’, pagina 37.

vrijdag 25 november 2011

Twee nieuwe boeken over Steve McQueen

Ik heb op dit moment de belangrijkste boeken over Steve McQueen wel in de kast staan en het is nu een kwestie van bijhouden als er weer iets nieuws verschijnt. En deze maand zijn er maar liefst twee nieuwe boeken verschenen. (leuk voor mij, minder voor mijn creditcard)
Eén van die nieuwe boeken is de heerlijke afgewogen en goed geschreven biografie ‘Steve McQueen, a biography’, van Marc Eliot, die al eerder biografieën schreef over oa Clint Eastwood en Gary Grant.
Is dat al fijn, bijna nog leuker is het boek dat net vorige week is uitgekomen;  Steve McQueen, the actor and his films’ van Andrew Antoniades en Mike Siegel. In dit prachtige boek staan alle films waarin Steve heeft meegespeeld. Elke film heeft een eigen hoofdstuk met eerst de feitelijke gegevens, en daarna allerlei achtergrondinformatie, details, analyses van de belangrijkste scene uit de film, besprekingen van de kritieken en het succes van de films, en vooral: heel veel mooie foto’s. Het boek is gebonden en mooi uitgevoerd en met bijna 500 pagina’s weetjes, feitjes en verhalen en vooral dus die vele mooie foto’s, waarvan ik er vele nog niet eerder had gezien, is dit prachtige boek een must-have voor elke Steve McQueen fan. Het ligt op dit moment bij mij op tafel, zodat ik er regelmatig in kan bladeren en kan genieten.

donderdag 24 november 2011

Yoga 'doen'

Een lastig punt, wanneer ben je ergens mee bezig? Wanneer kun je stellen dat je ergens een beoefenaar van bent, of dat je erbij hoort? Vaak ben je verbonden met een groep, een club, een gedachtengoed, een overtuiging, een levensbeschouwing, een hobby of een interesse en ben je daarmee bezig. Maar wanneer geldt het? Als je er elke dag ‘aan doet’, erover leest, er elke week naar toe gaat? En als ik het dan over iets specifieks voor mezelf heb, heb ik het over yoga.   
Ik beschouw mezelf als iemand die aan yoga doet. Maar sinds ik uit Rotterdam ben verhuisd, doe ik eerlijk gezegd niet zoveel meer aan yoga. Ik heb een bepaalde yogaschool geprobeerd, maar om verschillende redenen heb ik die weer afgezegd. Geen les, geen leraar die me elke week de inspiratie geeft en de discipline om asana’s te doen. Hoe blijf ik dan toch verbonden met de yoga wereld en andere yoga beoefenaars? Hoe blijf ik zelf een yoga beoefenaar?
Ten eerste zijn daar de boeken, ik heb ondertussen een metertje boeken over allerlei yoga onderwerpen en aanverwante zaken. Van boeken over soorten yoga, tot boeken over meditatie en allerlei boeken met houdingen. Inspiratie genoeg te vinden.
Een tweede manier om toch verbonden te zijn is door middel van tijdschriften, van het Nederlandse Yoga magazine, tot het Amerikaanse Yoga Journal, dat ook een uitstekende website heeft. Op deze website kun je ook blogs vinden en nieuwtjes uit de yogawereld. Als ik de boeken, de tijdschriften en de blogs lees, voel ik me verbonden met alle andere yogi’s in de wereld. Yogi’s alle landen, verenigt u.
En tot slot, wat het gemakkelijkste zou moeten zijn, maar het moeilijkste is, oefenen. Want lezen over yoga is tenslotte iets heel anders dan yoga doen. En daar gaat het allemaal om. Maar voor ik het weet heb ik het excuus dat ik te weinig tijd heb, me niet lekker voel of dat mijn spieren te veel pijn doen door alle stress van dit moment.
Tsja. En dat alles is gewoon onzin. Het is een kwestie van discipline, en tijd maken. En de oefeningen uitzoeken die ik wel gewoon kan doen. Als ik de cobra niet red, dan wel de boom. Als een torsie (draaiing van het lichaam) niet goed lukt, wie zegt dat het niet voldoende is om de torsie korter aan te houden, of minder ver te draaien? Kortom, ik moet gewoon aan de slag.
Ik denk namelijk dat ik het op dit moment goed kan gebruiken, ik weet dat ik me altijd beter voel mét yoga dan zónder yoga. Er wordt gezegd dat iets na 100 dagen een gewoonte is. Dus vandaag gaan we beginnen. Elke dag yoga.
Mijn honderd dagen beginnen nu.

woensdag 23 november 2011

De mist, de kou en de duisternis

Een erg gezellige titel is het niet, als ik het zo overlees, maar ik vind titels in drieën zo leuk, dus ik laat het lekker staan. De afgelopen dagen is het zo koud en mistig geweest dat ik er bijna naar van werd. Wat heb je toch een klein wereldje als het zó mistig is. Ik kon hier aan de overkant de dijk niet eens zien en halverwege zondagmiddag kon ik zelfs de huizen aan de overkant niet meer zien. Het was ook kil en koud, goede redenen om lekker binnen te blijven. 

Dat heb ik dan ook gedaan, thuis, op de bank, met de verwarming aan, een grote beker thee en een goed boek of een aflevering van een fijne serie op DVD. Als het buiten koud en onaangenaam is, moet je het gezellig maken voor jezelf. Kaarsje aan, lampen aan. Komt er geen licht, dan màken we licht.

Na een paar dagen ga je wel een beetje bedenkelijk kijken, elke keer als je door het raam kijkt. Zal die mist nog wegtrekken? Zullen we de zon nog wel eens zien, of de overkant van de straat? Komt het ooit nog goed?

En dan opeens, voor je er erg in hebt, is de mist ook weer weg. Zonder aankondiging, op kousevoeten verdwijnt de mist en is weg voordat je het door hebt. Een moment is het nog mistig, en gisteren keek ik een een half uur later naar buiten en was er een blauwe lucht en een zonnetje zo stralend dat ik bijna mijn zonnebril nodig had. Het werd ook nog heerlijk warm, de sjaal kwam alweer wat losser en de handschoenen bleven in mijn zak. 

Het deed me even de kou en de kilte vergeten van de afgelopen dagen. Die kilte die overal doorheen dringt, en dan moet de echte winter nog komen. En dat die winter eraan komt merk je aan de duisternis. Het ‘mollenbestaan’,  zoals een collega het ooit eens noemde. De tijd waarin je naar je werk gaat als het donker is, en terugkomt als het alweer donker is. Die donkerte blijft ook nog wel even. Zo lang dat je op een gegeven moment ook denkt ‘Houdt het nog wel op, komt het wel weer goed?’ 

Zoals Ede Staal zo mooi bezingt ‘de winter was lang, en ik was bang, dat het nooit meer voorjaar worden zou, maar het komt altijd weer goed’. (heb het even uit het Gronings vertaald) Daar kunnen we ons aan vasthouden, als de winter echt losbarst.

maandag 21 november 2011

Het nachtcircus, Erin Morgenstern


Het bijzondere nachtcircus verschijnt op onverwachte momenten, zonder dat iemand het heeft zien aankomen. Een circus dat alleen ’s avonds open is, geheel in zwart en wit, met verschillende tenten waar je allerlei soorten acts kunt zien. Van een illusionist tot een waarzegster, een doolhof van wolken of een wensboom die echt wensen laat aankomen.

Het ‘Cirques des Reves’, het circus der dromen, is een circus dat bijzonder is en fantasievoller dan een gewoon circus, en de bezoekers verwonderen zich in elke tent opnieuw.
Maar wat het gewone publiek niet weet is dat het meer is dan alleen een illusie.  

Celia Bowen en Marco Alisdair strijden tegen elkaar in een magisch spel opgezet door hun leermeesters die al jarenlang bittere concurrenten zijn. Celia en Marco zijn hiervoor getraind sinds hun vroegste jeugd. Het circus is hun speelveld geworden en zij creëren de magie, die doorgaat voor illusie, in de hoop de ander te overtreffen en het spel te winnen.

Het circus wordt steeds groter en bekender en krijgt een grote groep volgelingen die zich de Reveurs noemen en herkenbaar zijn aan hun zwart witte kleding met een enkel helderrood accent.

Steeds meer mensen raken erbij betrokken en dat loopt niet altijd goed af. Hoe mooi het circus ook is, de magie heeft een prijs. En dan komen Celia en Marco erachter dat het spel maar op één manier kan aflopen. Een van hen zal sterven om het spel te beëindigen.

Celia en Marco weten ook dat het circus zonder hen niet kan bestaan, ze zijn er zo mee verweven dat hun leven ook het leven is van het circus en daarmee van alle mensen die erbij horen.

Hoeveel weet Isobel, wie is Tsukiko die meer van het spel lijkt te weten dan de anderen en welke cruciale rol zal Bailey voor het circus vervullen?

Celia en Marco weten ondertussen een manier te vinden om hun liefde te laten overwinnen en het spel te beëindigen zonder het circus of een van hen beiden eraan op te offeren.

‘Het nachtcircus’ van Erin Morgenstern is een prachtige en bijzondere roman over een magische 19e eeuwse wereld, beschreven met zoveel kleur dat je het gewoon voor je ziet. Het boek is mooi opgezet, met de verspringende jaren, en gebeurtenissen die in het begin nog niet veel betekenen, maar later op hun plek vallen. 

Ik vond het mooi dat het in de 19e eeuw speelde, een eeuw die ik mooier vind dan de huidige en waar magie beter bij past. De schrijfstijl is beeldend en kleurrijk, maar tegelijkertijd weet Erin Morgenstern in een paar woorden een situatie duidelijk te maken. Langdradig is het dus absoluut niet.

Ik was zelfs blij dat ik niet zo heel veel tijd had deze week om te lezen, zodat ik het boek niet in één keer kon uitlezen en dus voor mijn doen lang over het boek heb moeten doen. Maar daardoor kon ik wel des te langer genieten van ‘Het Nachtcircus’.

Dit is nog maar het eerste boek van deze schrijfster, en het is te hopen dat haar volgende boeken net zo geweldig zijn, want dan heb ik er een lievelingsschrijfster bij.

zondag 20 november 2011

De tijd



Voor alles wat gebeurt is er een uur,
een tijd voor alles wat er is onder de hemel.
Er is een tijd om te baren
en een tijd om te sterven,
een tijd om te planten
en een tijd om te rooien.
Er is een tijd om te doden
en een tijd om te helen,
een tijd om af te breken
en een tijd om op te bouwen.
Er is een tijd om te huilen
en een tijd om te lachen,
een tijd om te rouwen
en een tijd om te dansen.
Er is een tijd om te ontvlammen
en een tijd om te verkillen,
een tijd om te omhelzen
en een tijd om af te weren.
Er is een tijd om te zoeken
en een tijd om te verliezen,
een tijd om te bewaren
en een tijd om weg te gooien.
Er is een tijd om te scheuren
en een tijd om te herstellen,
een tijd om te zwijgen
en een tijd om te spreken.
Er is een tijd om lief te hebben
en een tijd om te haten.
Er is een tijd voor oorlog
en er is een tijd voor vrede.
(Prediker 3:1-8)

zaterdag 19 november 2011

Nieuwe winkels

In de beste omstandigheden zou het mij al een gevaarlijke zaak lijken om je eigen winkel of je eigen bedrijf te beginnen. Dat is dan ook precies de reden dat ik geen ondernemer ben, ik ben er te schijterig voor, ik mis die zorgeloosheid om met die onzekerheid om te gaan en dat allemaal te durven.

Met andere woorden, ik geniet van de zekerheid van loondienst, een vast contract en een keurig bedrag dat zonder mankeren elke maand op mijn bankrekening binnenkomt.

In goede tijden zou ik het al een hele onderneming vinden, laat staan in déze economische tijden. Ik zie regelmatig winkels waarvan ik denk ‘kan dat uit?’ Ik kan me van sommige winkels gewoon niet voorstellen dat ze genoeg omzet binnen krijgen om te blijven bestaan. Soms kun je het ook al een beetje aan zien komen. De delicatessenwinkel is hier na minder dan een jaar weer dicht, failliet. Als ik er langs kwam en de grote hoeveelheden exotisch fruit en groenten zag had ik al het idee dat ze die niet kwijt zouden raken die dag, of zelfs maar die week. Dat de winkel nu dicht is en dat er een bord van de makelaar hangt is triest, maar kwam niet onverwacht.

Onder mijn flat zijn een aantal winkels, en sommige daarvan lopen goed. De kledingzaak wordt zelfs op zondag druk bezocht en de scooterwinkel krijgt volgens mij klandizie uit heel Flevoland. Dat hoop ik tenminste maar wel.

Een van de winkels stond steeds leeg, maar nu komt er weer een nieuwe zaak. En als ik eerlijk ben denk ik dat dit geen lang leven beschoren zal zijn. Het wordt namelijk een taartenwinkel. Een winkel die inspeelt op de mode van cupcakes (van die kleine bolle cakejes die je zo leuk kunt versieren) Heel schattig. Maar zullen de taartjes en de cakejes genoeg opbrengen om deze winkel langer dan een jaar te laten bestaan? Ik vrees het niet. Ik ben geen Lord Alan Sugar, maar sommige dingen zijn volgens mij gewoon gezond verstand.

maandag 14 november 2011

Boeken

Wanneer je iemand een boek verkoopt, verkoop je hem niet zoveel ons papier en inkt en stijfsel, je verkoopt hem een heel nieuw leven.
(Christopher Morley)

zaterdag 12 november 2011

Een keukenmeidenroman, Kathryn Stockett

De Nederlandse titel is eigenlijk een beetje gek, want in het Engels is het gewoon The help. Het is het verhaal van de zwarte meiden in het zuiden van de Verenigde Staten, die werken als dienstmeisje bij de blanke mevrouwen.

Het is 1962 in Mississippi. Een tijd waarin er langzaam een begin wordt gemaakt met het einde van de segregatie en er aan de verhoudingen die al jarenlang vast liggen getornd wordt. 

De eerste zwarten worden toegelaten tot de blanke scholen en universiteiten, desnoods met bescherming van het leger en de burgerrechtenbeweging wordt steeds actiever. 

Voor de zwarte bevolking in de kleine stadjes in het zuiden veranderde er echter nog weinig. De ‘Jim Crow wetten’, de regels die erop gericht waren om de zwarte en de blanke bevolking van elkaar te scheiden, gelden nog steeds en de Klan trad hard op tegen zwarten die een grote mond hadden.  

Een keukenmeidenroman’ is het verhaal van Aibileen, Minny en Miss Skeeter. Aibileen is dienstmeisje bij Miss Leefold, Minny werkte bij de moeder van Miss Hilly, maar omdat deze dame naar een tehuis gaat, is Minny haar baan kwijt. Omdat zij iemand is die haar mond niet dicht kan houden, is het voor haar niet gemakkelijk om een nieuwe baan te vinden. Aibileen had er nooit veel moeite mee om haar mond dicht te houden, maar sinds haar zoon is verongelukt broeit het bij haar ook.

Miss Skeeter (letterlijk: langpootmug, haar bijnaam omdat ze zo onelegant lang is) is op school bevriend geweest met Miss Leefold en Miss Hilly, maar is nog niet getrouwd en wil graag journalist worden. Zij krijgt bij het plaatselijke sufferdje de column van huishoudelijk advies en aangezien zij daar helemaal niets vanaf weet, komt zij bij Aibileen voor tips.

Skeeter beseft dat als ze echt journalist wil worden en een boek wil schrijven, ze een onderwerp moet nemen dat haar na aan het hart ligt. Sinds ze een klein meisje was, was daar altijd hun zwarte hulp Constantina, door wie ze eigenlijk is opgevoed. Maar als Skeeter studeert, vertrekt Constantina. En niemand wil haar vertellen wat er is gebeurd of waar Constantina naar toe is gegaan.

Skeeter wil meer weten van de zwarte hulpen en de spagaat waarin zij zitten. Zwarte hulpen moeten de kinderen opvoeden, maar worden niet vertrouwd met het tafelzilver. Zwarte hulpen moeten gebruik maken van een aparte wc, hebben hun eigen bord en kopje, en kunnen elk moment ontslagen worden en als een mevrouw dan zegt dat ze oneerlijk is of niet goed werkt, krijgt ze nergens meer een baan.

Skeeter vraagt of Aibileen haar wil helpen en ondanks het gevaar stem Aibileen toe. Ook Minny wil helpen en later komen er ook andere hulpen om hun verhaal te doen.

Ik heb ‘Een keukenmeidenroman’ van Kathryn Stockett in één ruk uitgelezen, ik vond het een ontzettend mooi boek. Een klein minpuntje voor mij is dat de slechten zo echt slécht zijn. Miss Hilly is een ongelofelijk kreng, daarom is het erg gemakkelijk een hekel aan haar te hebben. Ik had het interessanter gevonden als zij ook een paar goede eigenschappen had gehad, maar daarbij toch die neerbuigende houding had ten opzichte van de zwarte hulpen. Maar dat is dan ook het enige waar ik kritiek op heb.

Het boek heeft humor, laat je meevoelen met Aibileen en Minny en de andere zwarte hulpen. Je ziet hoe Skeeter groeit en langzaam haar eigen weg vindt. Ook andere personages zoals Miss Celia worden zo beschreven dat je ze voor je ziet. 

Kathryn Stockett is opgegroeid in Mississippi en haar familie had ook een zwarte hulp.  Ze schrijft achterin dat ze het moeilijk vond om die relatie goed te beschrijven, omdat er zo’n fundamentele ongelijkheid was tussen de hulpen en hun mevrouwen dat er nooit sprake kon zijn van werkelijke vriendschap. Maar wat mij betreft is Kathryn Stockett er uitstekend in geslaagd om de situatie van zowel de zwarte hulpen als de verschillende houdingen van de blanken weer te geven. 

Oorspronkelijke titel: The help
Uitgegeven in: 2009
Nederlandse uitgave 2010 door uitgeverij Mistral
Nederlandse vertaling: Ineke van Bronswijk
Bladzijdes: 495

dinsdag 8 november 2011

Steve McQueen, deel II


Auto’s en motoren
Steve was niet alleen acteur, hij was ook motor- en autocoureur. Hij heeft aan allerlei races
meegedaan en deed het erg goed. In 1970 werd hij bijvoorbeeld in een motorrace 2e na Mario Andretti, terwijl Steve met een gebroken voet reed. In the Great Escape is het McQueen die al het motorracen zelf doet, al is de bekende sprong over het prikkeldraad een stuntman. In the Great Escape zat helemaal niet zo heel veel achtervolging op de motor, maar Steve stond erop dat dat erin geschreven werd. Ook in Bullit doet McQueen een deel van de grote achtervolgingsscene zelf.
Steve heeft antieke motoren verzameld en had een van de grootste collecties in de Verenigde Staten. Toen hij later het vliegen heeft ontdekt, heeft hij dat in minimale tijd onder de knie gekregen en voortaan kon hij ook in de lucht van de vrijheid genieten.
Steve had altijd de meeste lol als hij met de stuntmannen het gewoon gezellig kon hebben. Zo heeft  hij in 1976 meegedaan aan een film als stuntman, omdat hij die dag toch niets beters te doen had. Hij stond niet op de aftiteling en kreeg voor die dag het gewone loon dat de stuntmannen kregen. Steve wilde dit weigeren, maar volgens de voorschriften mocht hij niet onbetaald werken. Toen heeft hij het geld maar gebruikt om een rondje te geven. Dat Steve op een gegeven moment erelid werd van de Vereniging van Stuntmannen, betekende voor hem meer dan de Oscar die hij had gekregen.

Relaties met vrouwen.
Vrouwen hielden van Steve McQueen en Steve McQueen hield van vrouwen. Hij trouwde met Neile Adams en zij zouden zeventien jaar getrouwd blijven. Het huwelijk doorstond de eerste ups en downs van Steve’s carrière en en Steve’s vele ontrouw. Ze kregen twee kinderen waar Steve dol op was. Hij was vastbesloten zijn kinderen een beter leven te geven dan hijzelf als kind had gehad en de vader te zijn die hij niet had gekend. Hoewel het huwelijk geen stand hield, en de scheiding niet echt prettig verliep, konden ze na een aantal jaren weer goede vrienden zijn en volgens Neile zijn ze altijd van elkaar blijven houden.

Op de set van ‘The getaway’ in 1973 komen Steve McQueen en Ally MacGraw elkaar tegen en ze vallen als een blok voor elkaar. Hij had respect voor haar omdat ze uit een heel ander milieu kwam dan hij, hij beschouwde haar als een echte dame. Ally op haar beurt was door hem volkomen overdonderd. Zij was een pas beginnende actrice en hij was Steve McQueen. Het huwelijk begon vol passie en zou ook vijf jaar stormachtig zijn. Hun ruzies waren legendarisch, Ally gooide met het servies, Steve gooide met haar. Hij schijnt haar zelfs eens van het balkon op de eerste verdieping in het zwembad te hebben gegooid. Uiteindelijk zijn ze uit elkaar gegaan.

Barbara Minty was veel jonger dan Steve toen ze elkaar tegenkwamen, maar dat hield hen niet tegen. Ze kregen een relatie en hoewel Steve niet op een derde huwelijk zat te wachten, ging hij uiteindelijk overstag. ‘Het is vandaag of nooit’ zei hij tegen Barbara en zij begreep dat hij het meende. Ze zijn die dag getrouwd. 
Tijdens zijn ziekte was Barbara steeds bij hem en iedereen die hen samen zag merkte op dat Steve er veel rustiger en gelukkiger uitzag dan in de jaren ervoor.
Karakter
Steve McQueen was een mengeling in alle opzichten, geen gemakkelijke man om te begrijpen of mee om te gaan, maar toch door de mensen die hem kenden zo geliefd. In de relaties met vrouwen was hij moeilijk. Hij was een man met ouderwetse opvattingen, maar was niet van plan zich aan de regels te houden waarvan hij vond dat die voor zijn echtgenotes wel golden. Zo had hij de ene affaire na de ander (hoewel dat ook vaak een groot woord ervoor was) maar heeft hij zijn eerste echtgenote Neile haar korte verhouding met acteur Maximiliaan Schell nooit vergeven.
Steve stond erom bekend dat hij ontzettend gierig kon zijn, op de sets kon hij geld dat als rekwisiet diende meepikken, hij liet in restaurants vrienden met de rekening zitten en betaalde nooit iets.

Maar velen wisten niet dat Steve heel veel aan liefdadigheid deed. Regelmatig liet hij grote sommen geld overmaken naar allerlei verschillende liefdadige instellingen. Of hij reed ’s nachts met een vriend naar een jeugdclub in een arme wijk, en liet daar dan allerlei spullen achter zoals honkbalspullen en andere dingen die ze nodig hadden om de kinderen te laten spelen. Tijdens het filmen van ‘The sand pebbles’ waren ze in Thailand en Steve kwam erachter dat er een weeshuis was dat totaal niets had. Steve heeft nog jarenlang geld overgemaakt naar dit weeshuis. Bijna niemand wist hiervan af en Steve hing het niet aan de grote klok. Regelmatig ging hij terug naar de jeugdinstelling waar hij zelf was geweest ‘Boys Republic’ om daar met de jongens te praten, ze een hart onder de riem te steken en ze advies te geven. Dan zat hij tussen hen in op de slaapzaal, gewoon op de grond. Dan was hij één van hen en de jongens accepteerden hem en vroegen hem van alles, alsof hij hun grote broer was.

Aan de ene kant was hij een acteur die alle details van zijn personage perfect wilde hebben, aan de andere kant schaamde hij zich een beetje voor het feit dat hij acteur was. Steve wilde altijd het respect wilde hebben van mannen die ‘echt werk’ deden, die altijd het idee had dat wat hij zelf deed niet goed genoeg was, dat acteren niet echt werk was voor een man. Maar dat respect heeft hij gekregen, het respect van de stuntmannen, de coureurs, de mannen die op de set werkten. Zij wisten wat hij waard was. Zij wisten dat als je Steve met respect behandelde, maar niet over je liet lopen, en geen misbruik van hem maakte, je een levenslange trouwe vriend had.
Zijn dood
Tijdens zijn tijd in de marine was Steve blootgesteld aan asbest  en dit zou uiteindelijk zijn dood worden. Jaren van roken en stevig drugsgebruik hebben er natuurlijk ook geen goed aan gedaan en Steve kreeg longkanker. Hij wilde dit stilhouden, maar de kranten kregen er lucht van en het is gepubliceerd, iets waar Steve enorm van baalde.
Hij is naar een kliniek in Mexico gegaan waar ze bezig waren met experimentele geneeswijzen, maar een operatie mocht niet baten. In de vroege ochtend van 7 november 1980 overleed Steve McQueen aan een hartaanval. The king of cool was er niet meer. Hij is slechts vijftig jaar oud geworden.
Zijn as is verstrooid over zee, vanuit een vliegtuig, door zijn beste vrienden. Precies zoals hij het wilde.

maandag 7 november 2011

Steve McQueen, deel I

Het  7 november en vandaag 31 jaar geleden is de grote Steve McQueen overleden. ‘The king of cool’, de man die niet eens in zo heel veel films heeft gespeeld, maar wel de best betaalde filmster van zijn generatie was.
Terrence Steven McQueen is geboren in 1930. Zijn vader heeft hij nooit gekend en de relatie met zijn moeder was verre van ideaal.
Steve groeide op in een klein dorpje bij de familie van zijn moeder, aangezien zijn moeder hem daar zonder afscheid te nemen had achtergelaten. Toen ze hem eindelijk bij zich liet wonen was al snel duidelijk dat zij zich weinig aan hem gelegen liet liggen. Steve bracht heel wat avonden door in het portiek terwijl zijn moeder in de flat de klanten ontving.
Hij werd teruggestuurd naar de familie van zijn moeder, maar toen hij twaalf was, wilde zijn moeder hem weer bij zich hebben wonen. Helaas konden Steve en zijn nieuwe stiefvader het niet goed met elkaar vinden, en Steve werd weer weggestuurd. Nadat Steve was weggelopen om bij het circus te gaan, kwam hij weer bij zijn moeder terecht. De verhoudingen waren echter nog slechter en Steve was steeds meer op straat te vinden, waar hij zich met een groepje anderen bezighield met kleine criminaliteit.  

Zijn moeder en stiefvader vonden dat hij niet meer te handhaven was en hebben hem naar een jeugdgevangenis gestuurd, de ‘Boys Republic’. Voor Steve, die al jaren zijn eigen gang ging, was dit een moeizame overgang. Hij heeft een aantal keren geprobeerd om weg te lopen, maar werd elke keer weer teruggebracht. Uiteindelijk leerde hij omgaan met de regels en de verantwoordelijkheid die de jongens steeds meer konden krijgen.
Eenmaal weer thuis, wilde hij niet bij zijn moeder blijven. Hij liep weg en heeft allerlei baantjes gehad om het hoofd boven water te houden. In 1947 nam hij dienst bij de Marine. Toch bleef die rebelse karaktertrek een kenmerk van Steve McQueen. In de marine leverde het hem ook vaak problemen op, zo is hij een keer of zeven teruggezet in rang, en heeft hij een tijdje in het cachot gezeten omdat hij zonder toestemming was verdwenen. Maar hij toonde ook grote dapperheid, zo heeft zijn snelle optreden vijf anderen gered van de verdrinkingsdood. Hier heeft hij een onderscheiding voor gekregen.
Acteren
Na de Marine ging Steve terug naar New York en begon met acteren. Om geld te verdienen deed hij mee aan motorraces. Hij kreeg wat kleine rolletjes in films en toneelstukken, maar zijn grote doorbraak kwam met de serie voor de televisie, ‘Wanted dead or alive’ waarin hij een bounty hunter in het Wilde Westen speelde, iemand die criminelen opspoort. Frank Sinatra zag wat in hem en zorgde ervoor dat Steve in de film waarin ze samen speelden goede close-ups kreeg.

De eerste echte grote doorbraak was voor Steve McQueen de film ‘The maginificent seven’, waarin hij eigenlijk de show stal onder de neus van hoofdrolspeler Yul Brynner vandaan. 
Vanaf dat moment ging het goed met acteren, Steve kreeg veel aanbiedingen en hoewel hij lastig op de set was en de regisseurs en producers tot wanhoop dreef, kon hij eisen stellen omdat hij ontzettend geliefd was door het publiek.
Hij heeft rollen gespeeld die het publiek zijn bijgebleven, zoals de rechercheur Frank Bullit in de film Bullit, Doc McCoy in the Getaway, Thomas Crown, of Papillon. Op een gegeven moment was Steve McQueen de best betaalde acteur van zijn generatie. Maar na ‘The towering inferno’ verdween McQueen uit het filmwereldje, hij wilde met rust gelaten worden. Een aantal jaren wijdde hij zich vooral aan het racen.
Er is wel gezegd dat McQueen geen erg goede acteur was, maar wel een goede filmster. Tegenspeelsters hadden soms het idee dat er helemaal niets gebeurde, maar als ze het dan terugzagen op het witte doek, zag het er wel goed uit.
Steve was zeker geen slechte acteur, hij begreep de personages die hij speelde en kon ze daarom iets meegeven dat het grote publiek aansprak. Hij dacht ook na over de personages die hij speelde en lette op de kleinste details, alles moest kloppen en dat dreef tegenspeler, regisseurs, producenten en rekwisietenmensen tot wanhoop. De films werden er wel beter door.

Een van de vreemdste films waar Steve in heeft gespeeld was een stuk dat hem na aan het hart lag. Hij wilde per se een toneelstuk van Ibsen verfilmen. In ‘Enemy of the people’ speelde Steve de dokter die het hele dorp tegen zich krijgt. Zwaar-bebaard en onherkenbaar was dit het soort film dat niemand van Steve McQueen had verwacht. Hij was er zelf trots op, maar helaas kreeg de film slechte kritieken (hoewel niet van het publiek) en na enkele weken werd de film niet meer gedraaid.
In zijn laatste film speelde Steve de rol waarmee zijn carriere ook was begonnen, in ‘The hunter’ speelde hij een bounty hunter. Ouder en moeizamer, maar dat kwam ook omdat hij toen de film werd gemaakt al ziek was.

Morgen komt deel II
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...