zaterdag 30 juli 2016

The Misfits (1961)

The Misfits  is het verhaal van de jonge vrouw Roslyn (Marilyn Monroe) die naar Reno is gekomen om te kunnen scheiden van haar echtgenoot die haar geen enkele aandacht gaf.

Nadat de scheiding is uitgesproken, komt ze in een bar de monteur Guido (Eli Walach) en de oudere cowboy Gay (Clark Gable) tegen. Roslyn en Gay krijgen iets met elkaar.

Roslyn is een ontzettend mooie vrouw, die iedereen vertrouwt en met iedereen meeleeft. Als Gay op een gegeven moment een konijn wil doodschieten omdat die de sla opvreet, vindt ze dat al verschrikkelijk. Haar idealisme botst met de harde werkelijkheid, zoals duidelijk wordt als ze meegaat met Gay, Guido en Perce (Montgomery Clift), een oude vriend van Gay en een rodeorijder, om wilde mustangs te vangen.

Gay wil vrij zijn en voor hem is het vangen van paarden een manier om dat te zijn, dan werkt hij voor zichzelf en niet voor een baas. Maar zijn manier van leven is eigenlijk al ouderwets geworden. Vroeger ving hij tientallen paarden, nu gaan ze op pad om een stuk of vijftien te vangen, maar vinden er uiteindelijk maar vijf. Er zijn bijna geen paarden meer en daarmee zijn cowboys zoals Gay overbodig geworden.

The Misfits is een melancholische film. Alle personages vallen buiten de boot van de normale maatschappij, Roslyn omdat ze een nachtclubdanseres was, Gay omdat hij een uitstervend beroep heeft en geen band met zijn kinderen, Perce omdat hij uit nood rodeo rijdt omdat hem zijn rechtmatige erfenis, de boerderij van zijn vader, is ontfutselt.
Het desolate landschap van Nevada en de zwart-wit beelden onderstrepen deze melancholie.

De scenes in de woestijn met de paarden zijn indringend en mooi. De bruutheid van het paardenvangen wordt heel goed duidelijk en je ziet de worsteling die Roslyn doormaakt. Aan de ene kant wil ze Gay niet voor de voeten lopen en wil ze zijn beroep respecteren (zoals hij ook haar respecteert), maar aan de andere kant vindt ze het verschrikkelijk wat er met de paarden gebeurt.
Montgomery Clift, Marilyn Monroe en Clark Gable
Perce is uiteindelijk degene die, samen met Roslyn, de paarden bevrijdt, hoewel Gay tot het laatst zich blijft verzetten tegen de teloorgang van zijn manier van leven. Hij wil zelf het moment bepalen dat hij ermee ophoudt, hij wil niet dat iemand voor hem bepaalt wat hij doen moet.

De laatste scene, waarin het er even op lijkt dat Roslyn en Gay elkaar niet meer kunnen vinden, maar ze gelukkig toch beseffen dat hun liefde sterker is dan hun verschillen, was ontroerend en mooi.

Zijn er aanmerkingen te maken? Ja, natuurlijk. Met twee uur duurt de film wel lang en zijn sommige scenes te lang uitgesponnen. Maar dat is eigenlijk het enige. 

De acteerprestaties van Marilyn Monroe, Clark Gable en Montgomery Clift zijn bijzonder goed. Marilyn Monroe zet perfect de onschuldige en idealistische Roslyn neer, terwijl Clark Gable geweldig is als de cowboy op leeftijd die eigenlijk wel weet dat hij moet veranderen, maar dit nog niet goed kan accepteren. Een stugge man, die wel in allerlei kleine dingen laat merken dat hij veel van Roslyn houdt.
Marilyn Monroe as Roslyn
Het schijnt dat het draaien van deze film niet gemakkelijk is geweest. De regisseur was dronken, de hitte in Nevada ondragelijk en Marilyn Monroe kwam vaak te laat en kwam soms helemaal niet opdagen op de set. Arthur Miller schreef het script, maar tegen de tijd dat er gefilmd ging worden, was het huwelijk tussen Miller en Monroe al voorbij. Om dit verdriet te boven te komen, stortte Marilyn zich in de drank en de pillen.

Twee dagen nadat het filmen was afgelopen, kreeg Clark Gable een hartaanval en tien dagen later overleed hij. Marilyn Monroe was hier kapot van, ze had als jong meisje Clark Gable erg bewonderd (lange tijd heeft ze gedacht dat hij haar vader was) en op de set was hij bijzonder vriendelijk en begripvol voor haar geweest.

Het was de laatste film die Marilyn Monroe had afgemaakt voor haar dood, en Montgomery Clift zou enkele jaren later ook overlijden.

The Misfits flopt toen de film uitkwam, maar tegenwoordig wordt het gezien als een klassieker. Ik vond de film in ieder geval zeker de moeite waard. 

donderdag 28 juli 2016

De lammeren gods, Yasmina Khadra

Wat is de aantrekkingskracht van fundamentalisme? Wat zijn de redenen dat sommigen zich aansluiten bij een groepering die vooral lijkt te bestaan uit haat en hoever zijn deze mensen bereid te gaan?

In Algerije is het leven voor de mensen na de onafhankelijkheid van Frankrijk in 1962 er beslist niet beter op geworden. Het land levert bijna niets op, de oude mannen zitten hele dagen in het koffiehuis en spelen domino en voor de jongeren is er weinig toekomst.

Maar de Moslimbroederschap biedt een alternatief en als de jonge charismatische sjeik Abbas terugkeert na een verblijf in de gevangenis, krijgt hij al snel aanhangers. De ontevredenen, de verbitterden en de versmaadden weten hem te vinden en zijn bereid hem te volgen. Hij weet wat er gedaan moet worden om het tij te keren, om het land te verbeteren en een nieuwe toekomst te garanderen.

Aan rekruten geen gebrek. Alle jonge mannen die rondhangen in de achterzalen van de cafés, in ontreddering en verveling, omdat ze geen kant meer op kunnen, wachten op ons. Een teken is voldoende om ze te mobiliseren. 

Ze hoeven niet eens te geloven in onze ideologie. Als het tot ze doordringt dat ze een gevaar vertegenwoordigen, dat de buit voor het oprapen ligt, als ze zich realiseren dat ze kunnen beschikken over het leven, de goederen van de anderen, dan zal ieder van hen zich een kleine god wanen. 

De armoede heeft geen boodschap aan pais en vree. Laat berooiden de vrije teugel en je zult zien hoe ze zich op het geluk van de medemens storten. Wil je gokken op een monster dat niet snel opgeeft, kies dan onder de armsten.’

De streng Islamitische FIS wint in de jaren 90 de gemeenteraadsverkiezingen in Algerije en vanaf dat moment zijn zij de baas in het dorp.
Ze doen goede dingen; zo wordt er een irrigatiekanaal gegraven, worden de wegen gerepareerd en luistert de nieuwe burgermeester naar elke klacht en belooft hij er iets aan te zullen doen.

Tegelijkertijd worden de regels aangescherpt: oa spelletjes, muziek en westerse kledij worden verboden en tegenstanders worden met harde hand aangepakt. Langzamerhand wordt er een bewind van terreur en bloed gevestigd en is niemand meer veilig; zelfs oude mensen, vrouwen en kinderen kunnen ten prooi vallen aan de mannen die vol verbittering en haat hun wil opleggen aan de gemeenschap.

De lammeren Gods geeft ons een inkijkje in een wereld die niet heel toegankelijk is en vaak ook nogal onbegrijpelijk. Maar in deze tijden, waarin fundamentalisme in de wereld om zich heen lijkt te grijpen, kan het soms verhelderend werken om er meer vanaf te weten door erover te lezen. Het helpt dan als de schrijver iemand is die het zelf heeft meegemaakt en weet hoe bepaalde zaken in hun werk zijn gegaan.

Yasmina Khadra is een pseudoniem van Mohammed Moulessehoul. Hij is een ex-officier uit het Algerijnse leger en zijn boeken waarin hij beschrijft wat er in Algerije gebeurt, werden hem in zijn eigen land niet in dank afgenomen. Toen hij zijn identiteit in 2001 bekend maakte, is hij dan ook Algerije uitgevlucht. Hij woont tegenwoordig in Mexico.

Onverdraagzaamheid en conflicten spelen in de romans van deze schrijver een grote rol en dat zie je ook terug in dit boek.
In het begin is de hoeveelheid namen even wennen, maar al snel krijg je door hoe de verhoudingen in het dorp liggen en vooral, hoe deze veranderen.

De enige man die gestudeerd heeft en over de grenzen heen kan kijken, is de schrijver, die man die brieven voor de dorpelingen schrijft en formulieren voor hen invult. Na zijn protest tegen de vernieling van een heidense tempel om er een moskee te bouwen, is het duidelijk dat hij een tegenstander van het regime is en dat komt hem op een bezoek te staan van de fundamentalisten. Zijn vele filosofische en literaire boeken werken daarbij niet in zijn voordeel. Buitenlandse kennis, andere gezichtspunten en begrip voor alles wat niet Islamitisch is, zijn deze vreselijke mannen vreemd.

Ik heb een hekel aan boeken, Dactylo,’ zegt hij. ‘Of ze nu door dichters of imams geschreven zijn, dat maakt me niet uit, al mijn stekels gaan ervan overeind staan.’ […] Het enige waar ik in geloof is dit,’ voegt hij eraan toe, zwaaiend met zijn wapen. ‘Een geweer herroept nooit wat hij heeft gezegd.’

De lammeren Gods geeft een interessant, maar vaak ook vreselijk inkijkje in een vrij recente periode van de Algerijnse geschiedenis en is tegelijkertijd ook nog ontzettend actueel. Een zeer boeiend boek.

Originele Franse titel: Les Agneaux du Seigneur
Uitgegeven in 1998
Nederlandse uitgave 1999 door uitgeverij Atlas
Nederlandse vertaling Marianne Kaas
Bladzijdes: 221

maandag 25 juli 2016

Madame Manet, Ton van Kempen en Nicoline van de Beek

Édouard Manet was getrouwd met de Nederlandse pianiste Suzanne Leenhoff uit Zaltbommel. Zij vertrok in 1847 naar Parijs om daar muziek te studeren en kwam in contact met de familie Manet. 

Ze trouwde in 1863 met de oudste zoon Édouard. In die tussentijd had Suzanne al een zoon gekregen, waarvan Édouard Manet vermoedelijk de vader was, al is het nooit officieel gemaakt, de jongen ging door als Suzanne’s jongere broer.

Édouard Manet geldt als een belangrijke inspirator van het Impressionisme, hoewel hij zelf geen echte Impressionist was. Hij is eigenlijk niet goed in te delen in een bepaalde stroming, daarvoor ging hij teveel zijn eigen gang. 

Niet al zijn werk werd gewaardeerd, Olympia of Le déjeurner sur l’herbe werden geweigerd in de Salon en riepen veel weerstand en hoon op.

Langzamerhand kwam echter de erkenning en in 1881 kreeg Édouard Manet zelfs de Légion d’Honeur.

In 1883 stierf Manet aan de gevolgen van syfilis. Suzanne Manet heeft na zijn dood zijn nalatenschap beheerd, al kwam er ook kritiek op de manier waarop ze dit deed. Ze zag er namelijk geen probleem in om schilderijen in kleinere schilderijen op te knippen, zodat ze meer geld zouden opbrengen. In 1906 overleed Suzanne en werd ze naast haar echtgenoot begraven. Ze liggen beiden op de Cimetiere de Passy.
Édouard Manet

Er is veel overgebleven van Édouard Manet en Suzanne Leenhoff, maar hoe verwerk je al die feiten en bijzonderheden in een verhaal zonder dat het een droge opsomming wordt? Hoe maak je hier een originele biografie van?

Ton van Kempen en Nicoline van de Beek hebben hier een bijzondere vorm voor gevonden; een fictief interview. Dit klinkt een beetje gek, maar het is niet nieuw. De schrijver Bernlef heeft ooit een interview bedacht met de kunstenaar Giorgio Morandi en dit is de inspiratie geweest voor dit boek.

In Madame Manet krijgt Suzanne Manet in 1905 een Nederlandse journalist op bezoek die graag meer wil weten over haar leven in Parijs, de grote kunstenaars en schrijvers die ze heeft gekend en de historische gebeurtenissen waar ze getuige van is geweest.

Meneer van Mander, de journalist vraagt naar het verleden en de oude weduwe leeft weer helemaal op. Ze is gestreeld door de belangstelling van de jonge man en vertelt alles wat hij maar wil weten en vraagt zich geen moment af of de jongeman wel is wie hij zegt te zijn. 
Suzanne Manet-Leenhoff
De oude meid, Marie die al van jongs af aan bij de familie in dienst was, denkt er het hare van. Haar herinneringen mengen zich met die van Suzanne en geven op die manier waar nodig is nuance en verdieping.

Madame Manet is een heel erg mooi boek. Niet alleen is het verhaal bijzonder interessant, de vormgeving is ook prachtig. Het is gedrukt op mooi, dik papier en elke bladzijde is geïllustreerd met afbeeldingen van de schilderijen van Manet, foto’s van de mensen die ter sprake komen of foto’s van Parijs uit de 19e eeuw. Fijn dat hierbij niet alleen de allerbekendste werken van Manet zijn afgebeeld, maar juist ook veel minder bekende. Ik heb hierdoor ook nog een nieuwe waardering gekregen voor Édouard Manet als schilder, wat heeft die man mooie dingen gemaakt!
Bladzijde uit het boek Madame Manet
Als je aan de vorm gewend bent, leest het interview met de weduwe Manet alsof je er zelf bij bent. Je zit samen met meneer van Mander op de sofa in de wat vervallen salon, terwijl de herinneringen je meenemen en de mensen van vroeger tot leven brengt.

Het verhaal is misschien fictief, maar de feiten en de informatie kloppen allemaal, zoals de voetnoten laten zien en ik kan alleen maar hulde brengen aan de research die aan dit boek vooraf is gegaan.

Ik zag die boek liggen bij de museumwinkel van het Singer Museum in Laren, en hoewel ik in de eerste instantie twijfelde, ben ik erg blij dat ik het heb meegenomen, Madame Manet is voor mij nu al een van de mooiste boeken van dit jaar.

Uitgegeven in 2014 bij Uitgeverij Het Archiefcollectief
Bladzijdes 332

zaterdag 23 juli 2016

Het balkon is weer klaar (eindelijk)

Zoals elk jaar wacht ik met spanning het goede weer af om mijn balkon op orde te maken voor de zomer. Het ene jaar ben ik hierin wat sneller dan het andere jaar. Soms heb ik de boel al op orde met mijn verjaardag in maart, een andere keer in de Meivakantie, maar dit jaar heb ik het pas op orde gekregen de eerste dag van de zomervakantie.

De schilders komen hier de balkonbalustrades schilderen, maar door de vele regen van de afgelopen weken zijn ze hier niet erg mee opgeschoten. Ik had eigenlijk willen wachten tot ze klaar waren, maar besloot vorige week dat ik dat niet zou doen. Op het moment dat ze aan mijn balkon toegekomen zijn, is het gemakkelijk genoeg om de boel even naar een andere plek te verhuizen. Maar ik wilde wel nu van mijn balkon weer een gezellig bloemenhofje maken.
Dat is zeker gelukt (al zeg ik het zelf).

Op het voorbalkon, waar ik vanuit de woonkamer op kijk, heb ik in de linkerhoek deze leuke groep. Op het stoeltje staat een Hortensia (zo mooi!) en op de vloer staat van links naar rechts een Aarbei, een Campanula, een Cosmea met heel mooie roze bloemen, een Melisse en een Spaanse margriet.


Op het tafeltje staan drie plantjes, een Petunia (met een prachtige diep-paarse kleur), een klein Spaans margrietje en een Munt. Het schijnt een chocolade-munt te zijn, maar ik heb geen idee wat het verschil is met een gewone munt. Ik vind het iig een heel lief en leuk plantje.


In de rechterhoek van het balkon dit kleine groepje, met een Lavendel en ik meen een soort Petunia in de grote pot. De bruine pot staat omgekeerd want die is eigenlijk te smal voor planten en je krijgt ze er bijna niet uit. En omdat er geen gaten in de bodem zitten, blijft het water erin staan en stinkt het verschrikkelijk. Maar zo omgekeerd lijkt het nog wel heel decoratief.

Op het achterbalkon zit ik nooit, maar ik vind het wel leuk om hier een paar kleine plantjes te hebben omdat het dan een beetje verzorgder en leuker lijkt. Op het stoeltje een Campanula en ook hier een mooie Cosmea, deze met witte bloemen.

Ik ben heel erg blij met hoe mooi dit allemaal lijkt. Nu maar hopen dat het weer een beetje meewerkt en ik ook op mijn balkon kan zitten,
Lezen tussen de planten, beter wordt het niet.

donderdag 21 juli 2016

De woestijn van de Tartaren, Dino Buzzati

Giovanni Drogo is net afgestudeerd aan de militaire academie en krijgt zijn eerste benoeming. Hij moet afreizen naar de vesting Bastiani, die aan de noordgrens staat. 

Vol goede moed vertrekt hij, maar als hij daar aankomt blijkt dat er weinig eer te behalen zal vallen in deze vesting. Het enige wat de soldaten doen is de noordkant van de grens in de gaten houden voor het geval de mensen uit het noorden, gekscherend de Tartaren genoemd, zullen aanvallen.

In de eerste instantie wil Drogo weg, maar hij laat zich overhalen te blijven. En al snel zorgt de militaire routine in de vesting ervoor dat hij went aan het verglijden van de tijd.

Bijna ongemerkt slijt Drogo zijn hele leven in de vesting, en wanneer de Tartaren eindelijk komen, wacht Drogo een heel andere vijand.

Dino Buzzati leefde van 1906 tot 1972. Toen hij nog maar 22 was, kwam hij als journalist bij de Corriere della Sera in Milaan te werken en hier is hij zijn hele leven gebleven. Naast zijn journalistieke werk, schreef hij ook korte verhalen, gedichten, romans, libretto’s en toneelstukken. De roman De woestijn van de Tartaren uit 1945 is zijn bekendste boek geworden. 

Het boek wordt wel vergeleken met het werk van Albert Camus, omdat ook hier de mens niet in staat is richting aan zijn leven te geven en men zich vastklampt aan betekenisloze routines die niet meer zijn dan illusies van zingeving.

Giovanni Drogo is een jonge man vol idealen. Als hij is afgestudeerd wil hij een grootste carrière en hij is blij naar een belangrijke vesting te worden gedetacheerd.  Hij is een beetje teleurgesteld als hij daar aankomt en het blijkt dat het helemaal geen belangrijke post is. Toch slokt het leven in de vesting hem op, en kan hij zelfs niet meer aarden in de stad als hij daar eens met verlof komt.

Samen met de andere soldaten wacht hij op de komst van de vijand, hoopt er zelfs op, want dan is eindelijk iets te doen. Als de vijand komt, dan weten ze dat ze daar niet al die jaren voor niets hebben gezeten, dan heeft het leven in de vesting zin gehad.

De woestijn van de Tartaren roept bevreemding op, omdat tijd en plaats nooit precies gegeven worden. Je krijgt het idee dat het de 19e eeuw is omdat er gesproken wordt over rijtuigen en paarden, maar helemaal zeker is dit niet. 

Normaliter houd ik er niet van als dit soort elementen vaag blijven, maar in dit geval vond ik het geen probleem. Ik vond het namelijk een fascinerend verhaal waar je langzaam in gezogen wordt, bijna net zoals Drogo langzaam went aan het leven in de Vesting. 

Ondanks het feit dat er nooit een vijand komt, er nooit iemand in het noorden te zien wordt, wordt er met militaire precisie vastgehouden aan het protocol, zelfs al leidt dit tot belachelijke situaties en zinloze opofferingen. Want als je het protocol links laat liggen, dan kun je net zo goed de hele vesting verlaten en toegeven dat je eigenlijk met niks bezig bent.

Ik denk dat het niet verwonderlijk is dat dit boek in 1945 is gepubliceerd, toen de oorlog net voorbij was. Een oorlog waarin heel veel mensen zich vastklampten aan onzin, zelfs al wisten ze in hun hart misschien wel dat het eigenlijk geen zin (meer) had. Het is deze waanzin die Dino Buzzati probeert duidelijk te maken, al is er voor zijn hoofdpersoon geen uitweg.

Het is daarmee ook een beetje een triest boek, met een melancholische ondertoon, hoewel de absurditeit van bepaalde situaties ook ontzettend komisch is, op een bijna pijnlijke manier. 

De woestijn van de Tartaren is een mooi en bijzonder verhaal dat terecht als een Italiaanse klassieker gezien wordt en wat mij betreft verdient dit boek gelezen te worden. 

Originele Italiaanse titel: Il deserto dei Tartari
Uitgegeven in 1945
Deze Nederlandse uitgave: 2016 door uitgeverij De wereldbibliotheek (eerder uitgegeven onder andere titels)
Nederlandse vertaling: Anthonie Kee
Bladzijdes: 224

woensdag 20 juli 2016

Nieuw dak



Jarenlang was Les Halles een grote bouwput en hoewel de werkzaamheden nog niet helemaal af zijn, zit het dak er al wel op. En bijzonder mooie constructie, dat een prachtig gouden licht geeft. De meningen zijn zoals altijd verdeeld, maar ik vond het mooi.
Parijs mei 2016

maandag 18 juli 2016

En de zon gaat op, Ernest Hemingway

Jake Barnes woont en werkt in Parijs in de jaren ’20. Hij werkt voor een krant en brengt zijn dagen en avonden vaak door met een groep vrienden, terwijl ze van cafe naar nachtclub gaan en te veel drinken. Hij is verliefd op Brett Ashley, maar hun relatie heeft geen toekomst en ze is verloofd met een ander.

Jake, Brett, haar verloofde Mike, vriend Bill en aanhangsel Robert besluiten op vakantie te gaan naar Pamplona om de stierengevechten bij te wonen. Jake komt er vaak en is een groot bewonderaar van de verschillende stierenvechters.

Samen met Bill gaat hij eerst nog vissen op het Spaanse platteland voor ze elkaar allemaal ontmoeten in Pamplona.

De situatie wordt bemoeilijkt door het feit dat Robert een affaire met Brett heeft gehad en zich erg jaloers en onmogelijk gedraagt en dat Brett een verhouding krijgt met de jonge en briljante stierenvechter Pedro. De verhoudingen komen op scherp te staan, terwijl er zowel binnen als buiten de arena het nodige uitgevochten moet worden.

The lost generation
The sun also rises is uitgegeven in 1926 en het was het eerste boek van Ernest Hemingway, dat in één klap zijn reputatie als schrijver vestigde.
Hij beschrijft hierin de mensen die na de Eerste Wereldoorlog het spoor bijster zijn, zoekend naar een nieuwe weg, maar die ondertussen ronddobberen en er een rommeltje van maken.

Getrude Stein had Ernest Hemingway en zijn generatie The lost generation genoemd, en dit is ook als motto meegegeven aan deze roman, die als eerste liet zien welke moeilijkheden deze generatie had en hoe de gevolgen van de oorlog doorwerkten.

Hoewel dit het eerste boek is van Hemingway, zijn er al zeker karakteristieke kenmerken te vinden. De held, Jake, is een eerlijke vent, die ondanks zijn trauma stug doorgaat en zich niet laat kennen. 
Verder eet en drinkt iedereen heel veel, wordt er gebokst, gevist en zijn er natuurlijk stierengevechten.

Ook de schrijfstijl is al bijna zoals we die kennen van Hemingway; sobere zinnen die de handelingen beschrijven en het besef dat er heel wat meer gebeurt wat niet beschreven wordt.

Eerlijkheid en moed
Jake is een jongeman met een groot probleem, door zijn oorlogsverwonding zal hij nooit een relatie met een vrouw kunnen aangaan. Zijn liefde voor Brett Ashley is dan ook tot mislukken gedoemd.
Hij is wel degene die, ondanks alles, probeert iets van het leven te maken, die op zoek is naar echtheid en zich afkeert van oneerlijkheid. Hij is de enige die echt werkt en zijn schulden meteen afbetaald.

In Parijs zijn de zaken voor hem nog niet zo duidelijk, maar het leven in Spanje maakt voor hem wel duidelijk wat belangrijk is en wat niet.

De rustige tijd die hij doorbrengt op het platteland met een kameraad terwijl ze vissen, ’s avonds wijn drinken en samen vooral zwijgen, vormen een omslagpunt.

Als hij zijn andere vrienden dan weer terug ziet in Pamplona wordt duidelijk dat Robert er niet bij hoort. Hij haalt zijn emoties uit boeken en is hierin niet oprecht. Ook beseft Jake dat hij en Brett nooit samen zullen zijn, hoewel zij op haar manier wel oprecht is. Toch komt hij haar te hulp als zij in de problemen zit, al heeft ze wel zijn reputatie in Spanje bij de andere stierengevechten-aficionado’s verpest. 
Ernest Hemingway bij de stieren in Pamplona, jaren '20
Vertaling
Ik ben overduidelijk over mijn oude Hemingway-blokkade heen en heb dit boek met heel veel plezier gelezen. Ik krijg de indruk dat je Hemingway óf goed óf niet goed vindt, maar ik kan tegenwoordig oprecht zeggen dat ik hem een goede schrijver vind en dat ik er naar uitkijk zijn andere boeken te lezen.

Ik vond in dit boek de hoofdpersoon Jake een sympathieke man en ik had een beter einde voor hem gewenst. Ook knap worden de verschillende sferen in Parijs, Spanje en Pamplona beschreven. Ik begrijp goed dat dit boek voor Hemingway een doorbraak was, ik denk dat in de jaren ’20 zijn manier van schrijven echt nieuw was en een duidelijke breuk vormde met de manier van schrijven van andere auteurs en de generaties daarvoor. 

Knap vind ik het dat Hemingway in staat is om zelfs bij een onderwerp als stierenvechten, waar ik zacht gezegd helemaal niets mee heb, begrijpelijk te maken waarom zoveel mensen zich hierin helemaal kunnen verliezen. De opwinding van het dagenlang durende feest, het ontzag bij het zien van de stieren, de verrukking bij een stierenvechter die subliem in de arena staat, je voelt het helemaal mee.

Ik had echter één groot probleem met dit boek, ik las in de eerste instantie een pocket die ik voor 1.80 euro bij de Kringloopwinkel had gevonden. Dit was de Nederlandse versie uit 1978, met een vertaling die zo hakkerig, slecht lopend en uitermate beroerd was dat ik acuut een originele versie heb besteld.

Bij een goede vertaling heb je bijna niet door dat je een vertaling leest, bij een slechte vertaling ben je je er constant van bewust en probeer je ook steeds te raden wat de Engelse zin zal zijn geweest. Nee, deze versie gaat weer richting kringloop en ik heb een normale versie, die ik ongetwijfeld met veel meer plezier zal herlezen.

Er is trouwens nu een boek uit Everybody behaves badly van Lesley M.M. Blume dat gaat over het ontstaan van dit boek. Dit boek ligt klaar om binnenkort gelezen te worden! 

Oorspronkelijke Engelse titel: The sun also rises
Oorspronkelijk uitgegeven in 1926
Uitgegeven in Nederland in deze versie in 1978 door uitgeverij Agathon
Nederlandse vertaling: W.A. Fick-Lugten
Bladzijdes: 213

zaterdag 16 juli 2016

Opnieuw...

Gisterochtend werd ik vrolijk wakker, want ik had zomervakantie. Die vreugde werd echter al snel getemperd toen ik het nieuws bekeek, opnieuw een aanslag in Frankrijk. Ik heb gisteren bewust het nieuws een beetje gemeden, maar ik wilde hier toch aandacht aan besteden, al is het maar om mijn eigen gedachten een beetje te ordenen.

Opnieuw een aanslag; een terrorist die zo nodig zijn mening wil overbrengen en  onschuldige mensen die het slachtoffer worden. Opnieuw de schrik en de verbijstering, het meeleven met mensen die gestorven zijn en familieleden die geliefden verloren hebben.

Wat drijft dit soort mensen, waarom doet iemand dit? Ik kan het niet begrijpen. Je kunt het gevoel hebben dat je buiten de samenleving staat, maar daar heeft iemand volgens mij zelf ook een verantwoordelijkheid in. 

Anderen vermoorden uit je eigen onmacht en rancune, laat alleen maar zien hoe klein je zelf bent. Niet hoe groot jouw god is, uit wiens naam je dit misschien doet (of liever; jouw verwrongen opvatting van een god).

Ben ik bang? Ja, als ik eerlijk ben, ben ik wel een beetje bang. Toen ik in mei naar Parijs ging, voelde ik me over het algemeen veilig, maar ik schrok erg toen er opeens brandalarm afging op Gare du Nord terwijl ik stond te wachten op de trein. Er was niets aan de hand, maar de trein vertrok wel 20 minuten later. Was er een verband? Geen idee, het zou zomaar kunnen, maar ergens ben ik ook wel blij dat ik dat niet weet.

Ik ben echter niet bereid om me zo bang te laten maken dat ik niets meer durf. Of liever, ik ben wel bang, maar ik probeer me hier niet door te laten leiden. Natuurlijk, ik kijk goed uit en let meer op mensen, en probeer al te drukke punten te vermijden, als dat mogelijk is.

Maar je kunt nu eenmaal niet alles vermijden. Binnenkort ga ik enkele dagen naar Venetië, en ik besef me maar al te goed dat er maar één gek op het vliegveld nodig is om een ramp te veroorzaken. Ik blijf er echter niet om thuis.

Hoe moeten we verder? Dat is moeilijk. Aan de ene kant denk ik dat waakzaamheid altijd goed is en daarbij moet je je gezond verstand gebruiken.

Als ik bij mezelf kijk op dit moment, merk ik dat ik ook best bereid ben een deel van mijn persoonlijke vrijheid op te geven als dat de veiligheid verhoogt (in een noodtoestand oid). De vraag waar de grens hierin ligt, en wat politie, justitie en AIVD allemaal wel of niet zouden mogen, leg ik even naast me neer. Daar heb ik namelijk geen antwoord op.

Ik weet wel dat ik me in Parijs erg veilig voelde met de vele politieagenten en militairen op straat. De Fransen maken hierin zo’n competente indruk dat ik het idee had ‘als er dan iets moet gebeuren, dan maar met deze jongens in de buurt’. En ja, ik weet ook dat dit niet alles tegenhoudt of kan tegenhouden en waarschijnlijk een soort schijnveiligheid biedt, maar het voelde wel heel fijn.

Tegelijkertijd moeten we de dialoog niet uit het oog verliezen. Niet elke moslim is een terrorist en ook hierin moeten we de terroristen niet leidend maken. Zij bepalen niet hoe we met elkaar omgaan, die keuzes maken we zelf. 

Ik denk dat we gebruik moeten maken van de expertise, de kennis en de aandacht die in de verschillende culturele gemeenschappen aanwezig zijn om dingen te herkennen en aan te pakken. Omdat dit iets is waar we gezamenlijk, als mensen samen, mee om moeten gaan.

En verder? Verder kunnen we alleen maar proberen de wereld voor onszelf mooi te maken en aandacht te besteden aan familie, vrienden, liefde, muziek, kunst, de natuur en alles wat het leven de moeite waard maakt. Alles dat terroristen niet herkennen of willen vernietigen, maar juist daarom moeten we volhouden.

vrijdag 15 juli 2016

Zomervakantie!

Marilyn Monroe in The Misfits
Heerlijk, vandaag begint de zomervakantie en heb ik zes heerlijke, glorieuze weken vol vrijheid in het vooruitzicht.

Marilyn Monroe op deze dag is een beetje een traditie aan het worden, een die ik niet wilde breken. Vandaar deze prachtige foto van haar op de set van haar laatste film.

woensdag 13 juli 2016

Belangrijke beslissingen

Als de toetsweek voorbij is en de leerlingen al in vakantiestemming zijn, staat er voor ons in de laatste week voor de zomervakantie nog iets belangrijks op het programma. 

In deze week hebben we de laatste rapportvergaderingen; de overgangsvergaderingen.

Meestal heb je een redelijk goed idee hoe een leerling ervoor staat en hoe de leerling het gaat doen. 

Bij het 3e rapport, in april ongeveer, maken we dan ook al een prognose voor volgend jaar, hoeveel leerlingen komen er in een volgende klas, hoeveel blijven er zitten?

Maar leerlingen stellen je soms voor een verrassing. De laatste toetsweek kan nog een heleboel veranderen. Leerlingen die het hele jaar op overgaan stonden, staan nu opeens een onvoldoende teveel, en anderen hebben alles uit de kast getrokken en zijn tegen alle verwachting in gewoon regulier te bevorderen.

De eindvergaderingen zijn lange en intense vergaderingen, omdat je over sommige leerlingen een hele discussie hebt. Alle leerlingen worden even genoemd, maar bij een aantal moet je stil blijven staan. Want wat doen we met de leerlingen die niet over kunnen?

We hebben natuurlijk een overgangsregelement, waarin precies staat met hoeveel onvoldoendes je nog over kunt en waar de grens ligt. 

Zo staat er bijvoorbeeld in dat je van 4Havo naar 5Havo één vijf mag hebben, maar bij twee vijven moet je ook twee compensatiepunten hebben (dwz, twee zevens of zelfs een acht). Bovendien mag je voor de kernvakken Nederlands, Engels en Wiskunde slechts één vijf hebben.

Het zou heel gemakkelijk zijn om dit rigide toe te passen, en elke leerling die niet aan deze normen voldoet, te laten zitten, maar daarmee zouden we de leerlingen geen recht doen. En dat is precies wat we wél willen doen in de eindvergadering. We willen elke leerling op de juiste plek hebben, met zoveel mogelijk kans om het volgend jaar beter te presteren.

We nemen hierbij allerlei factoren in overweging, zoals gezondheidsproblemen, sociale factoren, de thuissituatie en de motivatie. Sommige leerlingen hebben te maken gehad met sterfgevallen, ernstige ziektes of uithuisplaatsing. Dat heeft allemaal invloed op het welbevinden van een kind en op de resultaten op school.

Het kan dus voorkomen dat we in vergelijkbare situaties toch tot een andere beslissing komen, omdat we voor elk kind proberen te kijken naar de specifieke situatie van dat kind.

Voor de één zal een jaar doubleren beter zijn omdat er teveel gaten in de kennis zitten, voor een ander zal plaats nemen in een hogere klas beter zijn, ondanks een teveel aan onvoldoendes. 

Voor sommige leerlingen komt er een herexamen aan het einde van de vakantie die zal bepalen of ze doorgaan naar een hogere klas, anderen krijgen een reparatieprogramma en een contract waarin staat waaraan ze volgend jaar moeten voldoen.

Als mentor heb je hier een grote en verantwoordelijke rol in (ik lig er de nacht van te voren zelfs wakker van). Als het goed is, ken je je leerlingen en hun achtergronden en heb je er al lang over nagedacht wat het beste voor hen is. 

De kunst is dan om andere collega’s in de vergadering hiervan te overtuigen en veel ligt aan de manier waarop je dat doet. Het helpt als je een heldere uiteenzetting van de situatie hebt en een voorstel met goede argumenten, maar soms heb je een leerling die zoveel collega’s tegen de haren heeft ingestreken, dat die niet erg genegen zijn die leerling nog een kans te geven. 

Er zijn soms ook collega’s die de rapportvergaderingen aangrijpen om stokpaardjes uit de kast te halen en hun mening willen ventileren over het school- en cijfersysteem en probeer dan de discussie maar weer in goede banen te leiden!

Toch komen we er meestal goed uit, en hebben we beslissingen genomen waar we tevreden over kunnen zijn. 

Niet dat we het altijd perfect doen, of hierin geen fouten maken, maar wel omdat we elke leerling zien en oprecht ons best doen, met al onze expertise en ervaring en liefde voor de leerlingen, om de leerlingen de beste kansen te geven. 

maandag 11 juli 2016

De bomen van de geest, Rosetta Loy

Soms herlees je een boek en dan is het een diepe teleurstelling, maar soms heb je de fijne ervaring dat niet alleen je eerdere leesherinnering wordt bevestigd, maar zelfs wordt versterkt.

Dat laatste had ik gelukkig bij De bomen van de geest van Rosetta Loy, een schrijfster waar ik in 2007 mee kennis maakte.

De bomen van de geest is het verhaal van een Italiaanse familie uit de gegoede middenklasse. Vader is zakenman, moeder heeft een affaire, er is een buitenhuis en de familie heeft over het algemeen weinig echte zorgen.

In de eerste jaren van de oorlog kunnen ze nog net een zomer doorbrengen in Venetië, waar zoon Ludovico wordt bijgespijkerd door de student Marcello, die daarna in Noord Afrika zal moeten vechten tegen de Engelsen.

Het is voor Ludovico, Giulia en Laura de laatste onbezorgde zomer, een zomer van ijsjes, zwemmen en een kalverliefde op de liftjongen. Een laatste zomer voor de drie om kind te kunnen zijn, voor de oorlog hen dwingt volwassen te worden.

Na de oorlog moeten de kinderen, inmiddels jong-volwassenen, hun weg weer zien te vinden. Vader is overleden en moeder klampt zich vast aan het verleden, dat ze tegelijkertijd niet meer onder ogen kan zien. En terwijl Giulia verschillende baantjes uitprobeert en uiteindelijk zal trouwen, begint Ludivico met een maat een bedrijfje, al ligt zijn hart daar absoluut niet. 

En langzaam wordt duidelijk welk ander groot drama er is geweest voor de familie tijdens de oorlog, namelijk wat het lot was van hun zus Laura, die zich nooit conformeerde en haar eigen gang ging. Een lot dat de levens van haar familieleden voorgoed veranderde.

De bomen van de geest is een heel mooi boek. Dat klinkt niet toereikend, maar dat is wel het geval.

Het knappe van Rosetta Loy is dat ze zo precies formuleert, elke zin klopt en er staat geen woord teveel in. Op bijna sobere manier vertelt ze over de oorlog, vanuit verschillende aspecten; de ervaringen van Marcello aan het front, de inkwartiering van de Duitse soldaten waar de familie mee te maken krijgt en de grotere politieke veranderingen in Italië. 

Tegelijkertijd is De bomen van de geest een roman over relaties, over familie, maar vooral over herinneringen en hoe een enkele daad zoveel gevolgen kan hebben voor de mensen die achterblijven. Mensen die proberen hun leven weer op te pakken, maar die onherroepelijk veranderd zijn door wat er is gebeurd. 

Dit wordt soms duidelijk in een enkele zin of een kleine scene, maar meer is ook niet nodig. Het meesterschap van Rosetta Loy zorgt ervoor dat ze heel veel kan verpakken in relatief weinig bladzijdes, terwijl er toch geen losse eindjes overblijven of gebeurtenissen in de ruimte blijven hangen.

Ik heb een tijdje niet aan de boeken van Rosetta Loy gedacht, hoewel ze hier in de kast stonden, maar ik ben blij dat ik deze heb herlezen. Nog fijner is het dat ik er nog een paar van haar heb staan die ik binnenkort ook ga herlezen. Een mooi vooruitzicht.

Originele Italiaanse titel: Nero è l’albero dei ricordi, azzurra l’aria
Uitgegeven in 2004
Nederlandse uitgave 2006 door uitgeverij Meulenhoff
Nederlandse vertaling: Leen van den Broucke en Gabrielle Dekker
Bladzijdes: 268

vrijdag 8 juli 2016

Catharina de Grootste in de Hermitage

Portret van een jonge Catharina
In 1729 werd er in een klein Duits vorstendommetje een prinses geboren, Sophie. Zij trouwde in 1744 met de Russische troonopvolger Peter, die later gekroond zou worden als Peter III.

Sophie bekeerde zich tot het Russisch-Orthodoxe geloof en stond voortaan bekend als Catharina.  Zij 
zou zich ontwikkelen tot één van de meest machtige vorstinnen in de 18e eeuw.

Haar huwelijk met Peter was niet goed en al snel na zijn kroning in 1761, zette Catharina hem af, met behulp van een groep hovelingen. Voortaan had zij de touwtjes in handen.

Ze was een vorstin die intelligent was en geïnteresseerd in de Verlichte ideeën. Zo schreef zij jarenlang met Voltaire en Diderot en voerde verschillende Verlichte hervormingen door. Tegen het einde van haar regeringsperiode draaide ze daar ook een groot deel weer van terug, geschrokken door de uitwassen van de Franse revolutie.

Ze voerde verscheidene oorlogen en breidde het grondgebied van Rusland uit en liet zich alle jaren van haar regering bijstaan door knappe jonge mannen, van wie velen haar minnaar waren. Als ze genoeg van één had, kreeg die een titel, een landgoed en een pensioen en kwam de volgende aan de beurt.

Het is aan Catharina te danken dat de Hermitage in Sint Petersburg zo’n prachtige kunstcollectie heeft, zij was voortdurend op zoek naar nieuwe aanwinsten en kocht zich suf aan schilderijen, beelden en kleine kunstvoorwerpen.
Buste van Catharina
Na haar dood in 1796 werd ze opgevolgd door haar zoon Paul I. Tussen moeder en zoon bestond weinig liefde, Catharina beweerde zelfs dat hij niet de zoon van Peter III was, maar van haar eerste minnaar, om hem in een kwaad daglicht te stellen.

Paul I nam wraak door na zijn troonsbestijging de wet zo te veranderen dat vrouwen de Russische troon niet meer konden overnemen, iets dat de Romanovs uiteindelijk op zou breken.

In de Hermitage in Amsterdam is nu een bijzondere tentoonstelling te zien over deze bijzondere vorstin. Ik vind het altijd leuk als een tentoonstelling heel divers is en niet alleen schilderijen toont, maar ook meubels, kleding en juwelen en daar is Catharina de Grootste een mooi voorbeeld van. 

Er is zelfs een replica van de kroon waarmee Catharina gekroond werd. De echte kroon mag Rusland niet verlaten, vandaar dat er een replica gemaakt is. Maar ook haar bureau is te zien (verbazingwekkend eenvoudig voor een keizerin), een handwerkdoos, serviezen en delen van verzamelen die ze aanlegde, zoals die van snuifdozen.
Handwerkdoos
Catharina is in verschillende films door verschillende actrices geportretteerd en heel leuk worden deze beelden door de tentoonstelling heen vertoond. Allerlei verschillende aspecten van Catharina komen aan bod en opnieuw is de Hermitage erin geslaagd een heel mooie en interessante tentoonstelling samen te stellen, die geen moment verveelt.

Catharina de Grootste is nog tot 15 januari 2017 te zien. 

maandag 4 juli 2016

Tsjechov. Een fotobiografie, Peter Urban

Af en toe lees je over een boek waarvan je onmiddellijk weet: ‘dit boek moet ik hebben’.
Tsjechov is één van mijn favoriete schrijvers en een fotobiografie van hem kwam dan ook meteen op mijn lijstje.

Het geeft een overzicht van het leven van Anton Tsjechov aan de hand van foto’s en de brieven die Tsjechov schreef.

Het boek is verdeeld in verschillende hoofdstukken die de periodes uit het leven van Anton Tsjechov laten zien. De brieven zijn aan familieleden en vrienden, en vooral aan zijn uitgever A.S. Soevorin.

Tsjechov laat zich zien als een iemand die zijn schrijven steeds serieuzer neemt, maar zijn medische loopbaan ook altijd blijft behouden. Ondanks zijn eigen zwakke gezondheid die hem vaak verhinderde te doen wat hij wilde doen, wist hij veel te bereiken. Hij stichtte scholen, zette zich in voor zieken en armen en zijn familie die altijd belangrijk voor hem bleef.

Vanuit Italië schreef hij hen in 1891: 
Van alle plaatsen waar toe nu toe ben geweest heb ik de mooiste herinnering aan Venetië. Rome lijkt voornamelijk op Charkov en Napels is vies. En de zee trekt me niet aan, want daar had ik in november en december al genoeg van. Verdorie, het blijkt dat ik al een vol jaar onafgebroken op reis ben. Ik was nog niet terug uit Sachalin of ik ging naar Petersburg en daarna weer naar Petersburg en naar Italië…

Als ik met Pasen nog niet terug ben, willen jullie dan bij het beëindigen van de vasten voor me bidden en me toestaan jullie schriftelijk geluk te wensen en te verzekeren dat ik jullie in de Paasnacht ontzettend zal missen.

Bewaren jullie de kranten? Groeten aan iedereen […] blijf allemaal gezond. Moge de hemelen jullie behoeden. Ik heb de eer me af te melden en te verblijven jullie missende Antonio.

Hij was een goede vriend, zo zegde hij zijn lidmaatschap van de Academie van de Wetenschap op toen zijn vriend Maxim Gorki op hogerhand het lidmaatschap geweigerd was.

Op foto’s is hij degene die opvalt omdat hij een soort rustpunt vormt in het gezelschap. Iedereen lijkt zich bewust van het feit dat ze op de foto komen, maar Anton Tsjechov kijkt in de camera en is zichzelf.

Hij had een droog soort humor en maakte zichzelf niet belangrijker dan hij was.

Je vraagt: wat is het leven? Dat is net zoiets als vragen wat worteltjes zijn. Worteltjes zijn worteltjes, meer is niet bekend. (Aan Olga Knipper 1904)

Zijn problematische gezondheid hield hij voor zijn familie grotendeels verborgen, om ze niet ongerust te maken. Maar zijn einde kwam veel te vroeg, in een kuuroord in Duitsland in 1904. De grote schrijver was niet meer.
 
Jalta, 1904,
de laatste foto's die van Tsjechov in Jalta zijn gemaakt
voor hij naar Duitsland ging
De samensteller van Tsjechov, Een fotobiografie is Peter Urban, hij was de Duitse vertaler van Anton Tsjechov en heeft in dit boek een weelde aan informatie verwerkt, met foto’s en afbeeldingen uit zijn eigen collectie en van verschillende musea. Niet alleen foto’s van Tsjechov en zijn familie zijn gebruikt, maar ook zijn artsendiploma, visitekaartje, tekeningen, affiches van toneelstukken, foto’s van de steden waar hij kwam etc.

Op deze manier krijg je weer een heel nieuw beeld van Tsjechov, door de combinatie van foto’s en de woorden van de man zelf.

Het is een prachtig boek, heel mooi gebonden ook en het is een absolute aanwinst voor iedereen die geïnteresseerd is in Anton Tsjechov. Voor mij is het een bijzonder waardevolle aanvulling in mijn Tsjechov collectie en ik ben heel erg blij met dit mooie boek. (gek he, dat een boek je zo blij kan maken).
Tsjechov (r) Aan boord van de Petersburg,
met een mangoest op schoot die hij meenam van
India naar Rusland
Ja, op het land is het nu heerlijk. Niet alleen heerlijk, wonderbaarlijk zelfs. Echte lente, de bomen botten uit, het is heet. Ik heb geen stuiver, maar ik redeneer zo: rijk is niet wie veel geld heeft, maar wie de middelen heeft om nu in de weelde van de vroege lente te leven. (1892)

Uitgegeven in 1987 door uitgeverij Diogenes Verlag AG in Zurich
Nederlandse uitgave 2015 door uitgeverij Hoogland en van Klaveren
Vertaling van de Russische brieven: Anne Stoffels

vrijdag 1 juli 2016

Vooruitblik: Tentoonstellingen zomer 2016

De zomervakantie komt er bijna aan, misschien heb je je vakantieplannen al klaar, maar ook in eigen land is er meer dan genoeg interessants te zien. Deze zomer zijn er een paar bijzondere en leuke tentoonstellingen, die een bezoek meer dan waard zijn. 

Rijksmuseum (hier)
In de tuinen van het Rijksmuseum in Amsterdam zijn elk jaar bijzondere beeldhouwwerken te zien en deze zomer zijn dit de beelden van de Italiaanse kunstenaar Guiseppe Penone.
Er zijn 25 beelden, zowel oude als nieuwe in het Rijkmuseum te zien. Zeven hiervan staan binnen, de rest staat in de beeldentuin.

Voor Guiseppe Penone is de natuur (bomen!) een belangrijke inspiratiebron en daarin vooral de manier waarop in de natuur alles verandert met de tijd.
10 juni 2016- 2 oktober 2016 
Guiseppe Penone

Hermitage (hier)
Een tentoonstelling die niet alleen deze zomer te bewonderen is, maar een flink aantal maanden, is Catharina de Grootste in de Hermitage in Amsterdam.

Een zeer diverse tentoonstelling met meer dan 300 objecten, variërend van haar kunstwerken, japonnen, juwelen, tot meubels en andere gebruiksvoorwerpen. Het is aan Catharina de Grote te danken dat de Hermitage zo’n grote kunstverzameling heeft opgebouwd.

De tentoonstelling schenkt niet alleen aandacht aan haar lange regeringsperiode, maar ook aan haar leven en persoonlijkheid.
Een bijzondere tentoonstelling waar ik persoonlijk heel snel naar toe zal gaan!
18 juni 2016- 15 januari 2017 
Catharine de Grote
Beurs van Berlage (hier)
In de Beurs van Berlage in Amsterdam is nu de tentoonstelling The art of Banksy te zien, met 85 kunstwerken, nagebouwde Londense straten en zelfs het nagebouwde atelier van Banksy. Op deze manier ontstaat er een overzicht van het werk van deze bijzondere streetart-artist, die met zijn kunst en bijzondere acties altijd probeert om mensen aan het denken te zetten.
18 juni 2016-30 september 2016
Kunst door Bansky
Museum Kranenburgh (hier)
De kunstenaar Constant was lid van het KunstenaarsCentrum Bergen en exposeerde hier met Karel Appel en Corneille eind jaren ’40.

Voor hem was een schilderij geen bouwsel van kleuren en lijnen, maar een dier, een nacht, een schreeuw, een mens , of dat alles tezamen.

Zo’n 25 hedendaagse kunstenaars van het KCB maakten kunstwerken die geëxposeerd worden in het museum Kranenburgh in Bergen, met deze mooie uitspraak en het Cobra-verleden van Constant als inspiratie.
19 juni 2016 – 18 september 2016 
José van Tubergen, Poort naar de nacht
Catherijneconvent (hier)
Herman Pleij heeft naar eigen inzicht een mooie en diverse tentoonstelling in het Catharijneconvent in Utrecht mogen samenstellen, met de vrije hand in de stukken van het museum. 

De zomer van Herman Pleij is persoonlijk en vol anekdotes en laat een nieuwe kant zien van veel prachtige stukken uit de collectie, waaronder schilderijen, beelden en boeken.
8 juli 2016 - 4 september 2016

Eerder schreef ik over de tentoonstelling die in de lente al zijn begonnen, en een aantal hiervan zijn ook nog tot na de zomervakantie te zien. Meer informatie kun je HIER vinden
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...