donderdag 28 mei 2015

A Tuscan childhood, Kinta Beevor

Een jeugd doorgebracht in een kasteel in Toscane. Slapen in hangmatten in die tuin die gemaakt is op het dak tussen de torens, forellen in de beek kietelen zodat je ze kunt vangen, op de markt de verse producten kopen die zo van het land afkomen en grote dorpsfeesten die worden georganiseerd als de druivenpluk bezig is.

Kinta en haar broers John en Gordon hebben een heerlijke jeugd, zo net na de Eerste Wereldoorlog. Hun ouders waren schrijfster en journaliste Lina Duff-Gordon en schilder Aubrey Waterfield. Aubrey had het kasteel in Aulle gekocht aan het begin van de 20e eeuw en samen met zijn vrouw genoot hij van het Italiaanse landleven. Ze waren van die typische artistieke en intellectuele Engelsen uit de Upperclass, die allerlei intellectuele vrienden op bezoek kregen, schrijvers zoals D.H. Lawrence of Robert Trevelyan en de schilder Rex Whistler.

Lina en Aubrey gingen vooral op in hun eigen artistieke bezigheden en lieten zich aan hun kinderen weinig gelegen liggen. De enige die nog een beetje op hen lette was de tante van Lina, Janet Ross die op een landgoed nabij Florence woonde en daar de aanvoerdster was van de Anglo-Florentijnen. De Engelsen kwamen daar al sinds eind 19e eeuw graag wonen. 

Janet Ross was een formidabele dame, die verscheidene boeken had gepubliceerd en niet bang was om voor haar stellige meningen uit te komen. Zelfs Virginia Woolf werd tijdens de thee eens door haar op haar plaats gezet. Ze woonde op Poggio Gherardo, een landgoed dat al genoemd werd door Boccaccio in zijn Decamerone en dat in 1888 door Janet Ross en haar echtgenoot gekocht werd.
Janet Ross
Toen tante Janet in 1927 stierf, liet ze het vruchtgebruik van het landgoed Poggio Gherardo aan Lina na. De familie Waterfield verhuisde naar Florence en het kasteel in Aulle werd alleen nog voor de vakanties gebruikt.  

Kinta groeide op en werd een jonge vrouw, terwijl in Italiƫ ondertussen de fascisten steeds meer macht kregen.

Na Kinta’s huwelijk vertrok ze naar Engeland, maar haar ouders bleven in Florence, ondanks het feit dat Lina dank zij haar kritische artikelen niet echt geliefd was bij de regering. Toen de oorlog uitbrak wisten Aubrey en Lina maar net de grens met Frankrijk over te komen om uiteindelijk veilig in Engeland aan te komen.

Na de oorlog ging Lina terug naar Poggio Gherardo en zij leefde hier nog enkele jaren, Aubrey was intussen overleden. Kinta zou met haar gezin nog elk jaar in Italiƫ op vakantie komen.

Het kasteel in Aulle
Kinta Beevor haalt in A Tuscan childhood de herinneringen op aan alles wat ze heeft meegemaakt, de typische dingen van de streek, de gerechten die gekookt werden, de manier waarop de Italianen en de Engelsen met elkaar omgingen. Ze weet dit te doen zonder in sentiment te blijven hangen, maar vertelt gewoon zoals het was.

Tegelijkertijd is er wel het besef dat het een verdwenen wereld is waarin zij opgroeide, een wereld die niet meer terug zal komen. De wederopbouw na de oorlog zorgde voor een andere maatschappij, het landgoed en het kasteel werden uiteindelijk verkocht waarbij het lot van het kasteel wel heel triest is. Dat viel in handen van de staat en het zou in originele staat hersteld moeten worden, waarbij de daktuin en zelfs het dak verwijderd werden.

Naast een heel persoonlijk verslag van haar eigen jeugd, geeft A Tuscan childhood ook een beeld van de Anglo-Florentijnse gemeenschap en daarmee van verschillende aspecten van de Toscaanse en Florentijnse geschiedenis. Hierdoor blijft het boek niet steken in wat arbitraire jeugdherinneringen, maar geeft het ook een beeld van een generatie en wint het aan diepgang en waarde.
Een bijzonder interessant boek.

Uitgegeven in 1993, deze paperback uitgave in 2015
In het Nederlands vertaald als: Een jeugd in Toscane

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...