Tentoonstelling: Vincents weg naar wereldroem
Tegenwoordig is Vincent van Gogh een naam die over de hele wereld bekend is. Vanuit alle landen komen er mensen zijn werken bewonderen in het museum dat helemaal aan hem gewijd is, en afbeeldingen van de Zonnebloemen, de Amandelbloesem of de Irissen zijn iconisch.
Van Gohg's schilderijen worden voor miljoenen verkocht, en als je je geen origineel schilderij kunt veroorloven, dan heb je de mogelijkheid om alles te kopen met de schilderijen erop, van posters tot sleutelhangers en van sokken tot mokken en boekenleggers.
Toen Vincent van Gogh in 1890 overleed, was het nog helemaal niet zeker dat zijn schilderijen zo bekend zou worden en dat zijn naam over de hele wereld weerklank zou vinden. Toen hij overleed waren er al wel positieve recensies over zijn werk geschreven, maar commercieel succes was er zeker nog niet. Vincent had nog maar één werk verkocht.
Het zal voor de meeste mensen wel bekend zijn dat Theo, de broer van Vincent, hem zijn hele kunstenaarsleven heeft ondersteund. Niet alleen met geld, maar ook met bemoediging. Bovendien bespraken de broers regelmatig kunst en waren de brieven die Vincent aan Theo schreef voor hem ook een manier om zijn ideeën over kunst op een rijtje te zetten. De broers wisselden ook schilderijen van bevriende kunstenaars uit, en zo werd al een mooie verzameling opgebouwd.
Het is deze verzameling, samen met de werken die Vincent aan zijn broer stuurde, die de basis vormt van wat nu Het Van Gogh Museum is. Dit is vooral te danken aan twee mensen, Jo van Gogh-Bonger, de weduwe van Theo, en hun zoontje Vincent Willem.
Het is Jo die na de dood van Theo in 1901 terug kwam naar Nederland met alle schilderijen van Vincent in haar bagage. Ze heeft er alles aan gedaan om Vincent's naam bekendheid te geven. Zo heeft ze de brieven van Vincent aan Theo laten uitgeven, verkocht ze sommige werken zodat de schilderijen een groter bereik zouden krijgen en heeft ze in 1905 de eerste grote van Gogh tentoonstelling georganiseerd in het Stedelijk Museum.
Haar zoon Vincent Willem koos in de eerste instantie een andere carrière, maar hij besefte wel dat hij iets moest met de nalatenschap van zijn beroemde oom. Hij wilde voorkomen dat de collectie verspreid zou raken na zijn dood en in 1961 werden de werken en brieven ondergebracht in een stichting. Toen kwamen de plannen voor een museum, dat in 1973 werd geopend.
In de eerste instantie hadden sommige mensen het idee dat een museum specifiek over één kunstenaar weinig bestaansrecht had, maar dat bleek al snel dat die angst ongegrond was. Vandaag de dag komen er 1.8 miljoen bezoekers per jaar, vanuit de hele wereld.
De tentoonstelling Vincents weg naar wereldroem laat deze reis zien, en de tentoonstelling is mooi opgebouwd, zoals eigenlijk altijd. Prachtige schilderijen uit bijzondere momenten van Vincents leven, zoals de Amandelbloesem die hij schilderde voor zijn pasgeboren neefje.
Ondanks dat veel me al wel bekend was, heb ik er toch van genoten en ik vind het leuk om toch nog altijd nieuwe dingen te zien en te leren.
Een schilderij dat ik nog niet eerder had gezien omdat het bij een privé-collectie hoort, of feitjes die me onbekend waren. Ik wist bijvoorbeeld niet dat tijdens de Tweede Wereldoorlog de schilderijen in de een bunker in de duinen bij Castricum verborgen waren. Of dat in het museum er in de eerste instantie veel natuurlijk licht binnenkwam, omdat hier de schilderijen het beste in uitkwamen, maar dat ze dat al snel hebben aangepast omdat het licht ook de kleuren aan taste!
De tentoonstelling is niet groot, maar wel de moeite waard. Mijn enige kritiekpunt is dat ik de teksten in de zaal een erg hoog Jip en Janneke gehalte vond hebben. Misschien is dit gedaan om een jonger publiek er beter bij te betrekken, maar ik ergerde me en voelde me regelmatig erg betuttelend en neerbuigend aangesproken. Stomme bordjes.
De tentoonstelling is nog te zien tot en met 6 september 2026.





Reacties
Een reactie posten