vrijdag 13 april 2012

De kathedraal van de zee, Ildefonso Falcones

De kathedraal van de zee’ is een prachtige historische roman van Ildefonso Falcones.

Het begint in 1320, op het platteland nabij Barcelona. Een feestelijke dag voor de horige boer Bernat Estanyol die trouwt, maar de heer van het land komt zijn rechten eerst opeisen. Daarna dwingt hij Bernat om de volgende te zijn, om te voorkomen dat de heer negen maanden later een bastaard moet erkennen. Bernat’s vrouw komt deze verschrikkelijke gebeurtenissen bijna niet te boven. 

Als er negen maanden later een kindje geboren wordt, is het door een moedervlek duidelijk dat het de zoon van Bernat is.
De heer van het land is niet van plan om deze belediging te verduren en wil van het kind af.

Bernat weet echter zijn zoontje te redden en vlucht met hem naar Barcelona, waar ze veilig kunnen zijn tot ze vrij kunnen zijn. Ze mogen bij Bernats zuster wonen, die getrouwd is met iemand die hogerop wil in de politiek in Barcelona. De twee gevluchte horigen komen niet gelegen, maar als ze hard werken en stil zijn mogen ze blijven, zolang niemand er maar achter komt wie ze zijn.

Arnau, zoals het jochie heet, groeit op, maar de moeilijkheden zijn nog niet over. Gelukkig is daar de vriendschap die hij sluit met de jonge Joan, die een bijna nog erger lot heeft. Beide jongens hebben geen moeder, maar Bernat vertelt hen dat de Heilige Maria hun moeder is. De jongens besluiten haar te gaan zoeken en komen bij de nieuwe kerk die gebouwd wordt, de Santa Maria del Mar, de Heilige Maria van de Zee. Een belangrijke rol in de bouw is weggelegd voor de zakkendragers, die de stenen voor de nieuwe kathedraal aansjouwen. Arnau en Joan voelen zich verbonden met de zakkendragers en helpen hen door bijvoorbeeld water aan te dragen.

Zo raken zij betrokken bij de bouw van de kerk. Als hij opgroeit, komt Arnau ook in het zakkendragersgilde. Joan wordt geholpen door pastor Albert en mag leren op school. Hij is bedoeld voor de kerk. Hij zal intreden in de Franciscaner orde en uiteindelijk overstappen naar de Dominicanen. Bernat is ondertussen tijdens een opstand om brood en voedseltekorten ter dood veroordeeld en deze gebeurtenissen zorgen voor een levenslange haat tussen Arnau en de familie van zijn vader.

Arnau trouwt, maar zal zijn vrouw verliezen tijdens de pestepidemie die in 1348 begint. Overal in Europa krijgen Joden de schuld van deze ziekte en ook in Barcelona wil men de Jodenwijk in om de Joden een lesje te leren. Arnau weet in de chaos drie Joodse kinderen te redden en hun vader helpt Aurnau uit dankbaarheid een nieuwe zaak als geldwisselaar op te zetten. 

Het lijkt erop dat het geluk voor Arnau is; hij wordt rijk en gerespecteerd en tijdens een beleg weet hij zelfs zijn stad te redden met een list. Als dank krijgt hij een nichtje van de koning tot vrouw. Het leven kan voor Arnau bijna niet beter worden en inderdaad: het ongeluk begint weer. Als alle vijanden van Arnau samenkomen om tegen hem samen te spannen, eindigt hij zelfs in de kerkers van de Inquisitie op verdenking van ketterij. Zal Joan zijn pleegbroer in staat zijn hem eruit te halen? En welke rol speelt de oude vrouw die in de kerker naast hem zit?

De kathedraal van de zee’ is magistraal, overdonderend en kleurrijk. Je huivert af en toe van afgrijzen, leeft mee met alles wat Arnau en zijn familie meemaken en je hoopt soms hardop dat het goed zal komen. De Middeleeuwen komen in deze roman heel dichtbij, rauw en soms gruwelijk en met de dood altijd vlakbij. Ildefonso Falcones is erin geslaagd om in het verhaal ook nog uitleg te verweven over Barcelona en de 14e eeuw, zonder dat dit storend is voor mensen die daar niet zo op gesteld zijn. (voor mij kan er geen geschiedenis genoeg in voorkomen, maar dat geldt natuurlijk niet voor iedereen.)

Ik heb dit verhaal ademloos uitgelezen en ik was zelfs blij dat ik weinig tijd had om te lezen; op die manier kon ik tenminste lang over doen.  

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...