donderdag 21 november 2013

Harvest, Jim Crace

Een klein dorpje in Engeland, een gehucht eigenlijk met nog geen 60 mensen. Op de ochtend nadat de oogst is binnen gehaald staat de duiventil van de landheer meneer Kent in de fik. Het onverwachte gevolg van een kwajongens streek, maar dat kan evengoed vervelende consequenties hebben.
Gelukkig zijn er die nacht ook drie vreemdelingen gearriveerd en als de dorpelingen hen opzoeken worden ze niet erg vriendelijk begroet. Het oordeel is dan snel geveld: deze drie vreemdelingen hebben de brand gesticht en moeten gestraft worden. Hun hoofden worden kaalgeschoren en de twee mannen worden een week in de schandpaal gezet. De rust keert echter niet weer, want deze onrechtvaardige daad blijft niet alleen staan en krijgt een vreselijk gevolg.
Ondertussen blijken er nog meer gevaren zijn die het dorp bedreigen. Er is een vreemde man in dienst van de landheer meneer Kent die het land helemaal in kaart brengt. Hoewel de dorpelingen een beetje de draak met hem steken, verontrust het hen ook. Ook komt de aangetrouwde neef van meneer Kent op bezoek die heel andere plannen heeft met het land en die bereid is om heel ver te gaan om dit te bereiken. De reactie van het dorp is hevig en gewelddadig en zal het dorp onherkenbaar veranderen.

Overal in Engeland werden vanaf de 16e eeuw akkers in gebruik genomen voor schapenteelt, dat meer opleverde. De boeren hadden geen land en inkomsten meer en velen moesten een nieuwe woonplaats zoeken. Vaak was men niet welkom in een ander dorp, dat zelf maar net kon overleven.

De drie vreemdelingen die hun hutje hadden gebouwd op de woeste gronden bij het dorp worden gezien als een bedreiging; de twee mannen spannen hun bogen en de vrouw is te exotisch met haar donkere haar en de rijk geborduurde fluwelen sjaal die ze om heeft. Mistress Beldam wordt ze genoemd. Een mooie vrouw die voor moeilijkheden zorgt. Zij wordt de focus van het dorp van al hun ontevredenheid en krijgt de schuld van alles dat mis gaat, van de melk die zuur wordt tot de schapen die zullen komen.

Hoe snel kan het mis gaan in een kleine gemeenschap? Heel erg snel, blijkt in dit boek.
Walter Thirsk ziet het dorp waar hij woont binnen de kortste keren veranderen. De rijen worden gesloten in het zicht van de vijand, vermeend en echt. Heel duidelijk wordt hoe kwetsbaar het leven was van mensen in vroegere tijden en hoe klein de wereld was. Iedereen in het dorp is familie van elkaar en de jongemannen hebben weinig toekomst want er is bijna geen vrouw voor hen te vinden. Eén regenbui voordat de oogst wordt binnengehaald kan een doodvonnis betekenen en elke vreemdeling is een bedreiging. De kaartenmaker meneer Quill en de neef van meneer Kent zijn echter te hoog verheven voor de dorpelingen om hier effectief tegen te protesteren, zij koelen hun woede op de vreemdelingen die ze wel aankunnen.

Walter, vanuit wiens ogen wij de gebeurtenissen zien, is zelf een buitenstaander. Hij was de bediende van meneer Kent en is pas enkele jaren geleden in het dorp komen wonen. Hij werd getolereerd omdat hij een vrouw uit het dorp trouwde, maar zij is nu overleden. Nu de situatie in het dorp grimmiger wordt en de dreiging reëler, maakt het dorp Walter al snel duidelijk dat hij er niet bij hoort. Zijn loyaliteit wordt niet duidelijk, geldt die het dorp, of geldt die meneer Kent? Dit is voor Walter zelf ook niet altijd meer duidelijk. Hij blijft buiten de gebeurtenissen staan en blijft hierdoor op afstand van het dorp. Daarmee blijft het dorp op afstand van ons.

Dit is dan ook meteen het probleem van het boek, het blijft allemaal erg afstandelijk. Je leert alleen Walter kennen, maar de anderen blijven je ontglippen. Daarbij komt dat nergens in het boek wordt aangegeven in welke plaats en in welke tijd het zich exact afspeelt. Vooral dat laatste vond ik persoonlijk heel erg lastig. Ik mag graag precies weten wanneer iets zich afspeelt, omdat ik het dan kan plaatsen in de geschiedenis en de wereld waarin men leefde. Door enige deductie en logisch nadenken kwam ik uit op rond 1500, maar zeker is dit niet. Het verhaal blijft voor mij daarom een beetje rondzweven in plaats en tijd.

Het mooie taalgebruik en de sfeer van het boek blijven je bij. De sfeer van de kleine gemeenschap in het afgelegen dorp dat maar net het hoofd boven water kon houden om toch ten onder te gaan in de gebeurtenissen waar ze maar voor een klein deel invloed op uit konden oefenen.

Dit boek hebben we gelezen voor en besproken op de bijeenkomst in Zwolle afgelopen zaterdag. Dankzij de inzichtingen van iedereen heb ik het idee dat ik het boek beter snapte, dus mijn dank aan iedereen, niet alleen voor de interessante gezichtspunten, maar zeker ook voor de gezellige middag!
Mijn bespreking hier is zeker niet volledig, maar Hella en Anna hebben het boek ook besproken.

Gepubliceerd in 2013

2 opmerkingen:

  1. Leuk om jouw interpretatie te lezen, Bettina. Ik heb inmiddels ook een link naar deze bespreking gemaakt op mijn eigen blog. Ik denk dat de drie tot nu toe verschenen besprekingen elkaar mooi aanvullen. Nou Koen nog.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dank je wel, Anna. Ik vind het leuk te zien hoe verschillend onz besprekingen toch weer geworden zijn!

      groetjes,

      Verwijderen

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...