De 100 jarige man die uit het raam klom en verdween. Jonas Jonasson

Allan Karllson wordt 100 jaar en heeft geen zin in de festiviteiten met de wethouder, de pers en de hoofdzuster en hij gaat ervan door. Hij klimt uit het raam, gaat naar het busstation en wacht op de volgende bus. Een onvriendelijke jongeman zegt dat Allan  op zijn koffer moet passen terwijl hij naar de wc gaat. Omdat de jongeman zo onbeleefd is, heeft Allan er weinig problemen mee om de koffer mee te nemen als zijn bus vertrekt voordat de jongen terug is.

Dan begint er een reis vol avonturen. Allan blijkt namelijk de koffer van een criminele bende te hebben gestolen en die bende wil de vijftig miljoen die erin zit graag terug. Op de vlucht komt Allan mensen tegen die hem helpen en die bij de reis betrokken raken. Daaronder zijn een olifant, een hond, een snackbareigenaar die zo’n beetje elke studie onder de zon heeft gedaan, de broer van de snackbareigenaar, een Schoonheid die de eigenaresse van de hond en de olifant is en de verloofde van de snackbareigenaar wordt, een oplichter, een bendeleider en de commissaris van politie. Het wordt bijna een roadmovie van Quentin Tarantino achtige omvang.

Ondertussen wordt het verhaal van Allan’s leven verteld. Tijdens de afgelopen honderd jaar heeft Allan kans gezien om bij bijna elke belangrijke gebeurtenis in de wereldgeschiedenis aanwezig te zijn en een cruciale rol te spelen. Hij vecht in de Spaanse burgeroorlog, ontmoet Stalin en wordt vrienden met president Truman, redt de levens van generaal Franco en Winston Churchill, is en passant aanwezig bij de ontwikkeling van de atoombom, het communistisch worden van China en de rellen in Parijs in 1968. Hij heeft gevangen gezeten in de Goelag, weet te ontsnappen uit de cellen van de veiligheidsdienst in Teheran en steekt de Himalaya over.
En dat alles ondanks, of misschien zelfs wel dank zij, zijn volstrekt  apolitieke levensopvatting. Allan maakt zich niet druk en is volstrekt optimistisch. Zijn levensmotto is; ‘Het is wat het is en het wordt wat het wordt’. Zolang hij regelmatig een brandenwijntje krijgt is het hem allemaal wel goed.

Dit stelt hem in staat om overal door heen te komen met bewonderenswaardig gemak, een dosis geluk en een hele hoop humor. Want wat is dit boek grappig. Ik heb regelmatig hardop gegierd van het lachen en moest soms het boek wegleggen om mijn tranen weg te vegen.
Wat een geweldig boek en wat een aanrader. Er schijnt een film van gemaakt te worden en ik kan niet wachten.

Reacties