Venice, pure city, Peter Ackroyd

Peter Ackroyd kende ik al van zijn biografieën over Londen en Thomas More en ik was blij verrast van zijn hand ‘Venice, pure city’ te vinden.
In dit boek beschrijft hij Venetië, aan de hand van verschillende thema’s en loopt op die manier door de geschiedenis van deze bijzondere stad heen.

Venetië is ontrokken uit de zee en de zee is voor de inwoners aan de ene kant iets waar ze trots op zijn, trots dat ze hun stad ondanks de zee hebben kunnen bouwen, maar aan de andere kant is het ook iets waar ze zich nooit echt goed mee op hun gemak hebben gevoeld. Zo kon bijvoorbeeld bijna geen Venetiaan zwemmen. Ze proberen de zee vooral te vangen en te onderwerpen.

Dat glas een van de belangrijkste producten uit Venetië is, is volgens Ackroyd geen verrassing. Het heeft dezelfde lichtheid en doorzichtigheid als de zee, glas ís de zee maar dan gestold, onder controle gebracht.

Als je naar de plattegrond kijkt, dan zie je dat Venetië de vorm van een vis heeft, met het grote kanaal, het Canal Grande dat er zich door heen slingert. 

De stad is verdeeld in 6 wijken, en in elke wijk zijn er van oudsher verschillende parochies. Een gemeenschap rond de kerk en het kerkplein, de campo. In een campo gebeurde alles, je had hier de markt, de winkels, de waterpomp, de begraafplaats. Hier vond het leven van de mensen plaats. Er waren tot in de 20e eeuw mensen die niet vaak of zelfs nooit in een andere wijk kwamen, waarom zouden ze? Alles wat ze nodig hadden was in hun eigen wijk te vinden.

La bella figura
In heel Italië, maar vooral in Venetië, was het maken van ‘la bella figura’ heel belangrijk;  een goed figuur slaan. De huizen in Venetië zijn dan aan de buitenkant ook prachtig, druk versierd en vol verrassingen en mooi dingen. De binnenkant was een stuk minder comfortabel. Mensen nodigden vrienden meestal niet thuis uit. Het priveleven speelde zich vooral op straat af, je sprak je vrienden, je familie op de campo. Mensen wisten alles van elkaar.

Het bestuur
Aan de andere kant was het openbare leven, het bestuur van de staat, volstrekt in nevelen gehuld. De archieven waren uitgebreid (alleen het Vaticaan heeft uitgebreidere archieven), maar zelfs de Doge mocht daar niet zonder toestemming en zonder begeleiding naar toe. De archieven werden beheerd door iemand die zelf niet kon lezen en schrijven. Het bestuur van de stad was volkomen ondoorzichtelijk, met verschillende kamers en organisaties, die elk voor een ander deel van het bestuur of de rechtspraak verantwoordelijk waren. Elkaar soms tegensprekend, elkaar soms overlappend. 

Er waren zoveel wetten in Venetië, dat niemand precies wist welke wetten er waren. Soms kon het voorkomen dat een bestuurder zich herinnerde dat er een wet over een bepaald onderwerp moest bestaan, maar die niet terug kon vinden. Dan werd die wet alsnog geschreven om opnieuw vergeten te worden.

Hoewel de eerste inwoners erg initiatiefrijk en creatief geweest moesten zijn, was het al heel snel zo dat het bestuur van Venetië er vooral op gericht was om de status quo te handhaven. Zo’n 900 jaar heeft het bestuur er in principe hetzelfde uitgezien. Nieuwe dingen of uitvindingen werden niet aangemoedigd, tenzij het geld opleverde. De eerste handelsbank werd opgericht in de 13e eeuw in Venetië. Zij waren ook de eersten die kwamen met een soort ‘lopende band produktie’, waar schepen binnen een paar uur in elkaar gezet konden worden, maar dit was vooral heel praktisch. Venetië was vooral een stad van handelaren. Oorlog of vrede was de Venetianen om het even, aan beide situaties kon geld verdiend worden. De Ventiaanse diplomaten stonden eeuwenlang bekend om hun geheimzinnigheid en om hun manieren om twee of meer partijen tegelijk te bespelen, om op die manier de uitkomst te krijgen die het meeste voordeel voor Venetië opleverde.

Een stad van uitersten 
De ideeën van de Renaissance, het debat om het debat, cultuur, dat was allemaal niet zo heel belangrijk voor de Venetianen. Er waren wel verzamelaars, maar die zagen hun kunst collecties vooral als investering.
Toch kwamen er prachtige kunstwerken uit Venetië. Schilders als Bellini, Tintoretto en Titiaan komen uit Venetië en hun werken ademen de pracht van de stad, de invloed van de zee en de contrasten van de stad.

Want Venetië is een stad van uitersten, een stad van steen waarin bijna geen echte natuur meer te vinden is. In de middeleeuwen waren er heel veel tuinen, maar die zijn bijna allemaal verdwenen. Er waren geen paarden en koeien in de stad en de adel werd in Italie bespot omdat ze niet konden paardrijden. Maar in hun schilderijen lieten de Venetianen de natuur zien en dan vooral de natuur die ze wel kenden. De honden en katten op de schilderijen van Titiaan zijn daarvan een goed voorbeeld.

Aparte stad
Venetië voelde zich nooit deel van Italië en tot op de dag van vandaag neemt Venetië in de gedachten van de andere Italianen en in hun eigen ideeën een aparte plek in. Volgens historici begint de stedelijke samenleving als de overgang van de landbouw naar de stad komt. In Venetie heeft de bevolking nooit aan landbouw gedaan, de stad is eigenlijk meteen ontstaan als stad.

Het is een eiland en de manier van denken is nog altijd isolationistisch. Maar in al haar apart-zijn, apart staan, in de manier van denken die zoveel kanten op kan, in de stad zelf, waarin elke campo eigenlijk een Venetie in het klein is, is Venetie, de stad van steen en water, misschien wel de meest pure stad die er te vinden is.

Uitgegeven in: 2010
Geen Nederlandse vertaling

Reacties